GELUKmanagement

overasselt ven

Gelukmanagement

Geluk lijkt overal verkrijgbaar als je de moderne commercie mag geloven. Maar we weten uit eigen ervaring hoe zeldzaam bepaalde vormen van geluk te vinden zijn zoals echte vriendschap en een relatie voor het leven. Vooral als je die relatie niet hebt en er naarstig naar op zoek bent of als je nauwelijks vrienden hebt maar ze wel graag zou willen hebben.
Zelfhulpboeken en zelfhulpgroepen bieden allerlei oplossingen aan en ‘Happiness’ is een thema dat overal aan de man wordt gebracht en het wel lijkt of iedereen er op dit moment naar smacht. Zeker als het leven onder druk staat door werkstress, prestatieverwachtingen en andere vormen van verlangens die op het leven en op de eigen werksituatie worden geprojecteerd. Men moet voor zichzelf en voor (vaak fictieve) anderen voldoen aan bepaalde verwachtingen anders is het leven niet geslaagd en beschouwt men zijn eigen functioneren als onvoldoende.
Toch vreemd eigenlijk dat we dergelijke meetlatten hanteren en die naast ons dagelijks leven leggen om te kijken hoe goed we eigenlijk zijn en of we voldoen aan de zelf opgelegde normen. Van studenten hoor ik heel vaak dat ze van zichzelf dagelijks lijstjes moeten afwerken en als dat niet lukt gaan ze met een ontevreden gevoel naar bed. Sommigen beperken bewust de lengte en de inhoud van de lijstjes, dan zijn ze tenminste nog een beetje blij op het einde van de dag.
Naast ambitie en verwachtingen, verlangens om uit te blinken, te schitteren, op te vallen en vooral om mee te tellen speelt er nog een ander fenomeen dat zo oud is als de mensheid: de drang om te beheersen, te manipuleren, de dingen naar je hand zetten. Wij mensen zijn wezens die ingesteld zijn om de wereld zo aan te passen aan onze wensen en verlangens dat we voortdurend hiermee bezig zijn. In de filosofie heeft men eeuwen lang classificaties en systemen bedacht om de kijk op de wereld vorm te geven en gebieden van elkaar af te grenzen. Hierin wordt duidelijk hoe er gedacht wordt: in contingenten, in afdelingen, in afgebakende begrippen en ideeën. In de techniek wordt dit dan waargemaakt en het landschap verandert verandert voor onze ogen. Concepten worden waarheid, het mooist verbeeld in ons wegennet en s’ nachts in het licht dat overal schijnt vanuit de metropolen, de grote conglomeraties en de wegen die het land doorkruizen. Het licht is op deze wijze een mooie verbeelding (niet alleen als metafoor) van onze beschaving die langzaam de woeste natuur heeft opgeslokt.
De wereld en het wereldbeeld voor de Neanderthaler ziet er volslagen anders uit dan de wereld en het wereldbeeld van de Middeleeuwer en voor ons 21e eeuwse mensen. In onze wereld bestaan voorwerpen waar onze voorgangers volstrekt geen idee van zouden hebben gehad en als ze hier zouden rondlopen zouden ze niet weten wat ze zien omdat niets aan hun voorstellingen beantwoordt. Het wereldbeeld, zo vermoed ik, kleurt en staat aan de basis van ons handelen en onze kijk op de wereld en op onze menselijke mogelijkheden. Maar dit wereldbeeld is vanuit de filosofie gaan kantelen toen bleek dat de functionele benadering, het doelgerichte en het manipulatieve niet altijd meer werken. Het structuralisme kwam met het idee dat wij allen onderdeel zijn van grotere structuren en dat deze ons handelen kleuren en voorbestemmen. Dat beseffen we wel maar hoe die structuren er dan uitzien en wat het werkelijk betekent voor ons zelfverstaan is nog niet overal doorgedrongen.
Als je de wereld en je eigen dagelijks leven blijft benaderen vanuit het idee dat jij aan de touwtjes trekt, dat jij bepaalt wat er gebeurt en hoe jij functioneert heb je het eigenlijk niet begrepen. Je hebt geen zeggingschap meer, niet meer over je privacy, niet meer over je lichaam, niet meer over je werk en al helemaal niet over je context. Die tijd is voorgoed voorbij. Omdat je bent opgenomen in talloze netwerken en onderdeel bent van die netwerken waar je helemaal geen macht over hebt. Je bent hoogstens doorgeefluik van informatie, van bepaalde wijzen van handelen die in jouw situatie en in jouw ogen misschien het beste zijn, maar waarvan je absoluut niet zeker weet of dit ook werkelijk zo is. Vanuit jouw perspectief treedt je op en handel je, heb je gedachten en verwachtingen. Maar als je knooppunt en deel bent van een netwerk en van talloze netwerken wordt je gestuurd, geleid, van informatie voorzien en voorzie jij anderen weer van informatie die je niet zelf bedacht of ontwikkeld hebt.
Wetenschappers hebben al veel eerder ontdekt dat ons actie-reactievermogen in het werkelijke leven samenhangt met een beloningssysteem in ons brein. Als deel van (onzichtbare) netwerken reageert ons lichaam nog steeds op een zelfde wijze ook als veel van onze reacties en acties via computer, smartphone en tablet gaan, dus in principe een groot virtueel karakter hebben.
Het feit dat ons lichaam reageert op die signalen die wij ontvangen via smartphones, sociale media en andere middelen, (het woord middel klopt eigenlijk al niet meer, want het zijn geen middelen die bemiddelen en die buiten ons staan, het zijn eigenlijk verlengstukken van ons lichaam die ons functioneren binnen het netwerk mogelijk maken en vergemakkelijken), laat zien dat de beloning in de hersenen als we reageren, een voortzetting is van eenzelfde principe maar nu op het virtuele vlak. Een boek lezen en daarvoor beloond worden door geluksgevoelens, of door andere gevoelens, is eigenlijk hetzelfde. Een taak volbrengen en daar een hele dag op teren omdat het je zo goed afging, een andere vorm. Kortom we geven onszelf en we ontvangen de hele dag kleine beloninkjes als we handelen en als we dat positief waarderen op onze zelf aangelegde en vaak onbewuste schaal van prestaties. In de nieuwe situatie waarin we ingebonden zijn in netwerken is dat niet anders en bepalen onze prestaties en onze acties en de reacties die wij ontvangen hoe we ons voelen en of ons brein ons beloont voor onze inspanningen. In feite zit je dan nog steeds in het functionele patroon van willen beheersen en willen sturen. Want je maakt je afhankelijk van de beloning. Misschien doe je dat niet bewust en heb je er ook geen idee van dat je brein dit doet, maar toch, het vindt wel plaats.
Kunnen we dit doorbreken, en moeten we dit doorbreken? Is het slecht voor je geestelijk welbevinden? Er zit een zekere mate van verslaving, van afhankelijkheid aan dit systeem. Een maand geen sociale media, geen smartphone, het kan, het geeft misschien meer rust, maar daarmee ben je nog niet opeens geen onderdeel meer van talloze netwerken. De informatie komt alleen minder snel bij je binnen maar onderdeel en deel ervan ben je nog steeds. Probeer maar eens een identiteitsbewijs te verkrijgen zonder digitale identiteit.
Het managen van je werkelijkheid en je leven is volgens mij in principe niet meer mogelijk en dus ook van je geluk niet omdat dit uitgaat van de verkeerde premisse. Niet het beheersen moet je willen, maar het je aanpassen binnen de grotere gehelen en daarin je eigen stukje vrijheid waarmaken als uniek (want lichaamsgebonden, maar voor hoelang nog) wezen dat plaats inneemt op deze aarde. Een druppeltje in de oceaan en daarvan je bewust zijn en daarvan het beste proberen te maken zonder al te veel aan de verleiding bloot te staan om te willen blijven beheersen. Dat is een hele uitdaging, dat vergt heel wat omdenken, nieuw denken, een nieuw zelfbesef, ook lichamelijk. Huiswerk voor de toekomst. Wie weet welke vorm van lente dan nog aanbreekt in ons denken en in de uitwerking van ons wereldbeeld met het oog op geluk.

John Hacking
21 maart 2015