Omslagpunt (2) The Matrix

Toen in 1999 de film The Matrix verscheen was verbeelding van de virtuele wereld in de film nog grotendeels een vorm van science fiction. Inmiddels zijn we wat jaren verder en is ‘virtualiteit’ hard op weg om onze realiteit in een ander daglicht te plaatsen. Ik spreek over virtualiteit in deze als een concreet effect van de digitalisering van onze werkelijkheid en beschouw virtualiteit niet meer alleen als een mogelijkheid maar als een nieuwe werkelijkheid waar we ons toe moeten verhouden. De invloeden van de aanwezigheid en de mogelijkheid van virtuele werelden doen zich gelden en kleuren steeds meer onze kijk op de werkelijkheid. Het is bijna al niet meer voorstelbaar hoe de werkelijkheid is zonder deze virtuele invulling. Laat je smartphone maar eens thuis. De google-bril die ons actuele informatie verschaft en meteen doorgeeft wat we waarnemen is een ander simpel voorbeeld.

In de matrix zijn alle mensen met elkaar verbonden omdat ze deel uitmaken van een grote broedmachine. De beleefde werkelijkheid in hun hoofd is puur virtueel. In de broedmachine leveren ze energie aan het systeem. Daarom worden ze, zo lijkt het, in leven gehouden. De echte werkelijkheid buiten de machine is er een van troosteloosheid en het landschap is meer dan doods. Dieren en planten ontbreken volledig. De mens bestaat of in de broedmachine of op plekken waar de machines nog geen invloed hebben. De afhandeling van alle processen in de machinewereld vinden op een mechanische wijze plaats en de machines zijn net als insecten voorzien van zintuigen om eventuele storingen in het proces op te merken en te verhelpen. Storingen zijn in deze mensen die zich ontworstelt hebben aan de slavernij van de broedmachine. Ze zijn vrij, wat we daar dan ook onder mogen verstaan. Hun waarneming van de werkelijkheid wordt niet meer alleen bepaald door de software van de machine-werkelijkheid.  Ze kunnen kiezen om te pluggen in het systeem of er buiten te blijven. Zijn ze ingeplugd, dan doen ze mee in de virtuele werkelijkheid en kunnen ze daar een rol spelen. Ook de dood bestaat nog ondanks de virtualiteit. In de film is de virtuele dood binnen de werkelijkheid van de software ook een reële dood buiten deze werkelijkheid.

Als je over deze realiteit nadenkt waarin de mens gereduceerd is tot energieproducent komen een aantal vragen boven. Waarom geen planten of dieren ingezet om te dienen als producent? Algen die energie produceren, of kippen die virtueel leven en zo energie afgeven? Vanuit menselijk perspectief is dat natuurlijk minder interessant want de film gaat uiteindelijk niet over virtualiteit maar over verlossing, over een messias die de menselijke slaven bevrijdt van de machine-heerschappij. Maar waarom zouden machines er  belang bij hebben om mensen te verslaven? Waarom ook op deze simplistische wijze vorm gegeven via insektachtigen en varianten op bestaande species? Stel dat er echt een computerrealiteit ontstaat waarin een kwade genius de wereld wil beheersen, een soort van software die almachtfantasieën ontwikkelt, dan kan dat toch veel simpeler en sneller worden aangepakt dan via een mechanistisch functionerende broedmachine?  Via verleiding bijvoorbeeld, dat mensen vrijwillig hun controle opgeven over de werkelijkheid die ze ervaren, omdat er iets tegenover staat. Een vorm van beloning, een trigger, die hen aanzet om zonder morren mee te gaan in het proces. Chemische beïnvloeding van de hersenen en de organen bijvoorbeeld, via het drinkwater en de voedselketen. Of uiteindelijke designerbaby’s die vooraf al kant en klaar worden gestoomd voor dit nieuwe wereldbeeld en deze nieuwe wereld. Software die een wereld schept naar haar beeld en waarin de mens niet meer zelfstandig rondwandelt maar deel is van het proces. Het is trouwens niet voor niets dat de wereld in de matrix buiten de broedmachine en buiten alle virtualiteit grauw en doods is. Alles is gereduceerd tot de werkelijkheid waarin de machine optimaal kan functioneren en daar passen geen vrije mensen in want die zijn zand in de machine.

De omslag van onze bekende realiteit naar een bijna volslagen virtuele realiteit is in de film voltrokken. De pogingen van de vrije mensen buiten het machine-bestaan zou je ook als oprispingen kunnen zien, een laatste stuiptrekking van de vrijheid die  zich in mensen manifesteert. Al zouden de mensen de overwinning behalen op de machine en de machines weer helemaal afhankelijk kunnen maken van de wil van mensen, dan nog is deze wereld niet de meest aantrekkelijke plek om te verkeren. Waar haalt de machine en de mens de hoogmoed vandaan om te denken dat de wereld zonder planten en zonder dieren zou kunnen? Ik vermoed eerder dat als we erin slagen als mensheid onze wereld grotendeels te vernietigen de kakkerlakken zullen overleven en talloze andere vormen van levende wezens. Zij nemen het dan over. Ik geloof dus eerder dat wij ondanks onze virtuele mogelijkheden niet naast onze schoenen moeten gaan lopen om onze wereld compleet te willen manipuleren. Techniek is mooi maar alleen maar techniek is een half leven. En volgens mij niet levensvatbaar, ook niet voor de menselijke geest. En alle macht aan de machines? Daar zijn machines als machines toch te dom voor. Dan zal er een andere optie moeten komen, maar zoals alles in de toekomst, is dat in nevelen gehuld.

John Hacking

16 februari 2016