He fought like those Who’ve nought to lose
He fought like those Who’ve nought to lose –
Bestowed Himself to Balls
As One who for a further Life
Had not a further Use –
Invited Death – with bold attempt –
But Death was Coy of Him
As Other Men, were Coy of Death –
To Him – to live – was Doom –
His Comrades, shifted like the Flakes
When Gusts reverse the Snow –
But He – was left alive Because
Of Greediness to die –
Emily Dickinson
Hij vocht als Wie niets te verliezen hebben –
Gaf Zichzelf aan de Kogels over
Als Iemand die voor de rest van zijn Leven
Verder geen Doel had –
Verzocht de Dood – in roekeloze zucht –
Maar de Dood was Bedeesd voor Hem
Waar Anderen Bedeesd waren voor de Dood –
Voor Hem – was leven – Doem –
Zijn Makkers, dwarrelden als Sneeuwvlokken
Wanneer Wind de Sneeuw omwentelt –
Maar Hij – werd levend achtergelaten Omdat
Hij Gretig wilde sterven –
Emily Dickinson
The Whole of it came not at once
The Whole of it came not at once –
‘Twas Murder by degrees –
A Thrust – and then for Life a chance –
The Bliss to cauterize –
The Cat reprieves the Mouse
She eases from her teeth
Just long enough for Hope to tease –
Then mashes it to death –
‘Tis Life’s award – to die –
Contenteder if once –
Than dying half – then rallying
For consciouser Eclipse –
Emily Dickinson
Het kwam niet Allemaal tegelijk –
Het was Moord in fasen –
Een Uithaal – dan een kans om te Leven –
De Blijdschap het dicht te branden –
De Kat geeft de Muis respijt
Ze laat haar tanden los
Net lang genoeg dat Hoop gaat plagen –
Dan vermorzelt hij haar dood –
De beloning van het Leven is – sterven –
In één keer geeft meer voldoening –
Dan half sterven – en weer opstaan
Voor een gewisser Dood –
Emily Dickinson
One and One – are One –
Two – be finished using –
Well enough for Schools –
But for minor Choosing –
Life – just – Or Death –
Or the Everlasting –
More – would be too vast
For the Soul’s Comprising –
Een plus Een – is Een –
Twee – doen we niet meer –
Goed genoeg voor op School –
Maar voor wie minder Kiest –
Alleen maar – Leven – Of Dood –
Of de Eeuwigheid –
Zou Meer – te omvangrijk zijn
Om te Begrijpen voor de Ziel –
Emily Dickinson
It always felt to me – a wrong
It always felt to me – a wrong
To that Old Moses – done –
To let him see – the Canaan –
Without the entering –
And tho’ in soberer moments –
No Moses there can be
I’m satisfied – the Romance
In point of injury –
Surpasses sharper stated –
Of Stephen – or of Paul –
For these – were only put to death –
While God’s adroiter will
On Moses – seemed to fasten
With tantalizing Play
As Boy – should deal with lesser Boy –
To prove ability –
The fault – was doubtless Israel’s –
Myself – had banned the Tribes –
And ushered Grand Old Moses
In Pentateuchal Robes
Upon the Broad Possession
‘Twas little – He should see –
Old Man on Nebo! Late as this –
My justice bleeds – for Thee!
Emily Dickinson
Het leek mij altijd – een onrecht –
Wat die Oude Mozes – was aangedaan –
Om hem Kanaän – te laten zien –
Zonder hem binnen te laten –
En al weet ik op een helder moment –
Dat er geen Mozes kan bestaan
Ik ben overtuigd – dat dit Verhaal
Waar het om onrecht gaat –
De grovere berichten overtreft –
Over Stefanus – of over Paulus –
Want deze –
werden alleen ter dood gebracht –
Terwijl Gods ingenieuzer plan
Zich op Mozes – scheen te concentreren
Met speelse Pesterijen
Zoals een Kind – doet met een kleiner kind –
Om te bewijzen waartoe hij in staat is –
De schuld – lag stellig bij Israël –
Ikzelf – had de Stammen verbannen –
En de Grote Oude Mozes binnengehaald
In Bijbelse Gewaden
Van het Uitgestrekte Bezit
Kreeg Hij maar weinig – te zien –
Oudje op de Nebo! Nog zoveel later –
Bloedt mijn rechtsgevoel – voor U!
Emily Dickinson
I measure every Grief I meet
I measure every Grief I meet
With narrow, probing, Eyes –
I wonder if It weighs like Mine –
Or has an Easier size.
I wonder if They bore it long –
Or did it just begin –
I could not tell the Date of Mine –
It feels so old a pain –
I wonder if it hurts to live –
And if They have to try –
And whether – could They choose between –
It would not be – to die –
I note that Some – gone patient long –
At length, renew their smile –
An imitation of a Light
That has so little Oil –
I wonder if when Years have piled –
Some Thousands – on the Harm –
That hurt them early – such a lapse
Could give them any Balm –
Or would they go on aching still
Through Centuries of Nerve –
Enlightened to a larger Pain –
In Contrast with the Love –
The Grieved – are many – I am told –
There is the various Cause –
Death – is but one – and comes but once –
And only nails the eyes –
There’s Grief of Want – and Grief of Cold –
A sort they call “Despair” –
There’s Banishment from native Eyes –
In sight of Native Air –
And though I may not guess the kind –
Correctly – yet to me
A piercing Comfort it affords
In passing Calvary –
To note the fashions – of the Cross –
And how they’re mostly worn –
Still fascinated to presume
That Some – are like My Own –
Emily Dickinson
Ik neem de maat van elk Leed dat ik tegenkom
Met scherpe, indringende Ogen –
Ik vraag me af of het even zwaar is als het Mijne –
Of van een Lichter kaliber.
Ik vraag me af of Ze het lang moesten dragen –
Of is het nog maar net begonnen –
Van de Mijne ken ik de Datum niet –
Het voelt zo oud, die pijn –
Ik vraag me af of leven pijn doet –
Of het Hun moeite kost –
En – Als Ze mochten kiezen –
Ze niet liever zouden – sterven –
Ik merk dat Sommigen – met chronische pijn –
Op den duur, weer een glimlach tonen –
Het lijkt op een Lamp
Die bijna geen Olie heeft –
Ik vraag me af of in oplopende Jaren –
Een paar Duizend – zo’n periode –
Op het Kwaad – dat hen jong trof –
Wat Balsem zou kunnen schenken –
Of zouden ze nog steeds lijden
Aan voortdurende Zenuwpijn –
Gehard voor een grotere Pijn –
Zo’n schril Contrast met de Liefde –
Treurenden – zijn er velen – is me verteld –
Om allerhande Redenen –
Dood – is er één – en komt maar eens –
En spijkert alleen de ogen dicht –
Gebrek Lijden is er – en Kou Lijden –
Van het soort dat ze “Wanhoop” noemen –
Het Buitensluiten van Bekende Gezichten –
In de eigen Omgeving –
En al heb ik geen idee welke soort
Het precies is – toch biedt het mij
Een indringende Troost
Om langs de Kruisweg te gaan –
De diversiteit – van het Kruis te zien –
En hoe die veelal gedragen wordt –
Nog altijd nieuwsgierig te weten
Of er Een – gelijk aan die van Mij zal zijn –
Emily Dickinson
I tried to think a lonelier Thing
I tried to think a lonelier Thing
Than any I had seen –
Some Polar Expiation –
———An Omen in the Bone
Of Death’s tremendous nearness –
I probed Retrieveless things
My Duplicate – to borrow –
A Haggard Comfort springs
From the belief that Somewhere –
Within the Clutch of Thought –
There dwells one other Creature
Of Heavenly Love – forgot –
I plucked at our Partition
As One should pry the Walls –
Between Himself – and Horror’s Twin –
Within Opposing Cells –
I almost strove to clasp his Hand,
Such Luxury – it grew –
That as Myself – could pity Him –
Perhaps he – pitied me –
Emily Dickinson
Ik probeerde Iets voor te stellen
Nog eenzamer dan ik ooit had gezien –
Een nogal IJskoude Verzoening –
———een Voorteken tot op het Bot
Dat de Dood verschrikkelijk nabij is –
Ik graaf in dingen die ik totaal kwijt ben
Om mijn Spiegelbeeld – te gebruiken –
Het geeft een Schrale Troost
Te geloven dat Ergens –
Binnen het Bereik van het Denken –
Er nog een ander Wezen woont
Van Hemelse Liefde – verstoken –
Ik rukte aan onze Scheidingswand
Zoals Je de Muren moet afbreken –
Tussen Jezelf – en de Horrortweeling –
In de Cel aan de andere kant –
Ik wou bijna zijn Hand grijpen,
Wat een Weelde – ontstond er –
Dat als Ik – met Hem te doen had –
Hij misschien – medelijden had met mij –
Emily Dickinson
I watched the Moon around the House
I watched the Moon around the House
Until upon a Pane –
She stopped – a Traveller’s privilege – for Rest –
And there opon
I gazed – as at a stranger –
The Lady in the Town
Doth think no incivility
To lift her Glass – opon –
But never Stranger justified
The Curiosity
Like Mine – for not a Foot – nor Hand –
Nor Formula – had she –
But like a Head – a Guillotine
Slid carelessly away –
Did independent, Amber –
Sustain her in the sky –
Or like a Stemless Flower –
Upheld in rolling Air
By finer Gravitations –
Than bind Philosopher –
No Hunger – had she – nor an Inn –
Her Toilette – to suffice –
Nor Avocation – nor Concern
For little Mysteries
As harass us – like Life – and Death –
And Afterwards – or Nay –
But seemed engrossed to Absolute –
With Shining – and the Sky –
The privilege to scrutinize
Was scarce upon my Eyes
When, with a Silver practise –
She vaulted out of Gaze –
And next – I met her on a Cloud –
Myself too far below
To follow her superior Road –
Or its advantage – Blue –
Emily Dickinson
Ik volgde de Maan rond het Huis
Tot Ze op een Ruit –
Bleef rusten – dat voorrecht heeft een Reizigster –
En ik staarde ernaar
Als naar een vreemdeling –
Waarvoor een Stadse Dame
Zonder enige gêne te voelen
Haar Lorgnet zou optillen –
Maar nooit heeft een Vreemdeling
De Nieuwsgierigheid zo gerechtvaardigd
Als die van Mij – want ze had –
Geen Voet – Hand – of bepaald Formaat –
Maar zoals een Hoofd – dat een Guillotine
Achteloos wegschoof –
Hield Amber, haar vrij
In de lucht –
Of als een Bloem zonder Steel –
In de golvende Lucht gehouden
Door fijnere Zwaartekrachten –
Dan waar Filosofen aan gebonden zijn –
Geen Honger – had ze – noch Logement –
Dat volstond – om zich op te maken –
Ook geen Roeping – of Interesse
Voor kleine Mysteries
Die ons kwellen – zoals Leven – en Dood –
En wat er Daarna komt – of Niet –
Maar ze leek verzonken in het Absolute –
Met Maanlicht – en de Lucht –
Het Voorrecht haar precies te bekijken
Duurde maar even voor mijn Ogen
Waarna ze, met een Zilveren uitvoering
Uit het Zicht sprong –
Daarna – vond ik haar op een Wolk –
Zelf te ver beneden
Om haar Superieure Weg te volgen –
Of haar Voorsprong – van Blauw –
Emily Dickinson
Me prove it now – Whoever doubt
Me prove it now – Whoever doubt
Me stop to prove it – now –
Make haste – the Scruple! Death be scant
For Opportunity –
The River reaches to my feet –
As yet – My Heart be dry –
Oh Lover – Life could not convince –
Might Death – enable Thee –
The River reaches to My Breast –
Still – still –
———My Hands above
Proclaim with their remaining Might –
Dost recognize the Love?
The River reaches to my Mouth –
Remember – when the Sea
Swept by my searching eyes – the last –
Themselves were quick – with Thee!
Emily Dickinson
Aan mij om het nu te bewijzen – Wie ook twijfelt
Houd mij tegen het te bewijzen – nu –
Schiet op – Twijfelaar! De Dood is karig
Met Kansen –
De Rivier reikt tot aan mijn voeten –
Tot nu toe – is Mijn Hart droog –
O Geliefde – Het leven was niet overtuigend –
Moge de Dood – Jou dat wel lukken –
De Rivier reikt tot aan Mijn Borst –
Nog steeds – nog steeds –
———Mijn Handen erbovenuit
Verkondigen met hun laatste macht –
Onderken je de Liefde?
De rivier reikt tot aan mijn Lippen –
Onthoud – dat toen de Zee
Over mijn zoekende ogen stroomde – Ze
Op het laatst – levendig bleven – met Jou!
Emily Dickinson
Had I presumed to hope
Had I presumed to hope –
The loss had been to Me
A Value – for the Greatness’ Sake –
As Giants – gone away –
Had I presumed to gain
A Favor so remote –
The failure
———but confirm the Grace
In further Infinite –
‘Tis failure – not of Hope –
But Confident Despair –
Advancing on Celestial Lists –
With faint – Terrestial power –
‘Tis Honor – though I die –
For That no Man obtain
Till He be justified by Death –
This – is the Second Gain –
Emily Dickinson
Had ik gedacht te kunnen geloven –
Had het verlies voor Mij
Een waarde – van zo’n Omvang –
Als verdwenen – Reuzen –
Had ik gedacht te kunnen verdienen
Een Gunst van zo ver weg –
Bevestigt het tekortschieten
———alleen maar de Genade
In een nog verdere oneindigheid –
Het gaat niet om een tekort – aan Geloof –
Maar Vastberaden Ongeloof –
Om hoger te komen op Hemelse Lijsten –
Met zwakke – Aardse kracht –
Het gaat om Eer – ook al sterf ik –
Want dat vergaart geen mens
Tot hij gerechtvaardigd wordt door de dood –
Dit – is de Tweede Winst –
Emily Dickinson
Endow the Living – with the Tears –
You squander on the Dead,
And They were Men and Women – now,
Around Your Fireside –
Instead of Passive Creatures,
Denied the Cherishing
Till They – the Cherishing deny –
With Death’s Ethereal Scorn –
Schenk Levenden – de Tranen –
Die je aan de Doden verspilt,
En Zij waren – nu – de Mannen en Vrouwen
Rond Jouw Haardvuur –
In plaats van de Lijdzame Wezens
Aan wie Liefde werd ontzegd
Tot Ze zelf – Liefde weigerden –
Met een Etherische Grijns van de Dood –
Emily Dickinson
The Province of the Saved
Should be the Art – To save –
Through Skill obtained in Themselves –
The Science of the Grave
No Man can understand
But He that hath endured
The Dissolution – in Himself –
That Man – be qualified
To qualify Despair
To Those who failing new –
Mistake Defeat for Death – Each time –
Till acclimated – to –
De Competentie van wie Gered zijn
Moet de Kunst zijn – Om jezelf te redden –
Door Ervaring die je Zelf hebt opgedaan –
De Wetenschap van het Graf
Kan Niemand anders begrijpen
Dan Degene die – de ontreddering –
In Zichzelf – heeft verdragen –
Zo Iemand – zij gekwalificeerd
De Wanhoop te verzachten
Bij Wie opnieuw instorten –
En Steeds – Verlies met de Dood verwarren –
Tot ze eraan – gewend raken –
Emily Dickinson

Idílio
Sinto que, ás vezes, choras, minha Irmã,
No teu sombrio quarto recolhida…
É que ele vem rompendo a sombra vã
Da Morte, e lhe aparece á luz da vida!
E afflicta, como choras, minha Irmã…
Teu chôro é tua voz emudecida,
Ante a imagem do Filho, essa Manhã
Em profunda saudade amanhecida.
Silencio! Não palpites, coração;
Nem canto de ave ou mistica oração
Um tal idilio venham perturbar!
Deixae o Filho amado e a Mãe saudosa:
O Filho a rir, de face carinhosa,
E a Mãe, tão triste e pálida, a chorar…
Teixeira de Pascoaes, in ‘Elegias’
Idylle
Ik voel dat je soms huilt, mijn zuster,
in je donkere, afgezonderde kamer…
Het is omdat Hij doorbreekt door de ijdele schaduw
van de dood en aan je verschijnt in het licht van het leven!
En hoe bedroefd huil je, mijn zuster…
Je gehuil is je verstomde stem,
voor het beeld van de Zoon, vanmorgen
ontwaakt in diep verlangen.
Stilte! Laat het hart niet kloppen;
noch het gezang van een vogel of mystiek gebed
zo’n idylle verstoren!
Laat de geliefde Zoon en de verlangende Moeder met rust:
de Zoon lachend, met een liefdevol gezicht,
en de Moeder, zo bedroefd en bleek, huilend…
Teixeira de Pascoaes
Remorsos
Onde comtigo, um dia, me zanguei,
É hoje um sitio escuro que aborreço;
E sempre que ali passo, eu anoiteço!…
Ah, foi um crime, sim, que pratiquei!
Quantas negras torturas eu padeço
Pelo pequeno mal que te causei!
Se, ao menos, presentisse o que hoje sei?
Mas não; fui mau; fui bruto; reconheço!
E sôffro mais, por isso, a tua morte,
E dou mais chôro amargo ao vento norte,
Mais trevas se acumulam no meu rôsto…
Ó vós que n’este mundo amaes alguem,
Seja linda creança ou pae ou mãe,
Não lhe causeis nem sombra de desgôsto!
Teixeira de Pascoaes, in ‘Elegias’
Spijt
Waar ik ooit ruzie met je had,
is nu een donkere plek die ik verafschuw;
En elke keer als ik erlangs loop, voel ik duisternis!…
Ach, het was een misdaad, ja, die ik beging!
Hoeveel duistere kwellingen lijd ik
Voor het kleine onrecht dat ik je aandeed!
Had ik maar kunnen voorzien wat ik nu weet?
Maar nee; ik was slecht; ik was wreed; ik erken het!
En daarom lijd ik nog meer onder jouw dood,
En geef ik nog meer bittere tranen aan de noordenwind,
Meer duisternis verzamelt zich op mijn gezicht…
O jullie die in deze wereld iemand liefhebben,
Of het nu een mooi kind, een vader of een moeder is,
Bezorg hen geen schaduw van verdriet!
Teixeira de Pascoaes
Olhar Eterno
Aquele olhar tão triste,
Onde ia, feito em lagrima, o que eu sou,
Isto é, tudo o que existe,
No instante em que pousou,
Relampago do Além,
Sobre ti, meu querido e pobre Anjinho,
Já deitado na cama e tão doentinho,
Cercado da afflicção de tua Mãe;
Esse olhar fez-se eterno,
Em meus olhos ficou: é luz do inferno
Que tudo me alumia…
Parece a luz do dia!
Teixeira de Pascoaes, in ‘Elegias’
Eeuwige blik
Die droevige blik,
Waar ik heen ging, gemaakt van tranen, wat ik ben,
Dat wil zeggen, alles wat bestaat,
Op het moment dat hij insloeg,
Bliksem van Geneefse,
Op jou, mijn lieve en arme kleine engel,
Al liggend in bed en zo ziek,
Omringd door het verdriet van je moeder;
Die blik werd eeuwig,
Hij bleef in mijn ogen: het is het licht van de hel
Dat alles voor mij verlicht…
Het lijkt wel het daglicht!
Teixeira de Pascoaes
A throe opon the features –
A hurry in the breath –
An exstasy of parting
Denominated “Death” –
An anguish at the mention
Which when to patience grown –
I’ve known permission given
To rejoin its own.
Een stuiptrekking in het gelaat –
Een versnelling van de ademhaling –
Een extase van afscheid
Aangeduid als “Dood” –
Bij het noemen een intense angst
Die, als ze tot berusting uitgroeit –
Weet ik dat instemming is gegeven
Om zich weer met zichzelf te verenigen.
Emily Dickinson
Besides the Autumn poets sing
Besides the Autumn poets sing
A few prosaic days
A little this side of the snow
And that side of the Haze –
A few incisive Mornings –
A few Ascetic Eves –
Gone – Mr. Bryant’s “Golden Rod” –
And Mr. Thomson’s “sheaves.”
Still, is the bustle in the Brook –
Sealed are the spicy valves –
Mesmeric fingers softly touch
The Eyes of many Elves –
Perhaps a squirrel may remain –
My sentiments to share –
Grant me, Oh Lord, a sunny mind –
Thy windy will to bear!
Emily Dickinson
De Herfst voorbij bezingen dichters
Prozaïsch enige dagen
Een paar nog voor de sneeuw komt
En vlak na de Nevelmaand –
Een paar bijtende Ochtenden –
Een paar rigide Avonden –
Weg is – hr. Bryant’s “Gulden Roede” –
En hr. Thomson’s “schoven.”
Verstild, de drukte in de Beek –
Verzegeld zijn de geurige kelken –
Hypnotiserende vingers raken zacht
De Ogen van veel Elfen –
Misschien blijft er een eekhoorn achter –
Waarmee ik mijn gevoelens kan delen –
Schenk mij, O Heer, een zonnige geest –
Om uw winderige wil te dragen!
Emily Dickinson
Dust is the only Secret
Dust is the only Secret,
Death, the only One
You cannot find out all about
In his “native town.”
Nobody know “his Father” –
Never was a Boy –
Hadn’t any playmates,
Or “Early history” –
Industrious! Laconic!
Punctual! Sedate!
Bold as a Brigand!
Stiller than a Fleet!
Builds, like a Bird, too!
Christ robs the Nest –
Robin after Robin
Smuggled to Rest!
Emily Dickinson
Stof is het enige Geheim,
Dood, het enige Wezen
Waar je niet alles over te weten komt
In zijn “geboorteplaats.”
Niemand kent “zijn Vader” –
Nooit was hij een Kind –
Had geen speelkameraadjes,
Of “Voorgeschiedenis” –
IJverig! Doodkalm!
Altijd op tijd! Onverstoorbaar!
Brutaal als een Bandiet!
Stiller dan een Vloot!
Bouwt ook een Nest, als een Vogel!
Christus rooft het –
Roodborst na Roodborst
Worden naar de eeuwige Rust gesmokkeld!
Emily Dickinson
‘T is so much joy! ‘T is so much joy!
‘Tis so much joy! ‘Tis so much joy!
If I should fail, what poverty!
And yet, as poor as I
Have ventured upon a throw!
Have gained! Yes! Hesitated so –
This side the victory!
Life is but life! And Death but Death!
Bliss is but Bliss and Breath but Breath!
And if indeed I fail,
At least, to know the worst, is sweet!
Defeat means nothing but defeat,
No drearier can befall!
And if I gain! Oh Gun at sea,
Oh Bells, that in the steeples be!
At first, repeat it slow!
For Heaven is a different thing,
Conjectured, and waked sudden in –
And might extinguish me!
Emily Dickinson
Wat een vreugde! Wat een vreugde!
Mocht ik falen, wat een ellende!
En toch, met het weinige wat ik heb
Heb ik alles op het spel gezet in één worp!
Heb gewonnen! Ja! Zo geaarzeld –
De overwinning aan mijn kant!
Leven is maar leven! Dood is maar Dood!
Geluk is maar Geluk en Adem is maar Adem!
En als ik werkelijk faal,
Is het tenminste zoet om het ergste te kennen!
Verlies betekent gewoon verlies,
Niets triesters kan er gebeuren!
Als ik win! O Kanon op zee,
O Klokken, die in de torens hangen!
Herhaal het eerst nog eens langzaam!
Want de Hemel is heel wat anders,
Verondersteld, dat ik daar plots ontwaakte –
Het zou me kapot maken!
Emily Dickinson
If I could bribe them by a Rose
If I could bribe them by a Rose
I’d bring them every flower that grows
From Amherst to Cashmere!
I would not stop for night, or storm –
Or frost, or death, or anyone –
My business were so dear!
If they would linger for a Bird
My Tambourin were soonest heard
Among the April Woods!
Unwearied, all the summer long,
Only to break in wilder song
When Winter shook the boughs!
What if they hear me!
Who shall say
That such an importunity
May not at last avail?
That, weary of this Beggar’s face –
They may not finally say, Yes –
To drive her from the Hall?
Emily Dickinson
Kon ik ze omkopen met een Roos
Ik zou ze elke bloem brengen die groeit
Van Amherst tot Kasjmir!
Nacht, of storm zou me niet tegenhouden –
Noch vorst, of dood, of wie dan ook –
Zo dierbaar zou mijn taak zijn!
Zouden ze wachten op een Vogel
Ik liet mijn Tamboerijn heel vroeg horen
Tussen de Bossen van April.
Onvermoeibaar, de hele zomer lang,
Alleen om uit te barsten in wilder gezang
Wanneer de Winter de takken schudt!
Wat als ze me horen!
Wie zal zeggen
Dat zo’n opdringerigheid
Uiteindelijk niet kan helpen?
Dat ze, het gezicht van deze Bedelares beu –
Niet ten langen leste Ja zeggen –
Om haar uit de Hal te verdrijven?
Emily Dickinson
A Wounded Deer – leaps highest –
I’ve heard the Hunter tell –
‘T is but the ecstasy of death –
And then the Brake is still!
The smitten Rock that gushes!
The trampled Steel that springs!
A Cheek is always redder
Just where the Hectic stings!
Mirth is the mail of Anguish –
In which it cautions Arm,
Lest Anybody spy the blood
And “You’re hurt” exclaim!
Een Gewond Hert – springt het hoogst –
Heb Ik Jagers horen zeggen –
Het is gewoon de extase van de dood –
En dan is het Struikgewas stil!
De geslagen Rots die sproeit!
Het betrapte Staal dat dichtklapt!
Een Wang is altijd roder
Precies waar de Koorts prikt!
Hilariteit is het pantser van de Angst –
Waarmee hij zich waakzaam bewapent
Opdat Niemand het bloed bespeurt
En roept “Je bent gewond”!
Emily Dickinson
On this long storm the Rainbow rose –
On this late morn – the sun –
The Clouds – like listless Elephants –
Horizons – straggled down –
The Birds rose smiling in their nests –
The gales – indeed – were done –
Alas, how heedless were the eyes –
On whom the summer shone!
The quiet nonchalance of death –
No daybreak – can bestir –
The slow – Archangel’s syllables
Must awaken her!
Op deze lange storm rees de Regenboog op –
Op deze late ochtend – de zon –
De Wolken – als slome Olifanten –
De Horizon – slenterde naar beneden –
In hun nesten stonden vogels lachend op –
Voorwaar – de rukwinden – waren voorbij –
Helaas, hoe stekeblind waren de ogen –
Op wie de zomer scheen!
De stille onverschilligheid van de dood –
Geen dageraad – kan haar wekken –
De trage – woorden van de Aartsengel
Moeten haar tot leven wekken!
Emily Dickinson
Dying! Dying in the night!
Won’t somebody bring the light
So I can see which way to go
Into the everlasting snow?
And “Jesus”! Where is Jesus gone?
They said that Jesus – always came –
Perhaps he doesn’t know the House –
This way, Jesus, Let him pass!
Somebody run to the great gate
And see if Dollie’s coming! Wait!
I hear her feet upon the stair!
Death won’t hurt – now Dollie’s here!
Doodgaan! Doodgaan in de nacht!
Brengt dan niemand licht
Zodat ik kan zien welke kant ik op moet
In de eeuwige sneeuw?
En “Jezus”! Waar is Jezus gebleven?
Ze zeiden dat Jezus – altijd kwam –
Misschien kent hij het huis niet ¬–
Deze kant op, Jezus, Laat hem door!
Iemand moet naar de grote poort rennen
En zien of Dollie komt! Wacht!
Ik hoor haar voeten op de trap!
De Dood deert niet – nu Dollie er is!
Emily Dickinson

Two swimmers wrestled on the spar –
Until the morning sun –
When One – turned smiling to the land –
O God! the Other One!
The stray ships – passing
Spied a face –
Opon the waters borne –
With eyes in death –
———still begging raised –
And hands – beseeching – thrown!
Twee zwemmers worstelden om de mast –
Tot aan het ochtendgloren –
Toen de Een – glimlachend aan land kwam –
O God! die Andere!
Schepen die toevallig – voorbijvaarden
Ontwaarden een gezicht
Op water gedragen –
Met de dood in de ogen –
———wijdopen, nog altijd vragend –
En handen – smekend – uitgestrekt!
Emily Dickinson
For this – accepted Breath
For this – accepted Breath –
Through it – compete with Death –
The fellow cannot touch this Crown –
By it – my title take –
Ah, what a royal sake
To my necessity – stooped down!
No Wilderness – can be
Where this attendeth me –
No Desert Noon –
No fear of frost to come
Haunt the perennial bloom –
But Certain June!
Get Gabriel – to tell –
———the royal syllable –
Get Saints – with new – unsteady tongue –
To say what trance below
Most like their glory show –
Fittest the Crown!
Emily Dickinson
Hiervoor – heb ik Adem aangenomen –
Hierdoor – wedijver ik met de Dood –
De kerel kan niet tippen aan deze Kroon –
Hieraan – ontleen ik mijn titel –
Ach, wat een koninklijke bestemming
Boog zich – over mijn armoedig bestaan!
Geen Woestijn – kan er bestaan
Waar dit mij vergezelt –
Geen Eenzame Middag –
Geen angst voor vorst die
De meerjarige bloei komt verstoren –
Maar Juni verzekerd!
Haal Gabriël – om het koninklijke woord –
———uit te spreken –
Haal Heiligen – met nieuwe – onzekere stem –
Om te zeggen welke extase van beneden
Het meest op hun glorie lijken –
Het beste de Kroon past!
Emily Dickinson
That after Horror – that ’twas us
That after Horror – that ’twas us –
That passed the mouldering Pier –
Just as the Granite Crumb let go –
Our Savior, by a Hair –
A second more, had dropped too deep
For Fisherman to plumb –
The very profile of the Thought
Puts Recollection numb –
The possibility – to pass
Without a Moment’s Bell –
Into Conjecture’s presence –
Is like a Face of Steel –
That suddenly looks into ours
With a metallic grin –
The Cordiality of Death –
Who drills his Welcome in –
Emily Dickinson
De Ontzetting achteraf – dat wij het waren –
Die de vervallen Pier overliepen –
Net toen het Granieten Brok losliet –
Onze Verlosser, op een haar na –
Een tel meer, en we waren te diep gevallen
Voor het peillood van een Visser –
Alleen al de Gedachte aan het beeld
Doet de Herinnering verstijven –
De mogelijkheid – om heen te gaan
Zonder Enig Klokgelui –
Naar de aanwezigheid waarop we Hopen –
Is als een Gezicht van Staal –
Dat plots in het onze kijkt
Met een metalen grijns –
De Hartelijkheid van de Dood –
Die zijn Welkom in ons boort –
Emily Dickinson
You’re right – “the way is narrow” –
And “difficult the Gate” –
And “few there be” – Correct again –
That “enter in – thereat” –
‘Tis Costly – So are purples!
‘Tis just the price of Breath –
With but the “Discount” of the Grave –
Termed by the Brokers – “Death”!
And after that – there’s Heaven –
The Good Man’s – “Dividend” –
And Bad Men – “go to Jail” –
I guess –
Je hebt gelijk – “de weg is smal” –
En “moeilijk de Poort” –
En “weinigen zijn er” – alweer Correct –
Die “daar – binnengaan” –
Het Kost wat – net als purper!
Het is gewoon de prijs van Adem –
Met slechts de “Korting” van het Graf –
Door de Makelaars – “Dood” genoemd!
En daarna – komt de Hemel –
Het “Dividend” – voor Goede Mensen –
En Slechte Mensen – “naar de Gevangenis” –
Vermoed ik –
Emily Dickinson
Would you like Summer? Taste of ours –
Spices? Buy – here!
Ill! We have Berries, for the parching!
Weary! Furloughs of Down!
Perplexed! Estates of Violet –
———Trouble ne’er looked on!
Captive! We bring Reprieve of Roses!
Fainting! Flasks of Air!
Even for Death – a Fairy medicine –
But, which is it – Sir?
Zin in de Zomer? Proef de onze –
Kruiden? Koop ze – hier!
Ziek! We hebben Bessen, tegen uitdroging!
Moe! Donzen Verlofdagen!
Gestresst! Violette Buitenhuizen –
———waar nooit een Zorg is gezien!
Gevangen! Wij schenken Gratie van Rozen!
Zwakjes! Flessen Lucht!
Zelfs voor de Dood – een Tovermiddel –
En, wat zal het zijn – Mijnheer?
Emily Dickinson
Perhaps you think Me stooping
I’m not ashamed of that
Christ – stooped until He touched the Grave –
Do those at Sacrament
Commemorate Dishonor
Or love annealed of love
Until it bend as low as Death
Redignified, above?
Misschien denk je dat Ik me verneder
Ik schaam me daar niet voor
Christus – vernederde zich tot in het Graf –
Wie bij het Sacrament buigen
Gedenken zij de Schande
Of de liefde, nog versterkt met liefde
Die zich zo diep verlaagde tot de Dood
En boven, verheerlijkt?
Emily Dickinson
While “it” is alive –
Until Death – touches it –
While “it” and I – lap one – Air –
Dwell in one Blood –
Under one Firmament –
Show me Division –
———could split – or pare!
“Faith” – is like – life –
Only, the longer –
Faith – is like Death –
During – the Grave –
Faith – is the Fellow of the Resurrection,
Scooping up the Dust –
And chanting – Live!
Zolang “zij” leeft –
Tot de dood – haar raakt –
Zolang “zij” en ik – dezelfde Lucht – inademen –
In hetzelfde Bloed wonen –
Onder dezelfde Sterrenhemel –
Laat me dan Zien wat Scheiden –
———kan splijten – of afknippen!
“Geloof” – is als – leven –
Alleen, duurt het langer –
Geloof – gaat als de Dood –
Verder – in het Graf –
Geloof – is de Vriend van de Opstanding,
Die het Stof opschept –
En zingt – Leef!
Emily Dickinson
While it is alive
Until Death touches it
While it and I lap one Air
Dwell in one Blood
Under one Sacrament
Show me Division
———can split or pare –
Love is like Life – merely longer
Love is like Death, during the Grave
Love is the Fellow of the Resurrection
Scooping up the Dust and chanting “Live”!
Zolang zij leeft
Tot de Dood haar raakt
Zolang zij en ik dezelfde Lucht inademen
In hetzelfde Bloed wonen
Onder hetzelfde Sacrament
Laat me dan zien wat Scheiden
———kan splijten – of afknippen!
Liefde is als het Leven – duurt alleen langer
Liefde gaat als de Dood, verder in het Graf
Liefde is de Vriend van de Opstanding
Die het Stof opschept en zingt “Leef”!
Emily Dickinson
There’s a certain Slant of light
There’s a certain Slant of light,
Winter Afternoons –
That oppresses, like the Heft
Of Cathedral Tunes –
Heavenly Hurt, it gives us –
We can find no scar,
But internal difference
Where the Meanings, are –
None may teach it – Any –
‘T is the Seal Despair –
An imperial affliction
Sent us of the Air –
When it comes, the Landscape listens –
Shadows – hold their breath –
When it goes, ’tis like the Distance
On the look of Death –
Emily Dickinson
Er is een bepaalde Lichtinval
Op de Middag, in de Winter –
Die ons bedrukt, als de Zwaarte
Van Gezangen in de Kerk –
Hemelse Pijn, geeft het ons –
Een litteken laat het niet achter bij ons,
Wel een verandering vanbinnen
Waar de Zingeving is –
Geen kan het ons leren – Niemand –
Het is het Zegel Wanhoop –
Een overweldiging van verdriet
Vanuit de Lucht naar ons gestuurd –
Als het komt, luistert het Landschap –
Schaduwen – houden hun adem in –
Als het wegtrekt, is het als de Verte
In de blik van de Dood –
Emily Dickinson
I like a look of Agony,
Because I know it’s true –
Men do not sham Convulsion,
Nor simulate, a Throe –
The Eyes glaze once – and that is Death –
Impossible to feign
The Beads upon the Forehead
By homely Anguish strung.
Ik hou van Doodsangst in de ogen,
Omdat ik besef dat het echt is –
Stuiptrekkingen speel je niet,
Je kunt geen Doodsstrijd nabootsen –
Ogen worden een keer glazig – dat is Dood –
Onmogelijk te veinzen
De Zweetkraaltjes op het Voorhoofd
Aaneengeregen door dagelijkse Angst.
Emily Dickinson
Minha Alegria
Minha alegria foi no teu caixão;
Deitou-se ao pé de ti, na sepultura,
A fim de acalentar teu coração
E tornar-te mais branda a terra dura.
Por isso, é para mim consolação
Esta sombria dôr que me tortura!
E ponho-me a cantar na solidão,
Meu cantico esculpido em noite escura!
Consola-me saber minha alegria
Longe de mim, perto de ti, na fria
Cova a que tu baixaste apoz a morte.
Fôste tu que m’a deste, meu amôr;
Agora, dou-t’a eu: é a minha flôr;
Eu quero que ela soffra a tua sorte.
Teixeira de Pascoaes, in ‘Elegias’
Mijn vreugde
Mijn vreugde lag in jouw kist;
Ze lag naast je, in het graf,
om je hart te troosten
en de harde aarde voor je te verzachten.
Daarom is het een troost voor mij
deze sombere pijn die mij kwelt!
En ik begin in eenzaamheid te zingen,
mijn lied gebeiteld in de donkere nacht!
Moge het mij troosten te weten dat mijn vreugde
ver van mij, dicht bij jou is, in het koude
graf waar je na de dood in bent afgedaald.
Jij hebt haar mij gegeven, mijn liefste;
Nu geef ik haar aan jou: het is mijn bloem;
Ik wil dat ze haar lot ondergaat.
Teixeira de Pascoaes
I rose – because He sank
I rose – because He sank –
I thought it would be opposite –
But when his power dropped –
My Soul grew straight.
I cheered my fainting Prince –
I sang firm – even – Chants –
I helped his Film – with Hymn –
And when the Dews drew off
That held his Forehead stiff –
I met him –
Balm to Balm –
I told him Best – must pass
Through this low Arch of Flesh –
No Casque so brave
It spurn the Grave –
I told him Worlds I knew
Where Emperors grew –
Who recollected us
If we were true –
And so with Thews of Hymn –
And Sinew from within –
And ways I knew not
———that I knew – till then –
I lifted Him –
Emily Dickinson
Ik rees omhoog – omdat Hij inzakte –
Ik had het andersom gedacht –
Maar toen zijn kracht wegviel –
Kwam mijn Ziel rechtovereind.
Ik vrolijkte mijn flauwgevallen Prins op –
Ik zong luid – zelfs – Kerkliederen –
Ik hielp hem in zijn Waas – met Psalmen –
En toen de Dauw wegtrok
Die zijn Voorhoofd had verstijfd –
Voegde ik me bij hem –
Balsem tot Balsem –
Ik zei hem dat de Beste – door deze
Nauwe Poort van het Lichaam moet gaan –
Geen Helm zo dapper dat
Hij het Graf ontloopt –
Ik sprak hem van Werelden mij bekend
Waar Vorsten opkwamen –
Die ons niet vergaten
Als wij trouw bleven –
Dus met de Kracht van Hymnen –
Spierkracht van binnenuit –
En manieren waarvan ik niet wist
———dat ik ze kende – tot dan toe –
Tilde ik Hem op –
Emily Dickinson
Sobresalto
Quantas horas passava contemplando
Seu pequenino Vulto. Era um Anjinho
Dentro de nossa casa, abençoando…
Era uma Flôr, um Astro, um Amorzinho.
Um dia, em que ele, ao pé de mim, sósinho
Brincava, estes meus olhos inundando
De graça, de inocencia e de carinho,
De tudo o que é celeste, alegre e brando,
Vi tremer sua Imagem, de repente,
No ar, como se fôra Aparição.
E para mim eu disse tristemente:
“Pertences a outro mundo, a um céu mais alto;
Partirás dentro em breve.” E desde então
Eu fiquei num constante sobresalto!
Teixeira de Pascoaes, in ‘Elegias’
Een schrikreactie
Hoeveel uren bracht je door met het overpeinzen van
Je kleine gestalte? Het was een engeltje
In ons huis, dat ons zegende…
Het was een bloem, een ster, een lieveling.
Op een dag, toen hij, alleen naast me,
speelde, mijn ogen vol
van gratie, onschuld en genegenheid,
van alles wat hemels, vreugdevol en zachtaardig is,
zag ik zijn beeld plotseling trillen,
in de lucht, alsof het een verschijning was.
En ik zei verdrietig tegen mezelf:
“Jij hoort bij een andere wereld, bij een hogere hemel;
je zult spoedig vertrekken.” En sindsdien
ben ik voortdurend in een staat van schrikreactie!
Delirio
Não posso crêr na morte do Menino!
E julgo ouvi-lo e vê-lo, a cada passo…
É ele? Não. Sou eu que desatino;
É a minha dôr soffrida, o meu cansaço.
Delirio que me prendes num abraço,
Emendarás a obra do Destino?
Vê-lo-ei sorrir, de novo, no regaço
Da mãe? Verei seu rosto pequenino?
Misterio! Sombra imensa! Alto segredo!
Jamais! jamais! Quem sabe? Tenho mêdo!
Que vejo em mim? A treva? a luz futura?
Ah, que a dôr infinita de o perder
Seja a alegria de o tornar a ver,
Meu Deus, embora noutra creatura!
Teixeira de Pascoaes, in ‘Elegias’
Delirium
Ik kan niet geloven dat het Kind is gestorven!
En ik denk dat ik hem hoor en zie, bij elke stap…
Is hij het? Nee. Ik ben het die in een delirium verkeert;
Het is mijn lijden, mijn vermoeidheid.
Delirium dat me in een omhelzing houdt,
Zult u het werk van het Lot herstellen?
Zal ik hem weer zien glimlachen, op de schoot van zijn moeder? Zal ik zijn kleine gezichtje zien?
Mysterie! Onmetelijke schaduw! Hoog geheim!
Nooit! Nooit! Wie weet? Ik ben bang!
Wat zie ik in mezelf? Duisternis? Toekomstig licht?
Ach, moge de oneindige pijn van het verlies van hem
De vreugde zijn van het weerzien met hem,
Mijn God, al is het in een ander wezen!
Teixeira de Pascoaes
Death is like the insect
Menacing the tree,
Competent to kill it,
But decoyed may be.
Bait it with the balsam,
Seek it with the saw,
Baffle, if it cost you
Everything you are.
Then, if it have burrowed
Out of reach of skill –
Wring the tree and leave it,
‘Tis the vermin’s will.
De dood lijkt op het insect
Dat de boom bedreigt,
En In staat is hem te doden,
Maar het kan verleid worden.
Lok het met zalf,
Zoek het op met de zaag,
Tart het, al kost het jou
Alles wat je bent.
Dan, als het zich heeft ingegraven
Buiten bereik van de techniek –
Ring de boom en laat hem staan,
Is de wil van het ongedierte.
Emily Dickinson
I died for Beauty – but was scarce
Adjusted in the Tomb
When One who died for Truth, was lain
In an adjoining Room –
He questioned softly “Why I failed”?
“For beauty”, I replied –
“And I – for Truth – Themselves are One –
We Brethren, are”, He said –
And so, as Kinsmen, met a Night –
We talked between the rooms –
Until the Moss had reached our lips,
covered up – Our names
Ik stierf voor Schoonheid – maar was amper
In het Graf bijgezet,
Toen Iemand die voor Waarheid stierf
In een aangrenzend Vertrek werd gelegd –
Zachtjes vroeg Hij “Waarom ik stierf?”
“Om Schoonheid.” antwoordde ik –
“En Ik – om Waarheid – Zij zijn Een –
Makkers, zijn wij.” zei Hij –
En zo, als Verwanten, ’s Nachts bijeen –
Spraken wij tussen onze vertrekken –
Tot het Mos ons aan de lippen stond
En Onze namen – had bedekt –
Emily Dickinson
Awake ye muses nine, sing me a strain divine
Awake ye muses nine,
———sing me a strain divine,
unwind the solemn twine,
———and tie my Valentine!
——————– – –
Oh the Earth was made for lovers,
———for damsel, and hopeless swain,
for sighing, and gentle whispering,
———and unity made of twain,
all things do go a courting,
———in earth, or sea, or air,
God hath made nothing single
———but thee in His world so fair!
The bride, and then the bridegroom,
———the two, and then the one,
Adam, and Eve, his consort,
———the moon, and then the sun;
the life doth prove the precept,
———who obey shall happy be,
who will not serve the sovereign,
———be hanged on fatal tree.
The high do seek the lowly,
———the great do seek the small,
none cannot find who seeketh,
———on this terrestrial ball;
The bee doth court the flower,
———the flower his suit receives,
and they make merry wedding,
———whose guests are hundred leaves;
the wind doth woo the branches,
———the branches they are won,
and the father fond
———demandeth the maiden for his son.
The storm doth walk the seashore
———humming a mournful tune,
the wave with eye so pensive,
———looketh to see the moon,
their spirits meet together,
———they make their solemn vows,
no more he singeth mournful,
———her sadness she doth lose.
The worm doth woo the mortal,
———death claims a living bride,
night unto day is married,
———morn unto eventide;
Earth is a merry damsel,
———and Heaven a knight so true,
and Earth is quite coquettish,
———and he seemeth in vain to sue.
Now to the application,
———to the reading of the roll,
to bringing thee to justice,
———and marshalling thy soul;
thou art a human solo,
———a being cold, and lone,
wilt have no kind companion,
———thou reap’st what thou hast sown.
Hast never silent hours,
———and minutes all too long,
And a deal of sad reflection,
———and wailing instead of song?
There’s Sarah, and Eliza,
———and Emeline so fair,
and Harriet, and Susan,
———and she with curling hair!
Thine eyes are sadly blinded,
———but yet thou mayest see
six true, and comely maidens
———sitting opon the tree;
Approach that tree with caution,
———then up it boldly climb,
And seize the one thou lovest,
———nor care for space, or time!
Then bear her to the Greenwood,
———and build for her a bower,
And give her what she asketh,
———jewel, or bird, or flower;
And bring the fife, and trumpet,
———and beat upon the drum –
And bid the world Goodmorrow,
———and go to glory home!
Emily Dickinson
Ontwaakt, gij negen muzen,
———zing mij een goddelijke zang,
maak het serieuze lint los,
———en bind mijn Valentijn vast!
——————– – –
O, de Aarde is gemaakt voor minnaars,
———jonge meiden en wanhopige vrijers,
voor zuchten, zacht gefluister,
———en een stel van twee,
alles maakt elkaar het hof,
———op aarde, zee, of in de lucht,
God heeft niemand vrijgezel gemaakt,
———behalve jij in Zijn zo prachtige wereld!
De bruid, evenals de bruidegom,
———twee, en dan één,
Adam, en Eva, zijn wederhelft,
———de maan evenals de zon;
het leven bewijst de norm:
———wie gehoorzaamt zal gelukkig zijn,
wie de vorst niet wil dienen,
———moet hangen aan een fatale boom.
De hogere stand zoekt toch de lagere,
———de groten de kleinen,
wie zoekt zal vinden,
———op deze aardbol;
De bij maakt de bloem het hof,
———de bloem neemt zijn aanzoek aan,
en ze maken er een vrolijke bruiloft van,
———met honderd bladeren als gast;
de wind verleidt de takken,
———de takken geven zich gewonnen,
en de liefhebbende vader
———vraagt het meisje voor zijn zoon.
De storm flaneert langs de zeekust
———en neuriet een triest deuntje,
de golf met bedenkelijke blik,
———kijkt of hij de maan ziet,
hun geesten vinden elkaar,
———leggen plechtige geloften af,
hij zal niet meer zo triest zingen,
———zij zal haar verdriet laten varen.
De worm vrijt met de dode,
———de dood eist een levende bruid,
de nacht is getrouwd met het daglicht,
———het ochtendgloren met de schemer;
de Aarde is een vrolijke jonkvrouw,
———de Hemel zo’n echte ridder,
en de Aarde is nogal koket,
———en hij zit vergeefs achter haar aan.
Nu de praktische toepassing,
———voor de lezer van deze lijst,
om u op het rechte pad te brengen,
———en uw ziel op orde te brengen;
bent u een mens alleen,
———een koud, eenzaam wezen,
u zult geen lieve metgezel hebben,
———u oogst wat u gezaaid hebt.
Hebt u nooit vrije tijd,
———en duren minuten al te lang,
Een hoop trieste gedachten,
———en gejammer in plaats van zang?
Dan zijn daar Sarah, en Eliza,
———en mooie Emeline,
en Harriet, Susan,
———en zij met het krullend haar!
Uw ogen zijn helaas verblind,
———maar toch kunt u ze zien
zes echte, knappe meiden
———zitten daar in de boom;
Nader die boom voorzichtig,
———klim er dan dapper in,
En grijp dan die je liefhebt,
———stoor u niet aan tijd, of plaats!
Draag haar naar het houtgewas,
———bouw een prieel voor haar,
Geef haar wat ze vraagt,
———juwelen, vogels, of bloemen;
Breng de fluit, en de trompet,
———en sla op de trom –
Zeg Goedemorgen tegen de wereld,
———en ga triomfantelijk naar huis!
Emily Dickinson
The feet of people walking home
The feet of people walking home
With gayer sandals go –
The crocus – till she rises –
The vassal of the snow –
The lips at Hallelujah
Long years of practise bore –
Till bye and bye, these Bargemen
Walked – singing – on the shore.
Pearls are the Diver’s farthings
Extorted form the sea –
Pinions – the Seraph’s wagon –
Pedestrian once – as we –
Night is the morning’s canvas
Larceny – legacy –
Death – but our rapt attention
To immortality.
My figures fail to tell me
How far the village lies –
Whose peasants are the angels –
Whose cantons dot the skies –
My Classics vail their faces –
My faith that Dark adores –
Which from it’s solemn abbeys
Such resurrection pours!
Emily Dickinson
De voeten van wie huiswaarts gaan
Stappen met vrolijkere sandalen –
De krokus – tot ze opkomt –
Is de vazal van de sneeuw –
De lippen voor het Halleluja
Verdroegen jarenlange oefening –
Tot uiteindelijk, deze Schippers
Zingend – aan wal – liepen.
Parels zijn kleingeld voor de Duiker,
Afgetroggeld van de zee –
Vleugels – het rijtuig van de Engel –
Ooit waren ze voetgangers – als wij –
De nacht is het doek voor de morgen
Roof – erfenis –
Dood – slechts onze fascinatie
Voor onsterfelijkheid.
Mijn cijfers vertellen me niet
Hoe ver het dorp ligt –
Waarvan de boeren engelen zijn –
Waarvan de velden de hemel bezaaien –
Mijn Klassieken verhullen hun gezichten –
Mijn geloof aanbidt dat Duister –
Dat uit zijn statige abdijen
Zo’n opstanding uitstort!
Emily Dickinson
If I should cease to bring a Rose
Upon a festal day,
‘Twill be because beyond the Rose
I have been called away –
If I should cease to take the names
My buds commemorate –
‘Twill be because Death’s finger
Claps my murmuring lip!
Als ik zou stoppen een Roos te dragen
Op een feestdag,
Dan zal het zijn omdat ik voorbij de Roos
Ben heen geroepen –
Als ik zou stoppen de namen te noemen
Die mijn knoppen herdenken –
Dan zal het zijn omdat de vinger van de Dood
Mijn mompelende lippen dichtklapt!
Emily Dickinson
I keep my pledge.
I was not called –
Death did not notice me.
I bring my Rose –
I plight again,
By every sainted Bee –
By Daisy called from hillside –
By Bobolink from lane –
Blossom and I –
Her oath, and mine –
Will surely come again.
Ik houd me aan mijn gelofte.
Ik werd niet geroepen –
De Dood zag mij niet staan.
Ik draag mijn Roos –
Hernieuw mijn belofte,
Aan elke heilig verklaarde Bij –
Aan het Madeliefje dat riep vanaf de Heuvel –
Aan de Troepiaal vanaf de dreef –
De Bloesem en ik –
Haar eed, en de mijne –
Zullen zeker weer terugkomen –
Emily Dickinson
Delayed till she had ceased to know
Delayed till she had ceased to know –
Delayed till in it’s vest of snow
Her loving bosom lay –
An hour behind the fleeting breath –
Later by just an hour than Death –
Oh lagging Yesterday!
Could she have guessed that it w’d be –
Could but a crier of the joy
Have climbed the distant hill –
Had not the bliss so slow a pace
Who knows but this surrendered face
Were undefeated still?
Oh if there may departing be
Any forgot by Victory
In her imperial round –
Show them this meek appareled thing
That could not stop to be a king –
Doubtful if it be crowned!
Emily Dickinson
Vertraagd, ze was al niet meer bij kennis –
Vertraagd, in haar hemd van sneeuw –
Lag haar liefdevolle boezem al –
Een uur na de vluchtige ademhaling –
Slechts een uur later dan de Dood –
Och, het getreuzel van Gisteren!
Had ze kunnen raden dat het ging gebeuren –
Had maar een vreugdebode –
De verre heuvel beklommen –
Had de zaligheid niet zo’n traag tempo
Wie weet of dit gezicht dat zich overgaf
Dan niet zo verslagen zou zijn?
Och, als er een stervende is
Die zich vergeten weet door de Victorie
Op haar vorstelijke reis –
Laat ze dit bescheiden geklede wezen zien
Dat niet ophield koninklijk te zijn –
Vol twijfels of het gekroond zou worden!
Emily Dickinson
NO SEU TÚMULO
Sobre o seu fundo berço sepulcral
Meu espírito reza, ajoelhado.
E sente-se mais belo e virginal,
Na sua dor divina concentrado.
Caí, gotas de orvalho matinal!
Astros, caí do céu todo estrelado!
Secas folhas do zéfiro outonal,
Vinde enfeitar-lhe o túmulo sagrado!
Ó luar da meia-noite, encantamento
Da sombra, vem cobri-lo! Ó doido vento,
Não grites, baixa a voz lamuriosa!
Silêncio, árvores noturnas do arvoredo!
Porque ele é pequenino e há-de ter medo.
Lá nos seios da terra tenebrosa.
Teixeira de Pascoaes | Elegias
BIJ ZIJN GRAF
Op zijn diepe grafbed
Bidt mijn geest, knielend.
En hij voelt zich mooier en maagdelijker,
Geconcentreerd in zijn goddelijke pijn.
Ik viel, druppels ochtenddauw!
Sterren, ik viel uit de sterrenhemel!
Droge bladeren van de herfstzefier,
Kom en versier zijn heilige graf!
O middernachtmaanlicht, betovering
Van de schaduw, kom en bedek hem! O waanzinnige wind,
Schreeuw niet, verlaag je treurige stem!
Stil, nachtelijke bomen van het bos!
Want hij is klein en zal bang zijn.
Daar in de schoot van de duistere aarde.
Teixeira de Pascoaes | Elegieën

NAS TREVAS
Ó tristeza das cousas, quando é noite
Em nosso coração! Oh que tristeza
Aos meus olhos terríveis se desvenda,
E são árvores delidas, na penumbra,
E desvairados ventos, perpassando
Na tenebrosa lividez do céu!
Escuridão, pavor, desolação!
Fantástica paisagem infernal,
Toda esboçada em tintas moribundas
E funéreos relevos agoirentos.
Erma noite fechada! Nem um leve
Riso vago de estrela se adivinha…
Somente as torvas lágrimas da chuva
Escorrem pela face do silêncio.
Piedade, noite negra! Não me beijes
Com essa boca lívida e defunta!
Ó sol, vem alumiar a minha dor,
Que, escondida na sombra, se dilata
E mais profundamente se enraíza
Nesta carne a sangrar que é minha alma!
Ilumina-te, ó noite! Ó vento, cala-te!
Grossas nuvens do sul, limai os olhos,
Desanuviai o bronzeado rosto!
Mas, ai de mim, a noite é sempre negra;
Negra da tua ausência, do teu ser
Perdido para nós eternamente!
Negra da tua voz emudecida
E do teu riso para sempre extinto!
Negra da minha angústia!
Ó noite negra,
Como sofrem, ocultas no teu seio,
As próprias cousas brutas da Natura!
E como as grandes árvores agitam
As ramagens de lágrimas e sombras!
Soluça o vento nos beirais, ou fica
Gelado num silêncio murmurante…
E sobre o velho pátio de granito
Dir-se-á que a velha casa, abandonada
Da divina presença da criança,
Cai sobre a terra em bátegas de pranto!
Lá fora, no terreiro onde brincavas,
Não sei que espectro anda a gemer… Alguém
Que parece entranhar-se no meu corpo,
E apertar-me nas mãos o coração!
E, sufocado, choro! Vou gritar!
Grito! Fujo de mim! Desapareço!
Teixeira de Pascoaes | Elegias
IN DE DUISTERNIS
O verdriet der dingen, wanneer het nacht is
In onze harten! O, wat een verdriet!
Voor mijn verschrikkelijke ogen ontvouwt zich,
En het zijn verwelkte bomen, in de schemering,
En woeste winden, die voorbijtrekken
In de duistere bleekheid van de hemel!
Duisternis, terreur, verlatenheid!
Fantastisch hels landschap,
Alles geschetst in stervende kleuren
En funeraire, onheilspellende reliëfs.
Verlaten, gesloten nacht! Zelfs geen zwakke
Vage glimlach van een ster is te onderscheiden…
Alleen de grimmige tranen van de regen
rennen over het gezicht van de stilte.
Genade, zwarte nacht! Kus me niet
Met die bleke en dode mond!
O zon, kom en verlicht mijn pijn,
Die, verborgen in de schaduw, zich uitbreidt
En dieper wortel schiet
In dit bloedende vlees dat mijn ziel is!
Verlicht jezelf, o nacht! O wind, zwijg!
Dikke wolken uit het zuiden, maak je ogen helder,
Maak je gebruinde gezicht helder!
Maar helaas, de nacht is altijd zwart;
Zwart van jouw afwezigheid, van jouw bestaan
Voor eeuwig voor ons verloren!
Zwart van jouw verstomde stem
En jouw lach voor altijd gedoofd!
Zwart van mijn angst!
O, zwarte nacht,
Hoe lijden de rauwe dingen van de natuur,
verborgen in jouw schoot!
En hoe de grote bomen schudden
Hun takken met tranen en schaduwen!
De wind snikt op de dakrand, of blijft
Bevroren in een murmelende stilte…
En boven de oude granieten binnenplaats
Zal gezegd worden dat het oude huis, verlaten
Door de goddelijke aanwezigheid van het kind,
In een stortvloed van tranen op de aarde neerstort!
Buiten, op de binnenplaats waar je vroeger speelde,
Ik weet niet welk spook kreunt… Iemand
Die zich in mijn lichaam lijkt te nestelen,
En mijn hart in zijn handen knijpt!
En, verstikt, huil ik! Ik zal schreeuwen!
Ik schreeuw! Ik vlucht voor mezelf! Ik verdwijn!
Teixeira de Pascoaes | Elegieën
I felt a Funeral, in my Brain (280)
I felt a Funeral, in my Brain,
And Mourners to and fro
Kept treading – treading – till it seemed
That Sense was breaking through –
And when they all were seated,
A Service, like a Drum –
Kept beating – beating – till I thought
My Mind was going numb –
And then I heard them lift a Box
And creak across my Soul
With those same Boots of Lead, again,
Then Space – began to toll,
As all the Heavens were a Bell,
And Being, but an Ear,
And I, and Silence, some strange Race
Wrecked, solitary, here –
And then a Plank in Reason, broke,
And I dropped down, and down –
And hit a World, at every plunge,
And Finished knowing – then –
Emily Dickinson
Ik voelde een Uitvaart, in mijn Hoofd,
Met Rouwenden, af en aan
Die bleven komen – komen – tot het leek
Alsof het Besef doorbrak –
En toen iedereen eenmaal zat,
Was er een Dienst, als een Trom –
Die maar bleef bonzen – bonzen – tot ik dacht
Dat mijn Geest gevoelloos werd –
En toen hoorde ik ze een Kist optillen
Het kraakte dwars door mijn Ziel
Met weer, diezelfde Loden Laarzen,
Toen begon de Ruimte – te galmen,
Alsof de gehele Hemel een grote Klok was,
En het Bestaan, niets dan Oor,
En ik, en Stilte, ‘n vreemd Ras,
Gingen te gronde, verlaten, hier –
En toen brak het Verstand als een Plank,
En ik viel neer, en neer –
En botste tegen een Wereld, bij elke buiteling,
En toen – was ik Klaar met het weten –
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
Wait till the Majesty of Death
Wait till the Majesty of Death
Invests so mean a brow!
Almost a powdered Footman
Might dare to touch it now!
Wait till in Everlasting Robes
That Democrat is dressed,
Then prate about “Preferment” –
And “Station,” and the rest!
Around this quiet Courtier
Obsequious Angels wait!
Full royal is his Retinue!
Full purple is his state!
A Lord – might dare to lift the Hat
To such a Modest Clay –
Since that My Lord – “the Lord of Lords”
Receives unblushingly!
Emily Dickinson
Wacht maar tot de Majesteit des Doods
Zo’n armzalig voorhoofd siert!
Een gepoederde Lakei
Zou het nu bijna durven aanraken!
Wacht tot die Gewone Man
In Eeuwige Gewaden is gekleed,
Zeur dan nog eens over “Promotie” –
En “Status,” en al het andere!
Rond deze stille Hoveling
Staan onderdanige Engelen te wachten!
Gans koninklijk is zijn Gevolg!
Diep paars is zijn staat!
Een Heer – zou zelfs zijn Hoed afnemen
Voor zo’n Bescheiden Aardling –
Aangezien Mijn Heer – “de Heer der Heren”
Ontvangt zonder blikken of blozen!
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
To make One’s Toilette – after Death
To make One’s Toilette – after Death
Has made the Toilette cool
Of only Taste we cared to please
Is difficult, and still –
That’s easier – than Braid the Hair –
And make the Bodice gay –
When eyes that fondled it are wrenched
By Decalogues – away –
Emily Dickinson
Jezelf stijlvol Kleden – nadat de Dood
De Kleding heeft koud gemaakt
Van de enige Stijl waarmee we willen behagen
Is moeilijk, en toch –
Dat is makkelijker – dan je Haar Vlechten –
En je topje verfraaien –
Wanneer de ogen die het liefkoosden
Door Goddelijke Wetten – zijn weggerukt –
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
The Test of Love – is Death
The Test of Love – is Death –
Our Lord – “so loved” – it saith –
What Largest Lover – hath
Another – doth –
If smaller Patience – be –
Through less Infinity –
If Bravo, sometimes swerve –
Through fainter Nerve –
Accept its Most –
And overlook – the Dust –
Last – Least –
The Cross’ – Request –
Emily Dickinson
De Toets van Liefde – is de Dood –
Onze Heer – “had zo lief” – zegt men –
Wat de Grootste Minnaar – heeft gedaan
Kan een Ander – ook –
Als ons Geduld – minder is –
Vanwege een beperkter Oneindigheid –
Als onze Moed soms wegzinkt –
Vanwege zwakker Zenuwen –
Accepteer dan het Meeste ervan –
En vergeet – het Stof –
Het Laatste – Verzoek –
Aan het Kruis – voor de Minsten –
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
Unit, like Death, for Whom?
Unit, like Death, for Whom?
True, like the Tomb,
Who tells no secret
Told to Him –
The Grave is strict –
Tickets admit
Just two – the Bearer –
And the Borne –
And seat – just One –
The Living – tell –
The Dying – but a Syllable –
The Coy Dead – None –
No Chatter – here – no tea –
So Babbler, and Bohea – stay there –
But Gravity – and Expectation – and Fear –
A tremor just, that All’s not sure.
Emily Dickinson
Een Wooneenheid, zoiets als de Dood, voor Wie?
Klopt, net als de Grafsteen,
Dat geen geheim prijsgeeft
Wat aan Hem verteld is –
Het Graf is streng –
De Kaartjes laten
Slechts twee toe – de Drager –
En Wie Gedragen wordt –
En slechts – Eén plaats –
De Levenden – spreken –
De Stervenden – een enkel Woord –
De Stille Doden – Niets –
Hier – geen Geklets – geen thee –
Dus Babbelkous, en Bohea – blijf weg –
Alleen Zwaarte – Vooruitzicht – en Angst –
Gewoon een huivering, dat Alles niet zeker is.
Emily Dickinson
There’s been a Death, in the Opposite House
There’s been a Death, in the Opposite House,
As lately as Today –
I know it, by the numb look
Such Houses have – alway –
The Neighbors rustle in and out –
The Doctor – drives away –
A Window opens like a Pod –
Abrupt – mechanically –
Somebody flings a Mattress out –
The Children hurry by –
They wonder if it died – on that –
I used to – when a Boy –
The Minister – goes stiffly in –
As if the House were His –
And He owned all the Mourners – now –
And little Boys – besides –
And then the Milliner – and the Man
Of the Appalling Trade –
To take the measure of the House –
There’ll be that Dark Parade –
Of Tassels – and of Coaches – soon –
It’s easy as a Sign –
The Intuition of the News –
In just a Country Town –
Emily Dickinson
Er is iemand Dood, in het Huis Hiertegenover
Het is pas Vandaag gebeurd –
Weet ik, vanwege de doodse aanblik
Die zulke huizen – altijd – bieden
Buren schuifelen in en uit –
De Dokter – rijdt weg –
Een raam springt open als een Peul –
Plotsklaps – als vanzelf –
Iemand gooit een Matras naar buiten –
Kinderen hollen voorbij –
Vragen zich af of ‘t – daarop doodging –
Dat deed ik ook – als Jochie –
De Predikant – gaat plechtstatig naar binnen –
Als was het Huis –
En waren alle Rouwenden – nu van Hem –
Kleine Kinderen – incluis –
En dan de Naaister – en de Man
Met dat afgrijselijk Beroep –
Om de maten van het Huis op te nemen –
Spoedig – zal die Zwarte Stoet komen –
Van Kwastjes – en Koetsen –
Het is zo’n eenvoudige Teken –
Het Nieuws voel je aan –
In een Provinciestadje –
Emily Dickinson
The Manner of its Death
The Manner of its Death
When Certain it must die –
‘Tis deemed a privilege to choose –
‘Twas Major Andre’s Way –
When Choice of Life – is past –
There yet remains a Love
Its little Fate to stipulate –
How small in those who live –
The Miracle to tease
With Bable of the styles –
How “they are Dying mostly – now” –
And Customs at “St. James”!
De Wijze van je Sterven kiezen
Als je Zeker weet dat je sterven moet –
Geldt als een goed recht –
Het is wat Majoor André deed –
Wanneer de Keuze te Leven – voorbij is –
Rest nog Liefde
Om je eigen kleine Lot te bepalen –
Hoe kleinzielig ook onder de levenden –
Om het Wonder lastig te vallen
Met praatjes over de trends –
Hoe “ze meestal sterven – tegenwoordig” –
En de Mode aan het Engelse Hof!
Emily Dickinson
Death sets a Thing significant
Death sets a Thing significant
The Eye had hurried by
Except a perished Creature
Entreat us tenderly
To ponder little Workmanships
In Crayon, or in Wool,
With “This was last Her fingers did” –
Industrious until –
The Thimble weighed too heavy –
The stitches stopped – by themselves –
And then ’twas put among the Dust
Upon the Closet shelves –
A Book I have – a friend gave –
Whose Pencil – here and there –
Had notched the place that pleased Him –
At Rest – His fingers are –
Now – when I read – I read not –
For interrupting Tears –
Obliterate the Etchings
Too Costly for Repairs.
Emily Dickinson
De Dood geeft betekenis aan Dingen
Waar het Oog aan was voorbijgegaan
Als niet een overleden Persoon
Ons liefdevol had gevraagd
De Handwerkjes aandachtig te bekijken
Van Kleurpotlood, of van Wol,
“Dit was het laatste wat Haar vingers deden” –
Daar altijd mee bezig tot –
De Vingerhoed te zwaar werd –
De steken stopten – als vanzelf –.
En toen werd het opgeborgen tussen het Stof
Op de planken van de Kast –
Ik heb een Boek – een vriend gaf het –
Wiens Potlood – hier en daar –
Streepjes had gezet bij wat hij mooi vond –
Te Ruste – liggen Zijn vingers –
Nu – bij het lezen – ik kan het niet –
Want de Tranen onderbreken me –
En wissen de Markeringen uit
Te kostbaar om te Herstellen.
Emily Dickinson

For Death – or rather
For Death – or rather
For the Things ’twould buy –
This – put away
Life’s Opportunity –
The Things that Death will buy
Are Room –
Escape from Circumstances –
And a Name –
With Gifts of Life
How Death’s Gifts may compare –
We know not –
For the Rates – lie Here –
Voor de Dood – of liever
Voor Wat het te koop heeft –
Daarvoor – moet je opzij leggen
Het Aanbod van het Leven –
Wat de Dood te koop heeft
Zijn Ruimte –
Ontsnappen aan Problemen –
En een Naam –
Hoe de Kadootjes van het Leven met
De Kadootjes van de Dood te vergelijken zijn –
Weten we niet –
Want de Tarieven – liggen Hier –
Emily Dickinson
Death is potential to that Man
Death is potential to that Man
Who dies – and to his friend –
Beyond that – unconspicuous
To Anyone but God –
Of these Two – God remembers
The longest – for the friend –
Is integral – and therefore
Itself dissolved – of God –
De dood is belangrijk voor de Mens
Die sterft – en voor zijn vriend –
Daarbuiten – voor Niemand anders
Relevant behalve voor God –
Van deze Twee – is het God die
Het langst gedenkt – want de vriend –
Maakt deel uit van het geheel – en bijgevolg
Gaat Hijzelf op – in God –
Emily Dickinson
Bereavement in their death to feel
Bereavement in their death to feel
Whom We have never seen –
A Vital Kinsmanship import
Our Soul and their’s between –
For Stranger – Strangers do not mourn –
There be Immortal friends
Whom Death see first – ’tis news of this
That paralyze Ourselves –
Who – vital only to Our Thought –
Such Presence bear away
In dying – ’tis as if Our souls
Absconded – suddenly –
De dood als een verlies voelen
Van wie We nooit hebben ontmoet –
Duidt op een Vitale Verwantschap
Tussen onze Ziel en die van hen –
Voor ‘n Vreemde – rouwen Vreemden niet –
Waar de Dood Onsterfelijke Vrienden
Het eerste treft – zal het bericht daarvan
Ons verlammen –
Wie – slechts in Onze Gedachten onmisbaar –
Een dergelijke Aanwezigheid wegnemen
Door te sterven – dan is ’t alsof Onze zielen
Plots – ervandoor gingen –
Emily Dickinson
Suspense – is Hostiler than Death
Suspense – is Hostiler than Death –
Death – tho’soever Broad,
Is Just Death, and cannot increase –
Suspense – does not conclude –
But perishes – to live anew –
But just anew to die –
Annihilation – plated fresh
With Immortality –
Onzekerheid – is Vijandiger dan Dood –
Dood – hoe Oneindig het ook moge zijn,
Is Gewoon Dood, en kan niet erger worden –
Onzekerheid – houdt niet op –
Gaat slechts weg – om weer op te leven –
Maar alleen om opnieuw te sterven –
Vernietiging is het – mooi verguld
Met Onsterfelijkheid –
Emily Dickinson
Life, and Death, and Giants
Life, and Death, and Giants –
Such as These – are still –
Minor – Apparatus –
————Hopper of the Mill –
Beetle at the Candle –
Or a Fife’s Fame –
Maintain – by Accident that they proclaim –
Leven, en Dood, en Grootsheid –
Ze zijn er altijd wel – net als Deze –
Kleinere – Apparaten –
————een Trechter voor de Molen –
Een Kever bij de Kaars –
Of de Pracht van een Fluitje –
Ze blijven – Onverwacht gaan ze spreken –
Emily Dickinson
All but Death, Can be Adjusted
All but Death, Can be Adjusted
Dynasties repaired –
Systems – settled in their Sockets –
Citadels – dissolved –
Wastes of Lives –
————resown with Colors
By Succeeding Springs –
Death – unto itself – Exception –
Is exempt from Change –
Alles behalve de dood,
Kan worden Rechtgezet
Dynastieën hersteld –
Systemen – verankerd in hun Basis –
Bolwerken – ontmanteld –
Troosteloze Levens –
————opnieuw bezaaid met Kleuren
Van Glorieuze Lentes –
De Dood – de unieke – Uitzondering –
Is vrijgesteld van Verandering –
Emily Dickinson
Till Death – is narrow Loving
Till Death – is narrow Loving –
The scantest Heart extant
Will hold you till your privilege
Of Finiteness – be spent –
But He whose loss procures you
Such Destitution that
Your Life too abject for itself
Thenceforward imitate –
Until – Resemblance perfect –
Yourself, for His pursuit
Delight of Nature – abdicate –
Exhibit Love – somewhat –
Emily Dickinson
Tot de dood – Liefhebben is pover –
Het kleinste Hart dat bestaat
Zal je bij zich houden tot je voorrecht
Op Eindigheid – is verbruikt –
Maar Hij wiens verlies jou
Zo’n Ellende bezorgt dat
Je leven op zichzelf te verachtelijk wordt
En Hem voortaan gaat navolgen ¬–
Totdat – bij volledige Gelijkenis –
Jijzelf, om Hem na te volgen
De Geneugten van de Natuur – opgeeft –
Liefde toont – min of meer –
Emily Dickinson
Robbed by Death – but that was easy
Robbed by Death –
———but that was easy –
To the failing Eye
I could hold the latest Glowing –
Robbed by Liberty
For Her Jugular Defences –
This, too, I endured –
Hint of Glory – it afforded –
For the Brave Beloved –
Fraud of Distance – Fraud of Danger,
Fraud of Death – to bear –
It is Bounty – to Suspense’s
Vague Calamity –
Staking our entire Possession
On a Hair’s result –
Then – seesawing – coolly – on it –
Trying if it split –
Emily Dickinson
Beroofd door de Dood –
———maar dat was geen probleem –
Voor het stervende Oog
Kon ik nog een laatste Lichtje vasthouden –
Beroofd door de Vrijheid
Om Haar met Bloed te Verdedigen –
Ook dit, heb ik doorstaan –
Het verleent – een Vleugje Glorie –
Aan de Dappere Geliefde –
De Bedriegerij met Afstand – met Gevaar,
En met Dood – verdragen –
Het blijft een Bonus – bij het vage Onheil
Geen Zekerheid te hebben –
Om ons hele Bezit op het spel te zetten
Voor een uitkomst zo dun als een Haar –
Waaraan je dan – kalm – touwtrekt –
Om te zien of het gaat splijten –
Emily Dickinson
Love – is that later Thing than Death
Love – is that later Thing than Death –
More previous – than Life –
Confirms it at it’s entrance – And
Usurps it – of itself –
Tastes Death – the first – to hand the sting
The Second – to it’s friend –
Disarms the little interval –
Deposits Him with God –
Then hovers – an inferior Guard –
Lest this Beloved Charge
Need – once in an Eternity –
A smaller than the Large –
Liefde – is Iets dat verder gaat dan Dood –
Wat voorafgaat aan – Leven –
Bevestigt het bij haar binnenkomst – En
Eigent het ¬– zichzelf toe –
Proeft de Dood – als eerste – om de angel
Daarna – aan haar vriend te overhandigen –
Schakelt het kleine interval uit –
Legt Hem bij God neer –
Waakt dan – als een inferieure Beschermer –
Opdat haar Geliefde Last
In de Eeuwigheid ¬ nog eens nood heeft –
Aan een kleinere in plaats van de Grote –
Emily Dickinson
Absence disembodies –
———-so does Death
Hiding individuals from the Earth
Superstition helps, as well as love –
Tenderness decreases as we prove –
Afwezigheid onttrekt het lichaam aan ons –
———-net als de Dood doet
Door individuen te verbergen voor de Aarde
Een sterk geloof heeft baat, net als liefde –
De Tederheid neemt af zoals we merken –
Emily Dickinson
A Death blow – is a Life blow
–———to Some –
till they died,
Did not alive – become –
Who had they lived,
Had died, but when
hey died, Vitality begun –
Een Dodelijk klap – blaast Leven in –
———voor Sommigen –
Die tot aan hun dood,
Niet tot leven – kwamen –
Die als ze geleefd hadden,
Gestorven waren, maar toen
Zij stierven, ving de Vitaliteit aan.
Emily Dickinson
Death is a Dialogue – between
The Spirit and the Dust.
“Dissolve,” says Death –
The Spirit, “Sir,
I have another trust.”–
Death doubts it –
Argues from the Ground –
The Spirit turns away,
Just laying off for evidence,
An Overcoat of Clay.
Dood is een Dialoog – tussen
De Geest en het Stof.
“Ontbind” zegt de Dood –
De Geest, “Meneer,
Ik geloof in iets anders” –
De Dood heeft daar twijfels bij –
Redeneert vanuit de Grond –
De Geest gaat ervandoor
En legt als bewijs gewoon
Een Overjas van Klei af.
Emily Dickinson
Said Death to Passion
“Give of thine an Acre unto me.”
Said Passion, through contracting Breaths
“A Thousand Times Thee Nay.”
Bore Death from Passion
All His East
He – sovreign as the Sun
Resituated in the West
And the Debate was done
Zei Dood tot Hartstocht
“Geef een stuk Land van u aan mij.”
Zei Hartstocht, met snikkende Adem
“Niet voor Jou, geen Duizend Keer.”
Dood nam van Hartstocht
Heel Zijn Oosten in beslag
Hij – machtig als de Zon
Vestigde zich weer in het Westen
En de Onenigheid was voorbij
Emily Dickinson
The first We knew of Him was Death –
The second, was Renown –
Except the first had justified
The second had not been –
Het eerste wat we van Hem wisten was Dood –
Het tweede, was Roem –
Als het eerste niet aangetoond was
Was het tweede er niet geweest –
Emily Dickinson
Death leaves Us homesick,
———-who behind,
Except that it is gone
Are ignorant of it’s Concern
As if it were not born.
Through all their former Places, we
like Individuals go
Who something lost, the seeking for
Is all that’s left them, now –
De Dood laat Ons die achterblijven
———-met Heimwee achter,
Behalve dat ze heengegaan is
Weten we niet wat haar Bezighoudt
Alsof ze niet geboren was.
Door al die Plaatsen van vroeger,
Gaan we als individuen
Die iets kwijt zijn, ernaar zoeken
Is alles wat hen nog rest, nu –
Emily Dickinson
Let down the Bars, Oh Death –
The tired Flocks come in
Whose bleating ceases to repeat
Whose wandering is done –
Thine is the stillest night
Thine the securest Fold
Too near Thou art for seeking Thee
Too tender, to be told.
Haal de Hekken neer, O Dood –
De vermoeide Kudden komen binnen
Hun blaten weerklinkt niet langer
Hun dolen is gedaan –
Van Jou is de stilste nacht
Van Jou de veiligste Schaapskooi
Te dichtbij ben Je om Jou te hoeven zoeken
Te gevoelig, om van te spreken.
Emily Dickinson
The Frost of Death was on the Pane
The Frost of Death was on the Pane –
“Secure your Flower” said he.
Like Sailors fighting with a Leak
We fought Mortality –
Our passive Flower we held to Sea –
To mountain – to the Sun –
Yet even on his Scarlet shelf
To crawl the Frost begun –
We pried him back
Ourselves we wedged
Himself and her between –
Yet easy as the narrow Snake
He forked his way along
Till all her helpless beauty bent
And then our wrath begun –
We hunted him to his Ravine
We chased him to his Den –
We hated Death and hated Life
And nowhere was to go –
Than Sea and continent there is
A larger – it is Woe –
Emily Dickinson
De Vorst des Doods stond op het Raam –
“Beschut je Bloem” zei hij.
Zoals Zeilers worstelen met een Lek
Vochten wij met Sterfelijkheid –
Onze stille Bloem gaven we Zee
Zetten haar hoog – gaven we Zon
Maar zelfs op haar Rode Bloemblaadjes
Begon de Vorst te kruipen –
We probeerden hem los te peuteren
We zaten klem
Tussen Hem en haar –
Maar even gemakkelijk als een dunne Slang
Baande de Kou zijn weg erlangs
Tot al haar weerloze schoonheid omknakte
En toen kwam onze woede –
We joegen hem in zijn Spelonk
We dreven hem naar zijn Hol.
We verafschuwden Dood én Leven
En er was geen plek om heen te gaan –
Er is iets groters dan Zee en alle land
Het is – Pijn –
Emily Dickinson
That this should feel the need of Death
The same as those that lived
Is such a Feat of Irony
As never was achieved –
Not satisfied to ape the Great
————in his simplicity
The small must die, the same as he –
Oh the audacity –
Dat dit behoefte aan Dood zou voelen
Net als zij die geleefd hebben
Is zo’n Knap Staaltje Ironie
Nog nooit vertoond –
Ontevreden om in zijn eenvoud
————de Grote na te apen
Moet ook de kleine sterven, net als hij –
O, wat een brutaliteit –
Emily Dickinson
It came at last but prompter Death
Had occupied the House –
His pallid Furniture arranged
And his metallic Peace –
Oh faithful Frost that kept the Date
Had Love as punctual been
Delight had aggrandized the Gate
And blocked the coming in.
Ze kwam uiteindelijk, maar de dood
Had het Huis al sneller bezet –
Zijn bleke Meubilair neergezet
En zijn stalen Vrede –
O trouwe Vorst die zich aan de Datum hield
Was de Liefde even stipt geweest
Had Vreugde het Hek verhoogd
En de Toegang geblokkeerd.
Emily Dickinson
Death’s Waylaying not the sharpest
Of the Thefts of Time –
There marauds a sorer Robber –
Silence – is his name –
No Assault, nor any menace
Doth betoken him.
But from Life’s consummate Cluster,
He supplants the Balm.
Dood die op de Loer ligt is niet de pijnlijkste
Manier van Tijdroven –
Een veel brutaler Rover overvalt ons –
Stilte – is zijn naam –
Geen Aanval, noch minste dreiging
Verraadt hem.
Maar de gehele Volheid van het Leven,
Ontneemt hij de Balsem.
Emily Dickinson
Death warrants are supposed to be
An enginery of equity
A merciful mistake
A pencil in an Idol’s Hand
A Devotee has oft consigned
To Crucifix or Block
Doodvonnissen worden geacht
Een instrument van gerechtigheid te zijn
Een barmhartige vergissing
Een pen in de Hand van een Afgod
Een Fanaat heeft vaak verwezen
Naar Kruis of Guillotine
Emily Dickinson
Of Death I try to think like this
Of Death I try to think like this,
The Well in which they lay us
Is but the Likeness of the Brook
That menaced not to slay us,
to invite by that Dismay
Which is the Zest of sweetness
To the same Flower Hesperian,
Decoying but to greet us –
I do remember when a Child
With bolder Playmates straying
To where a Brook that seemed a Sea
Withheld us by it’s roaring
From just a Purple Flower beyond
Until constrained to clutch it
If Doom itself were the result,
The boldest leaped, and clutched it –
Emily Dickinson
Over de dood denk ik zo,
De Put waarin ze ons leggen
Is slechts een Gelijkenis voor de Rivier
Die niet dreigt om ons te doden,
Maar ons welkom heet met zo’n Ontsteltenis
Dat het een Smaak van zoetheid geeft
Aan de Hemelse Bloem zelf,
Enkel om ons te lokken en te begroeten –
Ik herinner me nog dat ik als Kind
Met stoere Speelkameraadjes afdwaalde
Naar waar de Rivier op een Zee leek
En die ons met zijn geruis tegenhield
Van een Paarse Bloem net aan de overkant
Tot verbeten om haar te grijpen
Al zou het uitdraaien op het Noodlot zelf,
Met de stoerste sprong, en haar beetpakte –
Emily Dickinson
So give me back to Death –
The Death I never feared
Except that it deprived of thee –
And now, by Life deprived,
In my own Grave I breathe
And estimate its size –
Its size is all that Hell can guess –
And all that Heaven was –
Geef me maar terug aan de Dood –
De Dood waar ik nooit bang voor was
Behalve dat hij jou van mij afnam –
En nu, van het Leven beroofd,
Haal ik adem in mijn eigen Graf
En schat zijn omvang –
Zijn omvang is alles wat de Hel doet vermoeden –
En alles wat de Hemel was –
Emily Dickinson
O MORTE
O mundo era uma estrela,
Um dia, se apagou,
Arrefeceu e a treva
Imensa o sufocou!
E nessa hora de luto.
Horrenda e dolorida.
Dentre as cinzas da Terra,
Ergueu-se a luz da vida!
Quando se apaga um sol.
Mil corações se inflamam..
As estrelas dão luz.
Mas os planetas amam!
E assim a luz do sol
Falece, num desmaio.
Para ser um olhar
Ou linda flor de maio…
Nosso corpo é também
Um astro que se apaga;
Um sol que a inundação
Da escuridão alaga.
Para que nek surja
A vida consciente,
A existência absoluta,
A vida omnipotente!
Nasce da noite morta
A viva claridade…
Do que é frágil e vão
Procede a Eternidade.
Ê preciso que tombe
O nosso corpo em poeira,
Para ser alma e vida
Eterna e verdadeira!
Ê preciso baixar
À sepultura horrenda
Para que a vida nossa.
Em voos de luz, ascenda
Às regiões sem fim
Do sempiterno amor!
Homens, é necessário
O último estertor:
Homens, é necessária
A tragédia sublime
Que o corpo criminoso
E tétrico redime!
Homens, é necessário
O drama da agonia!
Ó morte esplendorosa,
Aurora, Glória, Dia!…
- versão (edição 1924):
O nosso corpo é estrela que envelhece
E, súbito, escurece!
E, aos ventos, se desfaz em cinza arrefecida,
Para que dele surja a verdadeira vida!
É preciso baixar à sepultura horrenda.
Para que a nossa alma, em voos de luz, ascenda
Ao sempiterno amor!
Homens, é necessário o último estertor!
É preciso chorar a lágrima final,
Já sobrenatural!
Homens, é necessário o drama da agonia.
Ó morte, redenção, aurora, glória, dia!
Versão definitiva (edição Obras Completas , s/d):
O nosso corpo é estrela,
Que vai arrefecendo
E escurecendo,
Para que nele surja uma outra luz mais bela,
A luz espiritual.
É preciso baixar à negra sepultura,
Para que a humana e pobre criatura
Alcance o eterno amor.
Ê preciso sofrer o último estertor.
Chorar a lágrima final…
Teixeira de Pascoaes | Vida Etérea
DE DOOD
De wereld was een ster,
Op een dag doofde ze uit,
Ze werd koud en de duisternis
Verstikte haar onmetelijk!
En in dat uur van rouw,
Verschrikkelijk en pijnlijk,
Rees uit de as van de aarde,
Het licht van het leven!
Wanneer een zon uitgaat,
worden duizend harten ontvlamd…
De sterren geven licht,
Maar de planeten beminnen!
En zo gelooft het licht van de zon,
in een roes,
een glimp te zijn,
Of een prachtige meibloem…
Ook ons lichaam is
Een ster die uitgaat;
Een zon die wordt overspoeld door de vloed
Van duisternis.
Zodat er
Bewust leven kan ontstaan,
Absoluut bestaan,
Almachtig leven!
Uit de dode nacht wordt geboren
De levende helderheid…
Uit wat fragiel en ijdel is,
Ontstaat de eeuwigheid.
Het is noodzakelijk dat ons lichaam tot stof vergaat,
om ziel en leven te zijn,
eeuwig en waarachtig!
Het is noodzakelijk af te dalen
naar het afschuwelijke graf,
zodat ons leven,
in vluchten van licht, kan opstijgen
naar de eindeloze regionen
van eeuwige liefde!
Mannen, het is noodzakelijk
De laatste ademtocht:
Mannen, het is noodzakelijk
De sublieme tragedie
die het misdadige en grimmige lichaam verlost!
Mannen, het is noodzakelijk
Het drama van de doodsstrijd!
O schitterende dood,
Dageraad, Glorie, Dag!…
2e versie (editie 1924):
Ons lichaam is een ster die veroudert
En plotseling verduistert!
En, in de winden, oplost in afgekoelde as,
zodat er waar leven uit kan voortkomen!
Het is noodzakelijk af te dalen naar het afschuwelijke graf,
zodat onze ziel, in vluchten van licht, kan opstijgen
naar eeuwige liefde! Mannen, de laatste doodsreutel is noodzakelijk!
Het is noodzakelijk de laatste traan te huilen,
nu bovennatuurlijk!
Mannen, het drama van de doodsstrijd is noodzakelijk.
O dood, verlossing, dageraad, glorie, dag!
Definitieve versie (uitgave Complete Werken, z.d.):
Ons lichaam is een ster,
die afkoelt
en verduistert,
zodat er een ander, mooier licht in kan oprijzen,
het geestelijke licht.
Het is noodzakelijk af te dalen in het donkere graf,
zodat de mens en het arme schepsel
de eeuwige liefde kan bereiken.
Het is noodzakelijk de laatste doodsstrijd te doorstaan.
De laatste traan te huilen…
Teixeira de Pascoaes | Etherisch Leven

O RISO
Ó riso, olhar de Apolo, pai do dia!
Luz ardente vestindo corpos virgens…
Ó riso, etérea fonte de harmonia!
Ó riso misterioso das origens,
Ó riso sempiterno do deus Pã,
Ó riso delirante das vertigens!
Ó riso, a luz sagrada é tua irmã.
Sempre que uns lábios puros vão sorrir,
Neles, fulgura a estrela da manhã.
Ser alegre é ser luz. Rir é florir.
Cravos na infância, rosas pequeninas.
São sorrisos de amor que estão a abrir.
Áureas chuvas de riso cristalinas.
Desenhando, nos bosques rumorosos,
Anjos de luz, aparições divinas!
Risos de oiro nos vagos céus brumosos,
Risos da aurora, orvalhos matinais.
Risos de flor nos troncos voluptuosos.
Riso das ondas, riso dos cristais.
Flocos de espuma, a rir, em tosca frágua,
Ó riso intenso e frio dos metais!
Riso do sol que doira a nossa mágoa;
Lábios da noite acesos numa estrela,
Lábios de nuvem num sorriso de água…
Riso da morte, ao luar, que se congela;
Riso gravado a fogo, em névoa escura,
Beijo, a sorrir, nuns olhos de donzela.
Riso da branca neve, que fulgura…
Ó místico sorriso da Piedade!
Riso de sombra em trágica figura…
Risos da primavera! Nova idade!
Lírios que sois, nos vales, os primeiros
Enviados da divina claridade.
Riso aquecendo os torvos nevoeiros…
Ó riso madrugante e solitário.
Riso anterior aos mundos passageiros.
Ou nas flores agrestes do Calvário,
Ou nas flores do campo, em tudo vejo
O riso primitivo e originário,
O precursor da aurora e do desejo,
Da esperança e da lágrima dorida…
Nebulosa, no Azul, nuns lábios, beijo!…
Riso eterno de Deus criando a Vida!
Teixeira de Pascoaes | Vida Etérea
GELACH
O gelach, blik van Apollo, vader van de dag!
Brandend licht omhult maagdelijke lichamen…
O gelach, etherische bron van harmonie!
O mysterieus gelach van oorsprong,
O eeuwig gelach van de god Pan,
O uitzinnige lach van duizeligheid!
O gelach, heilig licht is je zus.
Wanneer pure lippen glimlachen,
Schijnt de morgenster erop.
Vreugdevol zijn is licht zijn. Lachen is bloeien.
Anjers in de kindertijd, kleine rozen.
Het zijn glimlachen van liefde die zich openen.
Gouden regens van kristalhelder gelach.
Tekenend, in de ruisende bossen,
Engelen van licht, goddelijke verschijningen!
Gouden gelach in de vage mistige hemel,
Gelach van de dageraad, ochtenddauw.
Bloemenlach op weelderige stammen.
Gelach van de golven, gelach van de kristallen.
Schuimvlokken, lachend, in een ruwe smederij,
O, intense en koude lach van metalen!
Lach van de zon die ons verdriet verguldt;
Lippen van de nacht verlicht in een ster,
Lippen van een wolk in een glimlach van water…
Lach van de dood, in het maanlicht, dat bevriest;
Lach gegraveerd in vuur, in donkere mist,
Een kus, glimlachend, in de ogen van een meisje.
Lach van de witte sneeuw, die glinstert…
O, mystieke glimlach van vroomheid!
Lach van schaduw in een tragische figuur…
Lach van de lente! Nieuw tijdperk!
Lelies die, in de valleien, de eerste
Gezanten van goddelijke helderheid zijn.
Lach dat de donkere mist verwarmt…
O, vroege en eenzame lach.
Lach voor de vergankelijke werelden.
Of het nu in de ruige bloemen van Golgotha is,
of in de wilde bloemen, in alles wat ik zie
Het primitieve en oorspronkelijke gelach,
De voorbode van de dageraad en het verlangen,
Van hoop en pijnlijke tranen… Nevel, in het blauw,
op sommige lippen, een kus!…
Eeuwig gelach van God die het leven schept!
Teixeira de Pascoaes | Etherisch leven
Death is the supple Suitor (1445)
Death is the supple Suitor
That wins at last –
It is a stealthy Wooing
Conducted first
By pallid innuendoes
And dim approach
But brave at last with Bugles
And a bisected Coach
It bears away in triumph
To Troth unknown
And Kindred as responsive
As Porcelain.
Emily Dickinson
De Dood is de soepele Minnaar
Die uiteindelijk wint –
Het is een heimelijke Vrijage
Eerst uitgevoerd
Met zwakke toespelingen
En vage advances
Maar stoer op ‘t laatst met Trompetgeschal
En een tweedelige Koets
Triomfantelijk brengt het ons weg
Naar een onbekende Reunie
Met Verwanten zo ongrijpbaar
Als Stapels Dons –
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
Because I could not stop for Death – (479)
Because I could not stop for Death –
He kindly stopped for me –
The Carriage held but just Ourselves –
And Immortality.
We slowly drove – He knew no haste
And I had put away
My labor and my leisure too,
For His Civility –
We passed the School, where Children strove
At Recess – in the Ring –
We passed the Fields of Gazing Grain –
We passed the Setting Sun –
Or rather – He passed Us –
The Dews drew quivering and Chill –
For only Gossamer, my Gown –
My Tippet – only Tulle –
We paused before a House that seemed
A Swelling of the Ground –
The Roof was scarcely visible –
The Cornice – in the Ground –
Since then – ‘tis Centuries – and yet
Feels shorter than the Day
I first surmised the Horses’ Heads
Were toward Eternity –
Emily Dickinson
Omdat ik niet voor de Dood kon stoppen –
Stopte hij vriendelijk voor mij –
De Koets bood alleen voor Ons plaats –
En voor Onsterfelijkheid.
We reden langzaam – Hij had geen haast
En ik had al mijn werk
En ook mijn vrije tijd opzijgezet
Voor Zijn Beleefdheid –
We passeerden de School, waar kinderen stoeiden
Het was Pauze – op het Strijdtoneel –
We passeerden Korenvelden
———die naar ons staarden –
We passeerden de Ondergaande Zon –
Of eigenlijk – Hij passeerde Ons –
De Dauw bezorgde me koude rillingen –
Want mijn Jurk, was enkel Chiffon –
Mijn Schoudermantel – slechts Tule –
Wij hielden stil voor een Huis dat leek
Op een Bult op de Grond –
Het Dak was nauwelijks te zien –
De Dakrand – in de Grond –
’t Is alweer eeuwen geleden – en toch
Voelt het korter dan een Dag
Dat Ik voor het eerst doorhad
———dat de Paardenhoofden
Richting Eeuwigheid gingen –
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
Daar ik voor de dood niet stoppen kon —
Deed hij ’t attent voor mij
Wij pasten samen in de koets —
Onsterfelijkheid ging mee.
We reden traag – Hij had geen haast
Terwijl ik afstand deed
Van vrije tijd en van mijn werk,
Om Zijn Wellevendheid –
We gingen langs de School, gewoel
Van Kinderen – in de Kring-
Langs Velden Starend Graan – en langs
De Zon die Onderging-
Of nee – Die ging langs Ons –
Toen Dauw Koude en huiver bracht –
Want enkel Tule – was mijn Sjaal –
Mijn Jurk, maar Spinnerag –
We stopten voor een Huis dat leek
Te Zwellen uit de Grond –
Het Dak was nauwelijks te zien –
Het Lijstwerk – in de Grond –
’t Is Eeuwen her – en toch voelt het
Nog korter dan de Dag
Dat ik voor’t eerst die Paarden wist
Naar Eeuwigheid op weg-
Emily Dickinson
Vertaling Peter Verstegen
It was not Death, for I stood up (510)
It was not Death, for I stood up,
And all the Dead, lie down—
It was not Night, for all the Bells
Put out their Tongues, for Noon.
It was not Frost, for on my Flesh
I felt Sirocos—crawl—
Nor Fire—for just my Marble feet
Could keep a Chancel, cool—
And yet, it tasted, like them all,
The Figures I have seen
Set orderly, for Burial,
Reminded me, of mine—
As if my life were shaven,
And fitted to a frame,
And could not breathe without a key,
And ‘twas like Midnight, some—
When everything that ticked—has stopped—
And Space stares all around—
Or Grisly frosts—first Autumn morns,
Repeal the Beating Ground—
But, most, like Chaos—Stopless—cool—
Without a Chance, or Spar—
Or even a Report of Land—
To justify—Despair.
Emily Dickinson
Het was niet de Dood, want ik stond rechtop,
En alle Doden, liggen plat –
Het was niet Nacht, want alle Klokken
Staken hun Tong uit, voor het Middaguur.
Het was niet de Vorst, want op mijn Huid
Voelde Ik de hete wind – huiveren –
Ook geen Vuur – want enkel
———mijn voeten van Marmer
Hielden het Koor koud –
En toch, had het de smaak, van dat alles,
De Gedaanten die ik zag
Keurig op een rij, voor een Begrafenis,
Deden me denken, aan die van mij –
Alsof mijn leven afgeschoren was,
Passend gemaakt voor een kist,
En zonder sleutel niet kon ademen,
Het leek wel wat, op Middernacht –
Waar alles wat tikte – is gestopt –
En Ruimte overal om zich heen staart –
Of Griezelige vorstkou –
———op een eerste Herfstmorgen,
Die het Kloppen van de Grond stopzet.
Maar, het meest, leek het op Chaos –
———Niet te stoppen – koud –
Zonder een schijn van Kans, of Mast –
Of zelfs een Bericht van Land in Zicht –
Om Wanhoop – te rechtvaardigen.
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
Het was geen Dood, want ik stond op,
En Doden, liggen plat –
Het was geen Nacht, want elke Klok
Klepelde, Middagtijd.
Geen Vrieskou was’t, want op mijn Vlees
Sirocco’s – voelde ik –
Geen Vuur – want met mijn marmervoet
Verkoelde ik, een Kerk-
En toch, het smaakte, naar dat al,
Gestalten die ik zag
Voor Uitvaart, in ’t gelid, waardoor
Ik aan de mijne, dacht-
Als was mijn leven bijgeschaafd,
En in een vorm gevat,
En zonder sleutel ademloos,
‘tLeek wat, op Middernacht –
Als al wat tikte – is gestopt-
De ruimte – staart in ’t rond –
Of kou die IJselijk – ’t werd net Herfst-
Kloppende Grond Herroept-
Maar, ;t meest, als Chaos – Tomeloos – koel –
Kansloos, of zonder mast –
Of zelf Bericht van – Land in zicht –
Voor Wanhoop – een excuus
Emily Dickinson
Vertaling Peter Verstegen
Hope is the thing with feathers (254)
Hope is the thing with feathers
That perches in the soul,
And sings the tune without the words,
And never stops at all,
And sweetest in the gale is heard;
And sore must be the storm
That could abash the little bird
That kept so many warm.
I’ve heard it in the chillest land,
And on the strangest sea;
Yet, never, in extremity,
It asked a crumb of me.
Emily Dickinson
“Hoop” is het ding met veren –
Dat neerstrijkt in de ziel –
En er het wijsje zonder woorden zingt –
En nooit – helemaal ophoudt –
En het liefst – klinkt – bij harde Wind –
Zwaar moet de storm zijn –
Die het Vogeltje het zwijgen oplegt
Dat zovelen warm hield –
Ik hoorde het in de koudste streken –
En op de verste Zee –
Toch, nooit, ook niet in hoogste Nood,
Vroeg het een kruimel – van Mij.
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
TEMPESTADE
Minh’alma fez seu ninho ao pé dum grande abismo,
Onde chega, a tremer, o álgido paroxismo
Dum imenso estertor.
Um orvalho de sangue as minhas faces molha,
E o lírio do Azul por sobre mim desfolha
O vendaval da dor!
Sinto no coração esse terrível frio
Que enche os montes de neve e faz gelar um rio
E tiritar o mundo.
Meu cérebro delira em sonhos de tristeza…
E aos meus ouvidos chega a voz da Natureza,
Num soluço profundo!
E uma trágica voz feita de fel e pranto.
Onde a Alegria chora em pálido quebranto
E onde é um gemido o vento.
Ê uma voz aflitiva e triste, onde murmura
A dor universal, a humana desventura,
O eterno sofrimento!
Uma voz onde existe o timbre excepcional
Da voz dum lírio que emurchece em ermo val”
Da voz do que sofri,
Da voz da luz que o vento vai assassinar…
Foi essa voz que faz as árvores chorar
Que me falou de ti,
Quando, um dia, passei, à hora do poente.
Perto da campa onde tu sonhas suavemente,
Numa visão de luz
Que te revela agora o Ideal que desejaste,
Esse ideal que sobre a terra não achaste,
Assim como Jesus!
Dorme em paz, meu irmão. Ó vítima sublime
Da negra estupidez, da injustiça e do crime
Que ainda insultam Deus!
Dorme em paz; que o teu sonho imenso de Verdade
Há-de ser para o mundo a nova claridade
E o novo azul dos céus.
Teu sonho não morreu contigo. É sempiterno.
E uma bendita flor sem abril, sem inverno.
Que tu semeaste, irmão.
E será sempre um sol quimérico a fulgir
Sobre as almas que, um dia, o Bem hão-de sentir,
Aquele teu perdão!
Grande acontecimento e cousa extraordinária!
Quando a tua alma triste, agreste e solitária
Como Jesus, perdoou.
Ó sublime perdão ! Imaculado dia
Que nos permite ver as asas d’harmonia,
Onde a tua alma voou…
Perdão que fez tremer de pânico um bandido
E que vestiu de luz o espaço indefinido…
Ó palavra d’amor
Que as estrelas de Deus, cantando, repetiram,
Palavra que também os lírios proferiram,
Sorrindo à tua dor.
Ó divino Perdão ! Ó sacrossanto exemplo,
Que merece um altar, Verdade, no teu templo.
Palavra sobre-humana!
Como a essência que anima as árvores e o granito,
Que o teu perdão de luz, esse sol infinito.
Anime a alma humana!…
*
Quem pode ser feliz, enquanto houver o mal?
Quem pode ser alegre enquanto houver tristeza?
Sorrir, enquanto chora a dor universal?
Cantar, enquanto é um ai profundo a Natureza?
Quem pode ser sereno, enquanto os vendavais
Causam naufrágios, perdições e mortandades,
E enquanto os homens são injustos, desiguais,
E enquanto sobre a terra há só calamidades?…
Por isso, tu, minh’alma, ó triste visionária,
Desce da tua luz às trevas horrorosas
E guarda, dentro em ti, ó grande solitária,
As lágrimas sem fim dos seres e das cousas…
Desce do etéreo azul, alma bondosa e forte!
És precisa no mundo e não nos altos céus.
Que tu conheças bem a noite, o mal e a morte,
Antros onde não chega o resplendor de Deus!…
Deixa os astros, Amor, e desce aos lodaçais.
Despe a túnica d’oiro, e que teu rosto belo
Fique branco de dor, fique orvalhado d’ais.
Uma lágrima é maior que o sete-estrelo ! . . .
Teixeira de Pascoaes | Para a luz
STORM
Mijn ziel nestelde zich aan de voet van een grote afgrond,
waar, bevend, de ijzige aanval komt
van een immense doodsroffel.
Een dauw van bloed bevochtigt mijn gezicht,
en de blauwe lelie ontvouwt zich boven mij
de windvlaag van pijn!
Ik voel in mijn hart deze verschrikkelijke kou
die de bergen met sneeuw bedekt en een rivier doet bevriezen
en de wereld doet beven.
Mijn brein droomt in een waanidee van verdriet…
En in mijn oren klinkt de stem van de Natuur,
in een diepe snik!
En een tragische stem, gemaakt van gal en tranen.
Waar Vreugde huilt in bleek verdriet
en waar de wind een jammerklacht is.
Het is een kwellende en droevige stem, waar gemurmel klinkt
Universele pijn, menselijk ongeluk,
eeuwig lijden!
Een stem met een uitzonderlijk timbre
Als de stem van een verwelkende lelie in een verlaten dal
Als de stem van wat ik heb geleden,
Als de stem van het licht dat de wind zal doden…
Het was die stem die de bomen doet huilen
Die tot mij sprak over jou,
Toen ik op een dag, bij zonsondergang, voorbijliep.
Vlakbij het graf waar je zachtjes droomt,
In een visioen van licht
Dat je nu het Ideaal onthult dat je verlangde,
Dat ideaal dat je niet op aarde vond,
Net als Jezus!
Rust in vrede, mijn broeder. O verheven slachtoffer
Van zwarte domheid, onrecht en misdaad
Die God nog steeds beledigen!
Rust in vrede; want jouw immense droom van Waarheid
Zal voor de wereld de nieuwe helderheid zijn
En het nieuwe blauw van de hemel.
Jouw droom is niet met jou gestorven. Hij is eeuwig.
En een gezegende bloem zonder april, zonder winter.
Die jij hebt gezaaid, broeder.
En er zal altijd een chimere zon schijnen
Op de zielen die op een dag de goedheid zullen voelen,
Die vergeving van jou!
Een geweldige gebeurtenis en een buitengewoon iets!
Toen jouw droevige, wilde en eenzame ziel
Net als Jezus vergaf.
O verheven vergeving! Onbevlekte dag
Die ons de vleugels van harmonie laat zien,
Waar jouw ziel heen vloog…
Vergeving die bandieten deed sidderen van paniek
En die de ongedefinieerde ruimte in licht hulde…
O woord van liefde
Dat de sterren van God zingend herhaalden,
Woord dat ook de lelies spraken,
Glimlachend om jouw pijn.
O goddelijke Vergeving! O heilig voorbeeld,
Dat een altaar verdient, Waarheid, in jouw tempel.
Bovenmenselijk woord!
Zoals de essentie die de bomen en het graniet bezielt,
Moge uw vergeving van licht, die oneindige zon,
de menselijke ziel bezielen!…
*
Wie kan gelukkig zijn zolang het kwaad bestaat?
Wie kan vreugdevol zijn zolang er verdriet bestaat?
Wie kan glimlachen terwijl men universeel huilt van pijn?
Wie kan zingen, terwijl de natuur een diepe klaagzang is?
Wie kan sereen zijn, terwijl de stormen
schipbreuken, verderf en dood veroorzaken,
en terwijl mensen onrechtvaardig en ongelijk zijn,
en terwijl alleen rampspoed op aarde heerst?…
Daarom, jij, mijn ziel, o droevige ziener,
daal af van je licht naar de huiveringwekkende duisternis
En bewaar in jezelf, o grote eenzame,
de eindeloze tranen van wezens en dingen…
Daal af uit het etherische blauw, vriendelijke en sterke ziel!
Je bent nodig in de wereld en niet in de hoge hemelen.
Moge je de nacht, het kwaad en de dood goed kennen,
Holten waar de pracht van God niet reikt!…
Verlaat de sterren, Liefde, en daal af naar het slijk.
Trek je gouden tuniek uit, en moge je mooie gezicht
wit worden van verdriet, bevochtigd met zuchten.
Een traan is groter dan de Zeven Sterren! . . .
Teixeira de Pascoaes | Naar het Licht

INVERNO
Um pálido fulgor a noite sobressalta…
Dos telhados se eleva, esguia, uma torre alta,
Como um cipreste ao pé de vagas sepulturas.
Na indecisão da luz, ó chuva, tu murmuras…
As ruas vão morrer, além, num negro abismo,
Onde a luz dos lampiões, num triste paroxismo,
Agoniza, chorando a noite em que brilhou…
Principia a nevar. O vento serenou.
Um horroroso frio os membros entorpece…
E no álgido levante, a medo, resplandece
O sol a tiritar, transido, arroxeado.
Por uma névoa espessa e húmida velado…
Foi à luz deste sol que, ao limiar duma porta,
Sobre a neve, encontrei uma criança morta.
No peito as mãos em cruz, os olhos ainda abertos.
Contemplando talvez quiméricos desertos.
Como esses que ela tinha atravessado há pouco…
E eu visionei então um mundo ignóbil, louco.
Um mundo criminoso, injusto, pervertido.
Onde há bocas sem pão e corpos sem vestido.
Onde há lares sem fogo, onde há almas sem luz,
Onde Caifás é juiz e onde é réu Jesus;
Onde os bandidos são felizes e opulentos.
Onde a Bondade sofre os mais duros tormentos!
Um mundo que ao Azul dá a impressão dum grito,
Onde o espírito humano é um réprobo maldito,
Um Messias que sobe um infindo calvário,
Sob um céu sempre mudo e sempre solitário,
Através dum caminho estéril, sempre agreste…
Onde Buda caiu e onde tu bebeste
O copo de cicuta, ó Sócrates divino;
Onde tu foste, Horácio, um vate libertino.
Onde tu, Vítor Hugo, encontraste um presídio
E onde por amor foi desterrado Ovídio!
Eu visionei o mundo assim como ele existe,
Alegre para o mal, para a bondade triste;
Para o crime um altar e cruz para a Verdade…
Um mundo ensanguentado e todo falsidade.
Que o calor do teu fogo, ó Satã, vem florir,
E onde ouço a Luz chorar e vejo a Treva a rir! . . .
Eis o mundo que eu vi, ao deparar na rua
Com essa criança morta, arrefecida e nua.
De fome ela morreu; morreu de frio agreste…
De fome de justiça, António, tu morreste!
E deste mundo ingrato e vil, meu grande irmão,
Dessa criança levaste a alma pela mão.
Tu partiste com ela, e aqui ficámos sós,
Sombrios como o mar revoltado e feroz.
Numa infinita dor onde há surdos bramidos
De rochedos que torna a lava encandecidos,
Junto da boca negra e hiante dos vulcões…
Tormento que nos faz tremer nas convulsões
Dum ódio represado, imenso e poderoso
Que faz do nosso peito um mar tempestuoso,
Um trovejante céu sem astros de esplendor,
Um abismo sem fundo onde soluça a Dor…
Dum ódio enorme, ódio sem fim, ódio infinito.
Que será da revolta o sempiterno grito! . . .
Teixeira de Pascoaes | Para a luz
WINTER
Een bleke gloed schrikt de nacht op…
Van de daken rijst, slank, een hoge toren op,
Als een cipres aan de voet van vage graven.
In de besluiteloosheid van het licht, oh regen, mompel je…
De straten zullen sterven, daarachter, in een zwarte afgrond,
Waar het licht van de lantaarnpalen, in een droevige aanval,
Kwellend, huilend om de nacht waarin het scheen…
Het begint te sneeuwen. De wind is gaan liggen.
Een vreselijke kou verdooft de ledematen…
En in de ijzige zonsopgang schijnt, angstig,
De zon trillend, versteend, paarsachtig.
Gehuld in een dikke, vochtige mist…
Het was in het licht van deze zon dat ik,
op de drempel van een deur,
In de sneeuw, een dood kind vond.
Op zijn borst, handen in een kruis, ogen nog open.
Misschien peinzend over denkbeeldige woestijnen.
Zoals die waar ze net langs was gegaan…
En toen zag ik een verdorven, waanzinnige wereld.
Een criminele, onrechtvaardige, perverse wereld.
Waar monden zonder brood zijn en lichamen zonder kleren.
Waar huizen zonder vuur zijn, waar zielen zonder licht zijn,
Waar Kajafas rechter is en Jezus beklaagde;
Waar bandieten gelukkig en rijk zijn.
Waar het goede de zwaarste kwellingen ondergaat!
Een wereld die de indruk wekt van een schreeuw naar het blauw,
Waar de menselijke geest een vervloekte schurk is,
Een Messias die een eindeloze Calvarieberg beklimt,
Onder een hemel die altijd stil en altijd eenzaam is,
Door een dor, altijd wild pad…
Waar Boeddha viel en waar jij dronk
De beker met gif, o goddelijke Socrates;
Waar jij was, Horatius, een losbandige dichter.
Waar jij, Victor Hugo, een gevangenis vond
En waar Ovidius werd verbannen uit liefde!
Ik zag de wereld zoals die is,
Verheugd om het kwaad, bedroefd om het goede;
Een altaar voor misdaad en een kruis voor de Waarheid…
Een bebloede wereld, vol leugens.
Moge de hitte van uw vuur, o Satan, oplaaien,
en waar ik het Licht hoor huilen en de Duisternis zie lachen! …
Dit is de wereld die ik zag, toen ik op straat
Dat dode kind tegenkwam, koud en naakt.
Ze stierf van de honger; ze stierf van de kou, een ongeluk…
Jij stierf van de honger naar gerechtigheid, Antonius!
En uit deze ondankbare en verdorven wereld, mijn grote broer,
nam jij de ziel van dat kind bij de hand.
Je vertrok met haar, en hier blijven wij alleen achter,
donker als de woeste en ontembare zee.
In een oneindige pijn waar gedempte brullen klinken
Van rotsen die de lava doen gloeien,
Naast de zwarte, gapende mond van vulkanen…
Een kwelling die ons doet sidderen in stuiptrekkingen
Van een onderdrukte, immense en krachtige haat
Die onze borst verandert in een woeste zee,
Een donderende hemel zonder schitterende sterren,
Een bodemloze afgrond waar de pijn snikt…
Van een enorme haat, eindeloze haat, oneindige haat.
Wat zal er van de opstand terechtkomen, van de eeuwige kreet! …
Teixeira de Pascoaes | Voor het Licht
Mine Enemy is growing old
Mine Enemy is growing old –
I have at last Revenge –
The Palate of the Hate departs –
If any would avenge
Let him be quick –
The Viand flits –
It is a faded Meat –
Anger as soon as fed – is dead –
‘Tis Starving makes it fat –
Emily Dickinson
Mijn Vijand is oud aan het worden –
Eindelijk neem ik Wraak –
De Smaak van Haat trekt weg –
Als iemand wraak wil
Laat hem haast maken –
Het Vlees gaat er vandoor –
Het is smakeloze Kost –
Zodra Woede gegeten wordt – is ze dood –
Het is de Honger die haar vet maakt –
Emily Dickinson
The Things that never can come back, are several
The Things that never can come back,
——–are several –
Childhood – some forms of Hope –
——–the Dead –
Though Joys – like Men –
——–may sometimes make a Journey –
And still abide –
We do not mourn for Traveler, or Sailor,
Their Routes are fair –
But think enlarged of all
——–that they will tell us
Returning here –
“Here!” There are typic “Heres” –
Foretold Locations –
The Spirit does not stand –
Himself – at whatsoever Fathom
His Native Land –
Emily Dickinson
Er zijn diverse Dingen,
——–die nooit meer terugkomen –
Kindertijd – bepaalde vormen van Hoop –
——–de Doden –
Alhoewel Vreugde – net als Mensen –
——–soms op Reis gaat –
En nog steeds blijft bestaan –
We treuren niet om de Reiziger, of de Zeeman,
Hun Wegen zijn prachtig –
Maar denk uitgebreid na over alles
——–wat ze ons te vertellen hebben
Bij hun terugkeer hier –
“Hier!” Er zijn typische “Hieren” –
Voorspelbare Plekken –
De Geest heeft geen voetstuk –
Hij – in welk Bereik ook
Wordt zijn Eigen Land –
Emily Dickinson
Of Glory not a Beam is left
Of Glory not a Beam is left
But her Eternal House –
The Asterisk is for the Dead,
The Living, for the Stars –
Van Roem blijft geen Straaltje over
Alleen haar Eeuwige Huis –
Het Sterretje is voor de Doden,
De Levenden, voor de Sterren –
Emily Dickinson

Not any sunny tone
From any fervent zone
Find entrance there
Better a grave of Balm
Toward human nature’s home
And Robins near
Than a stupendous Tomb
Proclaiming to the gloom
How dead we are –
Emily Dickinson
Geen enkel zonnige gloed
Uit welk vurige sfeer ook
Komt erbinnen
Beter een graf van Balsem
Als woning voor een mensenwezen
En Roodborsten in de buurt
Dan een kolossale Graftombe
Die mistroostig verkondigt
Hoe dood we zijn –
Emily Dickinson
The saddest noise, the sweetest noise
The saddest noise, the sweetest noise,
The maddest noise that grows, –
The birds, they make it in the spring,
At night’s delicious close,
Between the March and April line –
That magical frontier
Beyond which summer hesitates,
Almost too heavenly near.
It makes us think of all the dead
That sauntered with us here,
By separation’s sorcery
Made cruelly more dear.
It makes us think of what we had,
And what we now deplore.
We almost wish those siren throats
Would go and sing no more.
An ear can break a human heart
As quickly as a spear.
We wish the ear had not a heart
So dangerously near.
Emily Dickinson
Het treurigste geluid, het zoetste geluid,
Het gekste geluid dat opkomt, –
De vogels, zij maken het in de lente,
Aan het heerlijke einde van de avond,
Op het scheiden van Maart en April –
Die magische grens
Waarachter de zomer aarzelt,
Bijna te hemels dichtbij.
Het doet ons denken aan alle doden
Die hier met ons meeliepen,
Door de toverij van de scheiding
Op wrede wijze nog dierbaarder gemaakt.
Het doet ons denken aan wat we hadden,
En waar we nu verdrietig om zijn.
Bijna willen we dat die bekoorlijke kelen
Niet meer zouden gaan zingen.
Emily Dickinson
Revolution is the Pod
Revolution is the Pod
Systems rattle from
When the Winds of Will are stirred
Excellent is Bloom
But except its Russet Base
Every Summer be
The Entomber of itself,
So of Liberty –
Left inactive on the Stalk
All its Purple fled
Revolution shakes it for
Test if it be dead.
Emily Dickinson
Revolutie is de Knop
Waaruit Systemen losbarsten
Wanneer de Stormen van de Wil oplaaien
Is de Groei Fantastisch
Maar buiten zijn Rossige Finale
Is elke Zomer
Zijn eigen Doodgraver
Zo ook de Vrijheid –
Blijft ze levenloos op de Stengel
Vervliegt al haar Purper
Revolutie schudt haar door elkaar
Om te zien of ze dood is.
Emily Dickinson
Under the Light, yet under
Under the Light, yet under,
Under the Grass and the Dirt,
Under the Beetle’s Cellar
Under the Clover’s Root,
Further than Arm could stretch
Were it Giant long,
Further than Sunshine could
Were the Day Year long,
Over the Light, yet over,
Over the Arc of the Bird –
Over the Comet’s chimney –
Over the Cubit’s Head,
Further than Guess can gallop
Further than Riddle ride –
Oh for a Disc to the Distance
Between Ourselves and the Dead!
Emily Dickinson
Onder het Licht, ver eronder,
Onder het Gras en de Modder,
Onder de Kelder van de Kever,
Onder de Wortels van de Klaver,
Verder dan een Arm kan strekken
Al was hij Reuzelang,
Verder dan het Zonlicht komt
Al duurt de Dag een Jaar lang,
Voorbij het Licht, ver voorbij,
Voorbij de Vlucht van een Vogel –
Voorbij de Staart van een Komeet –
Voorbij het Menselijk Begrijpen,
Verder dan Fantasie kan vliegen
Verder dan het Mysterie voert –
Och, wat voor een Onmetelijke Verte
Tussen Ons en de Doden!
Emily Dickinson
The last Night that She lived
The last Night that She lived
It was a Common Night
Except the Dying – this to Us
Made Nature different
We noticed smallest things –
Things overlooked before
By this great light upon our minds
Italicized – as ’twere.
As We went out and in
Between Her final Room
And Rooms where Those to be alive
Tomorrow, were, a Blame
That Others could exist
While She must finish quite
A Jealousy for Her arose
So nearly infinite –
We waited while She passed –
It was a narrow time –
Too jostled were Our Souls to speak
At length the notice came.
She mentioned, and forgot –
Then lightly as a Reed
Bent to the Water, struggled scarce –
Consented, and was dead –
And We – We placed the Hair –
And drew the Head erect –
And then an awful leisure was
Belief to regulate.
Emily Dickinson
Haar Laatste Levensavond
Was een Gewone Avond
Behalve het Sterven – dit maakte
Voor Ons de Natuur anders
We merkten de kleinste dingen op –
Die eerder over het hoofd waren gezien
Vanuit dit grote licht op onze geest
Vetgedrukt – als het ware.
Zoals Wij in- en uitliepen
Tussen Haar laatste Vertrek
En Kamers waar Wie morgen
In leven zou blijven, gaf een Schuldgevoel
Dat Anderen mochten leven
Terwijl Haar einde snel moest komen
Jaloezie kwam boven naar Haar
Zo dichtbij het oneindige was ze –
We wachtten tot Zij heenging –
Het duurde een krappe tijd –
Onze Zielen, te geschokt om iets te zeggen
Eindelijk kondigde het zich aan.
Zij zei wat, en vergat –
Dan zoals een Riet lichtjes gebogen
Naar het Water, voerde ze amper strijd –
Was er klaar voor, en stierf –
En Wij – Wij deden het Haar –
Trokken het hoofd recht –
En toen kwam een ontzettende leegte
Voor het op orde brengen van het geloof.
Emily Dickinson
After a hundred years
After a hundred years
Nobody knows the Place
Agony that enacted there
Motionless as Peace
Weeds triumphant ranged
Strangers strolled and spelled
At the lone Orthography
Of the Elder Dead
Winds of Summer Fields
Recollect the way –
Instinct picking up the Key
Dropped by memory –
Emily Dickinson
Over honderd jaar
Weet niemand de Plek meer
De Doodsstrijd die er plaatsvond
Is dan doodstil als Vrede
Onkruid staat er triomfantelijk in het gelid
Vreemden hangen rond en spellen
De eenzame Letters
Van de Doden van weleer
De Winden van de Zomervelden
Vinden alweer hun weg –
De Drift van de Natuur pakt de Sleutel op
Die het geheugen liet vallen –
Emily Dickinson
Somehow myself survived the Night
Somehow
———myself survived the Night
And entered with the Day –
That it be saved the Saved suffice
Without the Formula.
Henceforth I take my living place
As one commuted led –
A Candidate for Morning Chance
But dated with the Dead.
Emily Dickinson
Op de een of andere manier
———heb ik de Nacht overleefd
En ging de Dag in –
Dat je gered bent, volstaat voor wie gered is
Zonder Recept.
Vanaf nu neem ik mijn plaats in het leven in
Als iemand die een ander leven leidde –
Een kandidaat voor Nieuwe Kansen
Maar verweven met de Dood.
Emily Dickinson
My Triumph lasted till the Drums
My Triumph lasted till the Drums
Had left the Dead alone
And then I dropped my Victory
And chastened stole along
To where the finished Faces
Conclusion turned on me
And then I hated Glory
And wished myself were They.
What is to be is best descried
When it has also been –
Could Prospect taste of Retrospect
The Tyrannies of Men
Were Tenderer, diviner
The Transitive toward –
A Bayonet’s contrition
Is nothing to the Dead –
Emily Dickinson
Mijn Triomf duurde tot de Trommels
De Doden met rust hadden gelaten
En toen gaf ik mijn Overwinning op
En verslagen dwaalde ik langs de plek
Waar de gestorven Gezichten
De Conclusie omkeerde voor mij
Toen haatte ik de Glorie
En wenste dat ik Hen was.
Wat zal zijn is het beste te ontwaren
Aan wat al geweest is –
Kon Toekomst zich aan Verleden toetsen
De Menselijke Tirannie
Zou Liefdevoller, goddelijker zijn
Op weg naar het Heengaan –
Stelt voor de Doden
Het berouw van een Bajonet niets voor –
Emily Dickinson
Lain in Nature – so suffice us
Lain in Nature –
———so suffice us
The enchantless Pod
When we advertise existence
For the missing Seed –
Maddest Heart that God created
Cannot move a sod
Pasted by the simple summer
On the Longed for Dead –
Te ruste gelegd in de Natuur –
———dus neem genoegen met
De levenloze Peulenschil
Als we leven aanprijzen
Voor het afwezige Zaad –
Het Gekste Hart dat God schiep
Kan nog geen zode verzetten
Die een gewone zomer hecht
Aan de Doden die we zo Missen –
Emily Dickinson
My Life had stood – a Loaded Gun
My Life had stood – a Loaded Gun –
In Corners – till a Day
The Owner passed – identified –
And carried Me away –
And now We roam in Sovereign Woods –
And now We hunt the Doe –
And every time I speak for Him –
The Mountains straight reply –
And do I smile, such cordial light
Upon the Valley glow –
It is as a Vesuvian face
Had let its pleasure through –
And when at Night – Our good Day done –
I guard My Master’s Head –
‘Tis better than the Eider–Duck’s
Deep Pillow – to have shared –
To foe of His – I’m deadly foe –
None stir the second time –
On whom I lay a Yellow Eye –
Or an emphatic Thumb –
Though I than He – may longer live
He longer must – than I –
For I have but the power to kill,
Without – the power to die –
Emily Dickinson
Mijn Leven had – als een Geladen Geweer –
In de Hoek gestaan – tot op een Dag
De Eigenaar kwam – Mij herkende –
En met zich meenam –
En nu zwerven Wij door Machtige Bossen –
Jagen Wij op de Hinde –
En telkens wanneer ik voor Hem spreek –
Geven de Bergen gelijk antwoord –
Als ik glimlach, gloeit het Dal
Van zo’n hartverwarmend licht –
Het is alsof een Vulkaan haar vreugde
Laat doorbreken op mijn gezicht –
En ’s Nachts – na een mooie Dag voor Ons –
Als ik over Mijn Meesters Hoofd waak –
Voelt het beter dan wat het met Dons
Gevulde Kussen – te bieden heeft.
Voor Zijn vijand – ben ik een dodelijke –
Niemand verroert zich een tweede keer –
Op wie ik mijn Vizier richt –
Of het delicate Duimgebaar maak –
Al leef ik misschien langer – dan Hij –
Hij moet nog langer – dan Ik –
Want ik heb de kracht om te doden,
Zonder – de kracht om dood te gaan –
Emily Dickinson
The Birds reported from the South
The Birds reported from the South –
A News express to Me –
A spicy Charge, My little Posts –
But I am deaf – Today –
The Flowers – appealed – a timid Throng –
I reinforced the Door –
Go blossom to the Bees – I said –
And trouble Me – no More –
The Summer Grace, for notice strove –
Remote – Her best Array –
The Heart – to stimulate the Eye
Refused too utterly –
At length, a Mourner, like Myself,
She drew away austere –
Her frosts to ponder – then it was
I recollected Her –
She suffered Me, for I had mourned –
I offered Her no word –
My Witness – was the Crape I bore –
Her – Witness – was Her Dead –
Thenceforward – We – together dwelt –
She – never questioned Me –
Nor I – Herself –
Our Contract
A Wiser Sympathy
Emily Dickinson
Vogels brachten uit het Zuiden –
Nieuws mee, speciaal voor Mij –
Een pittige Lading, Mijn kleine Postbodes –
Maar Vandaag – ben ik er doof voor –
Een verlegen Stoet Bloemen – reclameerde –
Ik deed de Deur goed dicht –
Ga bloeien bij de Bijen – zei ik –
En stoor Me – niet Meer –
De Zomerse Gratie, deed haar best –
Om buiten – haar mooiste Collectie te tonen –
Het Hart – weigerde absoluut
Om de Ogen te prikkelen –
Op het einde, in Rouw, net als Ik,
Trok Zij zich ascetisch terug –
Om haar kou te overdenken – pas toen
Dacht ik aan Haar –
Zij leed om Mij, vanwege mijn rouw –
Ik sprak geen woord tegen Haar –
Mijn Getuige – was de Rouwband die ik droeg –
Haar – Getuige – was Haar Dood –
Vanaf die dag – bleven Wij – bij elkaar –
Zij – twijfelde nooit aan Mij –
En ik niet – aan Haar –
Ons Pact
Een Begripvolle Sympathie
Emily Dickinson

Sweet, to have had them lost
Good, to have had them lost
For News that they be saved!
The nearer they departed Us
The nearer they, restored,
Shall stand to Our Right Hand –
Most precious – are the Dead –
Next precious,
———those that rose to go –
Then thought of Us, and stayed.
Goed, om ze verloren te hebben,
Vanwege het Bericht dat ze gered zijn!
Hoe dichter hun vertrek bij het Onze ligt,
Hoe dichter zij, als ze herleven,
Aan Onze Rechterhand moeten staan –
Het meest dierbaar – zijn de Doden –
Bijna net zo dierbaar,
———zijn zij die opstonden om te gaan –
Toen aan Ons dachten, en bleven.
Emily Dickinson
“I want” – it pleaded – All it’s life
“I want” – it pleaded – All it’s life –
I want – was chief it said
When Skill entreated it – the last –
And when so newly dead –
I could not deem it late – to hear
That single – steadfast sigh –
The lips had placed as with a “Please”
Toward Eternity –
“Ik wil” – smeekte zij – haar Hele leven –
Ik wil – was het belangrijkste wat ze zei
Toen ze om de Dood verzocht – op ‘t laatst –
En toen ze pas gestorven was –
Vond ik het niet te laat – om te horen
Die ene – standvastige zucht –
Op de lippen gelegd als een “Alstublieft”
Aan de Eeuwigheid –
Emily Dickinson
The Sun is gay or stark
The Sun is gay or stark
According to our Deed.
If Merry, He is merrier –
If eager for the Dead
Or an expended Day
He helped to make too bright
His mighty pleasure suits Us not
It magnifies Our Freight
De Zon is vrolijk of laaiend
Naargelang ons Doen en Laten.
Zijn we Vrolijk, is Hij nog vrolijker –
Verlangen we naar de Dood
Of dat er een einde komt aan de Dag
Die Hij te blakend had gemaakt
Dan zint Ons zijn machtig plezier niet
Het verergert Onze Zwaarte
Emily Dickinson
Superfluous were the Sun
Superfluous were the Sun
When Excellence be dead
He were superfluous every Day
For every Day be said
That syllable whose Faith
Just saves it from Despair
And whose “I’ll meet You” hesitates
If Love inquire “Where”?
Upon His dateless Fame
Our Periods may lie
As Stars that drop anonymous
From an abundant sky.
Emily Dickinson
De Zon zou van geen nut zijn
Wanneer de Allerbeste gestorven is
Elke Dag zou ze geen nut hebben
Want elke Dag wordt die lettergreep
Uitgesproken waarvan het Geloof
Het net redt van de Wanhoop
En waarvan “Ik zal je terugzien” aarzelt
Als de Liefde vraagt “Waar”?
Op Haar tijdloze Roem
Kunnen onze Tijden tot rust komen
Als Sterren die naamloos vallen
Uit een overvolle hemel.
Emily Dickinson
Too scanty ’twas to die for you
Too scanty ’twas to die for you,
The merest Greek could that.
The living, Sweet, is costlier –
I offer even that –
The Dying, is a trifle, past,
But living, this include
The dying multifold – without
The Respite to be dead.
Het was te gering om voor jou te sterven,
Zelfs de meest eenvoudige Griek zou dat kunnen.
Het leven, lieverd, is kostbaarder –
Ik bied zelfs dat aan –
Het sterven is een kleinigheid, voorbij,
Maar het leven, dat omvat
Het sterven in veelvoud – zonder
De verademing van de dood.
Emily Dickinson
A Dying Tiger – moaned for Drink
A Dying Tiger –
———moaned for Drink –
I hunted all the Sand –
I caught the Dripping of a Rock
And bore it in my Hand –
His Mighty Balls –
———in death were thick –
But searching – I could see
A Vision on the Retina
Of Water – and of me –
‘
Twas not my blame – who sped too slow –
‘Twas not his blame – who died
While I was reaching him –
But ’twas – the fact that He was dead –
Emily Dickinson
Een Stervende Tijgerkikker –
———kermde van de Dorst –
Al het Zand heb ik doorzocht –
Ik ving Druppels van een Rots
En droeg ze in mijn Hand –
Zijn Machtige Oogballen –
———waren dik van de dood –
Maar toen ik goed keek – kon ik
Op het Netvlies een Beeld zien
Van Water – en van mij –
Niet mijn schuld – dat ik te langzaam rende –
Niet zijn schuld – dat hij stierf
Toen ik bij hem kwam –
Maar het was – het feit dat Hij dood was –
Emily Dickinson
Unit, like Death, for Whom?
Unit, like Death, for Whom?
True, like the Tomb,
Who tells no secret
Told to Him –
The Grave is strict –
Tickets admit
Just two – the Bearer –
And the Borne –
And seat – just One –
The Living – tell –
The Dying – but a Syllable –
The Coy Dead – None –
No Chatter – here – no tea –
So Babbler, and Bohea – stay there –
But Gravity – and Expectation – and Fear –
A tremor just, that All’s not sure.
Emily Dickinson
Een Wooneenheid, zoiets als de Dood, voor Wie?
Klopt, net als de Grafsteen,
Dat geen geheim prijsgeeft
Wat aan Hem verteld is –
Het Graf is streng –
De Kaartjes laten
Slechts twee toe – de Drager –
En Wie Gedragen wordt –
En slechts – Eén plaats –
De Levenden – spreken –
De Stervenden – een enkel Woord –
De Stille Doden – Niets –
Hier – geen Geklets – geen thee –
Dus Babbelkous, en Bohea – blijf weg –
Alleen Zwaarte – Vooruitzicht – en Angst –
Gewoon een huivering, dat Alles niet zeker is.
Emily Dickinson
Eenheid, zoals de Dood, voor wie?
Inderdaad, zoals het Graf,
Die geen geheim vertelt
Aan Hem verteld –
Het Graf is streng –
Kaartjes geven toegang
Slechts twee – de Drager –
En de Gedragene –
En plaats – slechts één –
De Levenden – vertellen –
De Stervenden – slechts een lettergreep –
De Schuchtere Doden – Geen –
Geen geklets – hier – geen thee –
Dus Babbelaar en Bohea – blijf daar –
Maar Zwaartekracht – en Verwachting – en Angst –
Een lichte rilling, dat alles onzeker is.
Emily Dickinson
A House upon the Height
A House upon the Height –
That Wagon never reached –
No Dead, were ever carried down –
No Peddler’s Cart – approached –
Whose Chimney never smoked –
Whose Windows – Night and Morn –
Caught Sunrise first –
———and Sunset – last –
Then – held an Empty Pane –
Whose fate – Conjecture knew –
No other neighbor – did –
And what it was – we never lisped –
Because He – never told –
Emily Dickinson
Een Huis de Hoogte in –
Waar nooit een Wagen kwam –
Geen Dode, werd er ooit omlaag gedragen –
Geen Marktkar – kwam in de buurt –
Zijn Schoorsteen rookte nooit –
Zijn Vensters – in de Nacht en Morgen –
Vingen het eerst de Zonsopgang het eerst –
———en zijn Ondergaan het laatst –
Daarna – bleef een Lege Ruit over –
Wat er gebeurde – moest je Raden –
Geen ander in de buurt – wist het –
En over wat het was – brabbelden we nooit –
Omdat Hij – het nooit verklapte –
Emily Dickinson
We dream – it is good we are dreaming
We dream – it is good we are dreaming –
It would hurt us – were we awake –
But since it is playing – kill us,
And we are playing – shriek –
What harm? Men die – externally –
It is a truth – of Blood –
But we – are dying in Drama –
And Drama – is never dead –
Cautious – We jar each other –
And either – open the eyes –
Lest the Phantasm – prove the Mistake –
And the livid Surprise
Cool us to Shafts of Granite –
With just an age – and name –
And perhaps a phrase in Egyptian –
It’s prudenter – to dream –
Emily Dickinson
We dromen – maar goed dat we dromen –
Het zou ons pijn doen – bleven we wakker –
Maar aangezien het spel is – gaan we dood,
En wij erin spelen – gillen we –
Kan het kwaad? Mensen sterven – heus –
Het is een waarheid – van het Bloed –
Maar wij – sterven op het Toneel –
En Toneel – is nooit dood –
Voorzichtig – schudden We elkaar wakker –
En allebei – openen we de ogen –
Bang dat de Nachtmerrie – Echt is –
En de vreselijke Verrassing
Ons bevriest in Zuilen van Graniet –
Met slechts leeftijd – en naam –
En misschien een spreuk in het Egyptisch –
Het is verstandiger – te dromen –
Emily Dickinson
The heart asks Pleasure – first
The Heart asks Pleasure – first –
And then – Excuse from Pain –
And then – those little Anodynes
That deaden suffering –
And then – to go to sleep –
And then – if it should be
The will of its Inquisitor,
The privilege to die –
Eerst – vraagt het Hart om Geluk –
En dan – Vrij te zijn van Pijn –
En dan – die kleine Middeltjes
Om het lijden te verzachten –
En dan – te mogen slapen
En dan – als het de wil
Van zijn Inquisiteur mag zijn,
Het voorrecht om te sterven –
Emily Dickinson
Endow the Living – with the Tears
Endow the Living – with the Tears –
You squander on the Dead,
And They were Men and Women – now,
Around Your Fireside –
Instead of Passive Creatures,
Denied the Cherishing
Till They – the Cherishing deny –
With Death’s Ethereal Scorn –
Schenk Levenden – de Tranen –
Die je aan de Doden verspilt,
En Zij waren – nu – de Mannen en Vrouwen
Rond Jouw Haardvuur –
In plaats van de Lijdzame Wezens
Aan wie Liefde werd ontzegd
Tot Ze zelf – Liefde weigerden –
Met een Etherische Grijns van de Dood –
Emily Dickinson
If He were living – dare I ask
If He were living – dare I ask –
And how if He be dead –
And so around the Words I went –
Of meeting them – afraid –
I hinted Changes –
———Lapse of Time –
The Surfaces of Years –
I touched with Caution –
———lest they crack –
And show me to my fears –
Reverted to adjoining Lives –
Adroitly turning out
Wherever I suspected Graves –
‘Twas prudenter – I thought –
And He – I pushed – with sudden force –
In face of the Suspense –
“Was buried” – “Buried”! “He!”
My Life just holds the Trench –
Emily Dickinson
Of Hij nog in leven was – durf ik het te vragen –
En wat als Hij dood was –
Dus draaide ik om de Woorden heen –
Bang – om ze uit te spreken –
Ik zinspeelde op Veranderingen –
———Verloop van Tijd –
De Oppervlakkigheden van Jaren –
Stipte ik Voorzichtig aan –
———bang dat ze zouden barsten –
En mij mijn angsten zouden tonen –
Ik viel terug op het Leven in de buurt –
Vermeed handig alle plekken
Waar ik ook maar Graven vermoedde –
Dat was tactvoller – dacht ik –
En Hij – ik explodeerde – plotsklaps –
Geconfronteerd met de Spanning –
“Was begraven” – “Begraven”! “Hij!”
Mijn Leven blijft gewoon een Loopgraaf –
Emily Dickinson
Do People moulder equally
Do People moulder equally,
They bury, in the Grave?
I do believe a Species
As positively live
As I, who testify it
Deny that I – am dead –
And fill my Lungs, for Witness –
From Tanks – above my Head –
I say to you, said Jesus –
That there be standing here –
A Sort, that shall not taste of Death –
If Jesus was sincere –
I need no further Argue –
That statement of the Lord
Is not a controvertible –
He told me, Death was dead –
Emily Dickinson
Vergaan alle Mensen hetzelfde tot stof,
Die men in het Graf, begraaft?
Ik geloof echt dat er een Soort
Even zeker blijft leven
Als ik, die hiervan getuigt,
Ontken dat ik – dood ben –
En als Bewijs, mijn Longen vul –
Uit Reservoirs – boven mijn Hoofd –
Ik zeg jullie, zei Jezus –
Er zijn er hier onder ons,
Een Soort, die de Dood niet zal smaken –
Als Jezus oprecht was –
Heb ik niet meer Argumenten nodig –
Die verklaring van de Heer
Is onweerlegbaar –
Hij zei me, dat de Dood dood was –
Emily Dickinson
I cried at Pity – not at Pain
I cried at Pity – not at Pain –
I heard a Woman say
“Poor Child” – and something in her voice
Convicted me – of me –
So long I fainted, to myself
It seemed the common way,
And Health, and Laughter, Curious things –
To look at, like a Toy –
To sometimes hear “Rich people” buy –
And see the Parcel rolled –
And carried, I supposed – to Heaven,
For children, made of Gold –
But not to touch, or wish for,
Or think of, with a sigh –
And so and so – had been to me,
Had God willed differently.
I wish I knew that Woman’s name –
So when she comes this way,
To hold my life, and hold my ears
For fear I hear her say
She’s “sorry I am dead” – again –
Just when the Grave and I –
Have sobbed ourselves almost to sleep,
Our only Lullaby –
Emily Dickinson
Ik huilde van Medelijden – niet van Pijn –
Ik hoorde een Vrouw zeggen
“Arm kind” – en iets in haar stem
Overtuigde mij dat ik dat was –
Al die tijd dat ik verzwakte, leek het
Voor mijzelf heel normaal,
Om Gezondheid, en Lachen, als iets vreemds –
Te zien, als een stuk Speelgoed –
Soms hoorde ik dat “Rijken” het kopen –
En ervoor zorgen dat het Pakje verzonden wordt –
Vervoerd, denken Wij – naar de Hemel,
Voor kinderen, gemaakt van Goud –
Zonder het aan te raken, te verlangen,
Of eraan te denken, met een zucht –
En hoe het dan – voor ons was geweest,
Als God anders had gewild.
Ik wou dat ik de naam van die Vrouw wist –
Voor als ze deze kant opkomt,
Ik houd mijn adem in, en mijn oren dicht
Uit angst dat ik haar hoor zeggen
Dat ze “spijt heeft dat ik dood ben” – alweer –
Precies op het moment dat het Graf en ik –
Onszelf bijna in slaap hebben gesnikt,
Ons enige Slaapliedje –
Emily Dickinson

‘Twas like a Maelstrom, with a notch
‘Twas like a Maelstrom, with a notch,
That nearer, every Day,
Kept narrowing its boiling Wheel
Until the Agony
Toyed coolly with the final inch
Of your delirious Hem –
And you dropt, lost,
When something broke –
And let you from a Dream –
As if a Goblin with a Gauge –
Kept measuring the Hours –
Until you felt your Second
Weigh, helpless, in his Paws –
And not a Sinew – stirred – could help,
And sense was setting numb –
When God – remembered – and the Fiend
Let go, then, Overcome –
As if your Sentence stood – pronounced –
And you were frozen led
From Dungeon’s luxury of Doubt
To Gibbets, and the Dead –
And when the Film had stitched your eyes
A Creature gasped “Reprieve”!
Which Anguish was the utterest – then –
To perish, or to live?
Emily Dickinson
Een Draaikolk leek het wel, met een gat,
Die elke Dag, dichterbij kwam,
Haar kokende Wiel werd alsmaar enger
Tot de Doodsangst
Koeltjes speelde met het laatste eindje
Van jouw uiterste Waanzin –
En je viel, verloren,
Toen iets dat brak –
En jou uit de Droom hielp –
Alsof een Enge Geest met een Duimstok –
Steeds de Uren bleef opmeten –
Tot jij aanvoelde hoe jouw Seconde
Machteloos, in zijn Klauwen, woog –
Geen Zenuw – gespannen – kon helpen,
Zintuigen waren verdoofd –
Toen het God – heugde – en de Duivel
Op dat moment, losliet, Overwonnen –
Alsof jouw Vonnis was – vastgesteld –
En je ijskoud geleid werd
Van de luxueuze Kerker van de Twijfel
Naar de Galg, en de Dood –
En toen de Sluier je ogen had dichtgestikt
Snakte een Schepsel naar adem: “Genade”!
Welke angst was – toen – het allergrootste –
Voor omkomen, of voor leven?
Emily Dickinson
I Years had been from Home
I – Years – had been – from Home –
And now – before the Door –
I dared not open – lest a Face
I never saw before
Stare vacant into mine
And ask my Business there –
My Business – just a Life I left –
Was such – still dwelling there?
I fumbled at my nerve –
I scanned the Window o’er –
The Silence – like an Ocean rolled –
And broke against my Ear –
I laughed a Wooden laugh –
That I – could fear a Door –
Who Danger – and the Dead – had faced –
But never shook – before –
I fitted to the Latch – my Hand –
With trembling Care –
Lest back the Awful Door should spring –
And leave me – in the Floor –
I moved my Fingers off,
———-as cautiously as Glass –
And held my Ears – and like a Thief
Stole – gasping – from the House –
Emily Dickinson
Jaren – was ik – van Huis geweest –
En nu – voor de Deur –
Durfde Ik niet open te doen – bang
Dat een volkomen onbekend Gezicht
Wezenloos in het mijne zou staren
En vragen wat ik daar te maken had –
Ik heb enkel – een Leven achtergelaten –
Was zoiets – daar nog blijven wonen?
Ik graaide mijn moed bij elkaar –
Ik keek nog vluchtig langs het Raam –
De Stilte – rolde als een Golf uit –
En brak op mijn Oor –
Ik lachte Houterig –
Dat ik – bang kon zijn voor een Deur –
Ik, die van Gevaar – en Dood – aandurfde –
En nooit beefde – voordien –
Ik omvatte de Klink – met mijn Hand –
Trillend van Voorzichtigheid –
Dat de Vreselijke Deur maar niet opensprong –
En mij – door de Grond deed zakken –
Ik trok mijn Vingers ervan af,
———-voorzichtig als was ze van Glas –
Hield mijn Oren dicht – en als een Dief
Nam ik hijgend de vlucht – weg van het Huis –
Emily Dickinson
Our journey had advanced
Our journey had advanced –
Our feet were almost come
To that odd Fork in Being’s Road –
Eternity – by Term –
Our pace took sudden awe –
Our feet – reluctant – led –
Before – were Cities – but Between –
The Forest of the Dead –
Retreat – was out of Hope –
Behind – a Sealed Route –
Eternity’s White Flag – Before –
And God – at every Gate –
Emily Dickinson
Onze reis schoot op –
Onze voeten brachten ons bijna
Bij die rare Splitsing in het Pad des Levens –
Eeuwigheid – van Naam –
Onze tred kreeg plots gewicht –
Schoorvoetend – stapten we – verder
Vóór ons – lagen Steden – maar Tussenin –
Het Bos van de Doden
Teruggaan – was Hopeloos –
Achter ons – de Weg afgesloten –
Vóór ons – de Witte Vlag van de Eeuwigheid –
En God – bij elke Poort –
Emily Dickinson
We pray – to Heaven
We pray – to Heaven –
We prate – of Heaven –
Relate – when Neighbors die –
At what o’clock to heaven – they fled –
Who saw them – Wherefore fly?
Is Heaven a Place – a Sky – a Tree?
Location’s narrow way is for Ourselves –
Unto the Dead
There’s no Geography –
But State – Endowal – Focus –
Where – Omnipresence – fly?
We bidden – tot de Hemel –
We kletsen – over de Hemel –
Vragen ons af – als Buren sterven –
Hoe laat ze naar de hemel – zijn gevlucht –
Wie zag ze vliegen – en Waarom?
Is de Hemel een Plek – Lucht – een Boom?
De smalle weg naar de Plaats is voor Ons –
Voor de Doden
Geldt geen Aardrijkskunde –
Maar Vrede – Gave van de Geest – Focus –
Waar vliegt – de Alomtegenwoordige God?
Emily Dickinson
It feels a shame to be Alive
It feels a shame to be Alive –
When Men so brave – are dead –
One envies the Distinguished Dust –
Permitted – such a Head –
The Stone – that tells defending Whom
This Spartan put away
What little of Him we – possessed
In Pawn for Liberty –
The price is great – Sublimely paid –
Do we deserve – a Thing –
That lives – like Dollars –
———must be piled
Before we may obtain?
Are we that wait – sufficient worth –
That such Enormous Pearl
As life – dissolved be – for Us –
In Battle’s – horrid Bowl?
It may be – a Renown to live –
I think the Men who die –
Those unsustained – Saviors –
Present Divinity –
Emily Dickinson
Het voelt beschamend te Leven –
Als Mensen die zo dapper zijn – stierven –
We benijden het Eerbiedwaardige Stof –
Vergund – aan zo’n Hoofd –
De Steen – die vertelt Wie deze Spartaan
Verdedigde en er zijn leven voor gaf
Zo weinig van Hem – bezaten wij
Als Onderpand voor de Vrijheid –
De Prijs is hoog – Groots betaald –
Verdienen wij – dat Iets –
Wat leeft – gelijk Dollars –
———opgestapeld moet worden
Voor we het kunnen verkrijgen?
Zijn wij die wachten – het voldoende waard –
Dat zo’n Enorme Parel
Als het leven – voor ons – opgelost wordt –
In de gruwelijke Kelk – van de Veldslag?
Misschien – is het een Eer om te leven –
Ik denk wel dat de Mensen die sterven –
Die omgekomen – Bevrijders –
God laten zien –
Emily Dickinson
This heart that broke so long
This heart that broke so long –
These feet that never flagged –
This faith that watched for star in vain,
Give gently to the dead –
Hound cannot overtake the Hare
That fluttered panting, here –
Nor any schoolboy rob the nest
Tenderness builded there.
Dit hart dat zo lang brak –
Deze voeten, die nooit opgaven –
Dit geloof dat tevergeefs op een ster wachtte,
Geef ze zacht aan de doden –
Een Jachthond kan de Haas niet inhalen
Die hier hijgend voorbijflitste –
Geen schooljongen het nest roven
Dat tederheid daar heeft gebouwd.
Emily Dickinson
Talk with prudence to a Beggar
Talk with prudence to a Beggar
Of “Potose,” and the mines!
Reverently, to the Hungry
Of your viands, and your wines!
Cautious, hint to any Captive
You have passed enfranchised feet!
Anecdotes of air in Dungeons
Have sometimes proved deadly sweet!
Spreek behoedzaam met een Bedelaar
Over “Potosi,” en de mijnen!
Tactvol, tot de Hongerigen
Over uw spijzen, en uw wijnen!
Voorzichtig, met raad aan een Gevangene
Die je met vrije voeten bent tegengekomen!
Anekdotes over open lucht zijn in Kerkers
Soms dodelijk zoet gebleken!
Emily Dickinson
We – Bee and I – live by the quaffing
We – Bee and I – live by the quaffing –
‘Tisn’t all Hock – with us –
Life has its Ale –
But it’s many a lay of the Dim Burgundy –
We chant – for cheer –
———when the Wines – fail –
Do we “get drunk”?
Ask the jolly Clovers!
Do we “beat” our “Wife”?
I – never wed –
Bee – pledges his – in minute flagons –
Dainty – as the tress – on her deft Head –
While runs the Rhine –
He and I – revel –
First – at the vat – and latest at the Vine –
Noon – our last Cup –
“Found dead” – “of Nectar” –
By a humming Coroner –
In a By-Thyme!
Emily Dickinson
Wij – Bij en ik – leven voor het zuipen –
En het is niet allemaal Rijnwijn – bij ons –
Het Leven heeft zijn Bier –
Maar veelal een lied over Oude Bourgogne –
Dat we zingen – ter opbeuring –
———als Wijn – ontbreekt –
Worden we “dronken”?
Vraag het de vrolijke Klavertjes!
“Slaan” we onze “Vrouw”?
Ik – ben nooit getrouwd –
Bij – toost op de zijne – met kleine kruikjes –
Sierlijk – als de krul – op haar elegante Kop –
Zolang de Rijn stroomt –
Genieten – Hij en ik –
Eerst – bij het vat – en later aan de Wijnstok –
Al op de Middag – onze laatste Beker –
“Dood gevonden” – “van Nectar” –
Door een zoemende Lijkschouwer –
In een Kruidentuin!
Emily Dickinson
It can’t be “Summer”!
It can’t be “Summer”!
That – got through!
It’s early – yet – for “Spring”!
There’s that long town of White – to cross –
Before the Blackbirds sing!
It can’t be “Dying”!
It’s too Rouge –
The Dead shall go in White –
So Sunset shuts my question down
With Cuffs of Chrysolite!
Het kan toch geen “Zomer” zijn!
Die – is al voorbij!
Te vroeg – nog – voor de “Lente”!
We trekken die lange stad van Wit – door –
Voor de Kraaien gaan krijsen!
Het kan geen “Sterven” zijn!
Het is te Rouge –
Doden gaan in ‘t Wit –
Dus sluit de Zonsondergang mijn vraag af
Met Manchetten van Chrysoliet!
Emily Dickinson
Before I got my eye put out
Before I got my eye put out
I liked as well to see –
As other creatures, that have eyes –
And know no other way –
But were it told to me, Today –
That I might have the Sky
For mine, I tell you that my Heart
Would split, for size of me –
The Meadows – mine –
The Mountains – mine –
All Forests – Stintless Stars –
As much of Noon as I could take
Between my finite eyes –
The Motions of the Dipping Birds –
The Lightning’s jointed Road –
For mine – to look at when I liked –
The News would strike me dead –
So safer – guess – with just my soul
Upon the Window pane –
Where other Creatures put their eyes –
Incautious – of the Sun –
Emily Dickinson
Voordat mijn oog blind werd –
Hield ik erg van kijken –
Zoals elk ander schepsel, dat ogen heeft –
En niet anders weet –
Maar werd mij Vandaag nog verteld –
Dat ik de Hemel mocht hebben –
Voor mijn oog, ik zeg je dat mijn Hart
Zou splijten, vanwege mijn formaat –
De Weiden – van mij –
De Bergen – van mij –
Alle Bossen – Eindeloze Sterren –
Zoveel van de Middag als ik aankan –
Voor mijn begrensde blik –
De Bewegingen van Vogels in Duikvlucht –
Het zigzaggend Pad van de Bliksem –
Voor mijn oog – kunnen kijken als ik het wil –
Zo’n Nieuws werd zeker mijn dood –
‘t Is veiliger – wellicht – gewoon met mijn ziel
Tegen het Vensterraam –
Waar andere Schepselen hun ogen
Onbekommerd – van de Zon af richten –
Emily Dickinson
It don’t sound so terrible – quite – as it did
It don’t sound so terrible – quite – as it did –
I run it over – “Dead”,
———Brain – “Dead.”
Put it in Latin – left of my school –
Seems it don’t shriek so – under rule.
Turn it, a little –
———full in the face
A Trouble looks bitterest –
Shift it – just –
Say “When Tomorrow comes this way –
I shall have waded down one Day.”
I suppose it will interrupt me some
Till I get accustomed – but then the Tomb
Like other new Things –
———shows largest – then –
And smaller, by Habit –
It’s shrewder then
Put the Thought in advance – a Year –
How like “a fit” – then –
Murder – wear!
Emily Dickinson
Het klinkt niet zo vreselijk – meer – als het deed –
Ik herhaal het steeds – “Dood”,
———in mijn Hoofd – “Dood.”
Zet het in Latijn – nog over van school –
Dan schreeuwt het niet zo – onder contrôle.
Geef er een draai aan, een beetje –
———recht in ’t gezicht
Ziet Narigheid er het pijnlijkst uit –
Verschuif het – gewoon –
Zeg “Als Morgen deze kant op komt –
Ben ik al één Dag doorgekomen.”
Ik denk dat het me even zal opbreken
Tot ik eraan gewend ben – maar het Graf ziet
Er net zoals elke Nieuwigheid
———groter uit – en dan –
Wordt het kleiner, door Gewenning.
Daarom is het slimmer om
De Gedachten – een Jaar – vooruit te zetten
Hoe “goed passend” – je dan –
De Moord – kan dragen!
Emily Dickinson
That odd old man is dead a year
That odd old man is dead a year –
We miss his stated Hat –
‘Twas such an evening bright and stiff
His faded lamp went out –
Who miss his antiquated Wick –
Are any hoar for him?
Waits any indurated mate
His wrinkled coming Home?
Oh Life, begun in fluent Blood
And consummated dull –
Achievement, contemplating thee –
Feels transitive and cool.
Emily Dickinson
Die vreemde, oude man is een jaar dood –
We missen zijn bekende Hoed –
Het was zo’n heldere, grimmige avond
Dat zijn flauw lampje uitging –
Wie mist zijn ouderwetse Pit –
Is er een grijze bejaarde voor hem?
Wacht er een taai maatje
Op zijn rimpelige Thuiskomst?
Och leven, begonnen in vloeiend bloed
En uitgeblust volbracht –
Het resultaat, kijken we naar jou –
Voelt vluchtig en kil aan.
Emily Dickinson
I never hear that one is dead
I never hear that one is dead
Without the chance of Life
Afresh annihilating me
That mightiest Belief,
Too mighty for the Daily mind
That tilling it’s abyss,
Had Madness, had it once or, Twice
The yawning Consciousness,
Beliefs are Bandaged, like the Tongue
When Terror were it told
In any Tone commensurate
Would strike us instant Dead –
I do not know the man so bold
He dare in lonely Place
That awful stranger – Consciousness
Deliberately face –
Emily Dickinson
Ik hoor nooit dat er iemand dood is
Of de loterij van het Leven
Verspeelt opnieuw bij mij
Dat allemachtige Geloof,
Te machtig voor de Simpele geest
Die zijn afgrond cultiveert,
En Gek wordt, als hij zich één of, Twee keer
Het gapend Bewustzijn kreeg,
Geloof is omzwachteld, als de Tong
Kreeg het Verschrikking verteld
Op elke evenredige Toon,
Had het ons meteen neergeveld –
Ik ken geen mens zo dapper
Die op een eenzame Plek het aandurft
Om die geduchte vreemdeling – van het te Weten
Moedwillig het hoofd te bieden –
Emily Dickinson
Praise it – ’tis dead
Praise it – ’tis dead –
It cannot glow –
Warm this inclement Ear
With the encomium it earned
Since it was gathered here –
Invest this alabaster Zest
In the Delights of Dust –
Remitted – since it flitted it
In recusance august.
Loof haar – ze is dood –
Kan niet meer stralen –
Verwarm dit koude Oor
Met de lof die ze verdiende
Nu ze hier werd binnengebracht –
Breng eer aan deze albasten Energie
Van de Aardse Genoegens –
Vrijgekomen – nu ze vertrok
In verheven vrijheid.
Emily Dickinson

‘Tis easier to pity those when dead
‘Tis easier
———to pity those when dead
That which pity previous
Would have saved
A Tragedy enacted
Secures applause
That Tragedy enacting
Too seldom does
Het is makkelijker
———meelij te hebben met wie dood zijn
Terwijl eerder medelijden
Hen gered zou hebben.
Een uitgevoerde Tragedie
Is verzekerd van applaus
Wat een Tragedie die bezig is
Bijna nooit krijgt
Emily Dickinson
Love can do all but raise the Dead
Love can do all but raise the Dead
I doubt if even that
From such a giant were withheld
Were flesh equivalent
But love is tired and must sleep,
And hungry and must graze
And so abets the shining Fleet
Till it is out of gaze.
Liefde vermag alles behalve de Doden opwekken
Ik betwijfel of zelfs dat
Zo’n reus zou weerhouden
Als het vlees even krachtig zou zijn
Maar liefde is moe en moet gaan slapen,
En hongerig en moet schrokken
En staat dus de schitterende Vloot bij
Tot die uit het zicht is.
Emily Dickinson
The distance that the dead have gone
The distance that the dead have gone
Does not at first appear;
Their coming back seems possible
That first abandoned year.
And then, that we have followed them,
We more than half suspect,
So intimate have we become
With their dear retrospect.
De afstand die de doden hebben afgelegd
Dringt niet meteen door;
Hun terugkeer lijkt mogelijk
In dat eerste verlaten jaar.
En daarna, gaan we goeddeels vermoeden
Dat we achter hen zijn aangegaan
Zo innig zijn we verbonden geworden
Met hun dierbare herinnering.
Emily Dickinson
There’s something quieter than sleep
There’s something quieter than sleep
Within this inner room!
It wears a sprig upon its breast –
And will not tell its name.
Some touch it, and some kiss it –
Some chafe its idle hand –
It has a simple gravity
I do not understand!
I would not weep if I were they –
How rude in one to sob!
Might scare the quiet fairy
Back to her native wood!
While simple–hearted neighbors
Chat of the “Early dead” –
We – prone to periphrasis,
Remark that Birds have fled!
Emily Dickinson
Er ligt iets stiller nog dan slaap
In deze binnenkamer!
Ze draagt een takje op haar borst.
En wil haar naam niet zeggen.
Er zijn er die haar aanraken, of kussen –
Of strelen haar roerloze hand –
Ze heeft een eenvoudige waardigheid
Die ik niet begrijp!
Als ik hen was, huilde ik niet –
Gesnotter is zo onbeleefd!
Het zou de stille fee wegjagen
Terug naar haar geboortebos!
Terwijl buren met een simpel hart
Praten over de “Te Vroeg gestorvene” –
Verwoorden wij – gevoelig voor beeldtaal,
Emily Dickinson
As by the dead we love to sit
As by the dead we love to sit –
Become so wondrous dear –
As for the lost we grapple
Tho’ all the rest are here –
In broken mathematics
We estimate our prize
Vast – in its fading ration
To our penurious eyes!
Omdat we graag bij de doden zitten –
Worden ze zo ongelooflijk dierbaar –
Omdat we worstelen met het verlies
Terwijl alle anderen nog hier zijn –
Met gebrekkig rekenwerk
Schatten we onze beloning
Omvangrijk – naarmate het verlies
In onze armoedige ogen!
Emily Dickinson
A word is dead, when it is said,
Some say –
I say it just begins to live
That day
Een woord is dood, als het uitgesproken wordt,
Zegt men –
Ik zeg dat het juist begint te leven
Die dag
Emily Dickinson
If anybody’s friend be dead
If anybody’s friend be dead
It’s sharpest of the theme
The thinking how they walked alive –
At such and such a time –
Their costume, of a Sunday,
Some manner of the Hair –
A prank nobody knew but them
Lost, in the Sepulchre –
How warm, they were, on such a day,
You almost feel the date –
So short way off it seems –
And now – they’re Centuries from that –
How pleased they were, at what you said –
You try to touch the smile
And dip your fingers in the frost –
When was it – Can you tell –
You asked the Company to tea –
Acquaintance – just a few –
And chatted close with this Grand Thing
That don’t remember you –
Past Bows, and Invitations –
Past Interview, and Vow –
Past what Ourself can estimate –
That – makes the Quick of Woe!
Emily Dickinson
Als iemands vriendin gestorven is
Is het meest schrijnende punt
Te denken hoe ze door het leven gingen –
Toen en toen –
Hun Zondagse kleding,
Een bepaalde Kapsel –
Een geintje dat niemand anders uithaalde
Nu verloren, in het Graf –
Hoe warmt, ze waren, op die dag,
Je voelt haast de datum nog –
Zo kortgeleden lijkt het –
En nu – zijn ze Eeuwen daarvandaan –
Hoe blij ze waren, met wat je zei –
Je wilt de glimlach nog aanraken
En doopt je vingers in de vorst –
Wanneer was het? – Weet je het nog –
Je vroeg het Gezelschap op de thee –
De Goede Vrienden – slechts een paar –
En praatte intiem met dit Geweldige Wezen
Dat geen weet meer heeft van jou –
Voorbij Beleefdheden, en Uitnodigingen –
Voorbij een Gesprek, en afspraken –
Voorbij wat Wijzelf kunnen bepalen –
Dat – maakt de Pijn het Ergste!
Emily Dickinson
If I may have it, when it’s dead
If I may have it, when it’s dead,
I’ll be contented – so –
If just as soon as Breath is out
It shall belong to me –
Until they lock it in the Grave,
‘Tis Bliss I cannot weigh –
For tho’ they lock Thee in the Grave,
Myself – can own the key –
Think of it Lover! I and Thee
Permitted – face to face to be –
After a Life – a Death – We’ll say –
For Death was That –
And this – is Thee –
I’ll tell Thee All – how Bald it grew –
How Midnight felt, at first –
———to me –
How all the Clocks stopped in the World –
And Sunshine pinched me – ‘Twas so cold –
Then how the Grief got sleepy – some –
As if my Soul were deaf and dumb –
Just making signs – across – to Thee –
That this way – thou could’st notice me –
I’ll tell you how I tried to keep
A smile, to show you,
———when this Deep
All Waded –
———We look back for Play,
At those Old Times – in Calvary.
Forgive me, if the Grave come slow –
For Coveting to look at Thee –
Forgive me, if to stroke thy frost
Outvisions Paradise!
Emily Dickinson
Als ik haar mag hebben, als ze dood is,
Zal ik – zo – blij zijn –
Als meteen na de laatste Ademtocht
Ze aan mij zal behoren –
Tot ze haar opsluiten in het Graf,
Kan mijn Geluk niet op –
Want al sluiten zij Jou op in het Graf,
Ik – de sleutel maar kan hebben –
Denk daaraan, Geliefde! Jij en Ik
Vergund – oog in oog te staan –
Na een Leven – zeg maar – een Dood –
Want Dood was Dat –
En dit – ben Jij –
Ik ga Je Alles zeggen – hoe Kaal het werd –
Hoe Middernacht in ’t begin aanvoelde –
———voor mij –
Hoe alle Klokken op Aarde stil stonden –
En Zonlicht me verkleumde – ‘t Was zo koud –
Hoe daarna het Verdriet – wat – wegdoezelde –
Alsof mijn Ziel doofstom werd –
En alleen gebaren maakte – tegen – Jou –
Op zo’n manier – dat jij me kon herkennen –
Ik zeg je dat ik probeerde te blijven
Glimlachen, om jou te laten zien,
———voor als deze Diepte
Helemaal doorwaad was –
———dat We luchthartig terugkijken
Op die Oude Tijd – van Golgotha.
Vergeef me, als het Graf op zich laat wachten –
Want ik verlang zo naar Jou te kijken –
Vergeef me, als het strelen van jouw koude
Het Paradijs in de schaduw stelt!
Emily Dickinson
Is it dead – Find it
Is it dead – Find it –
Out of sound – Out of sight –
“Happy”? Which is wiser –
You, or the Wind?
“Conscious”? Won’t you ask that –
Of the low Ground?
“Homesick”? Many met it –
Even through them – This cannot testify –
Themself – as dumb –
Is zij dood – Ga haar zoeken –
Niet meer te horen – Uit het zicht –
“Gelukkig”? Wie weet er meer van –
Jij, of de Wind?
“Bij Bewustzijn”? Zou je dat niet vragen –
Aan de diepte in de Grond?
“Heeft ze Heimwee”? Velen treffen haar –
Ook door hen – wordt Dit niet bevestigd –
Zij – zijn al net zo stil –
Emily Dickinson
I’m sorry for the Dead – Today
I’m sorry for the Dead – Today –
It’s such congenial times
Old Neighbors have at fences –
It’s time o’ year for Hay,
And Broad – Sunburned Acquaintance
Discourse between the Toil –
And laugh, a homely species
That makes the Fences smile –
It seems so straight to lie away
From all of the noise of Fields –
The Busy Carts – the fragrant Cocks –
The Mower’s Metre – Steals
A Trouble lest they’re homesick –
Those Farmers – and their Wives –
Set separate from the Farming –
And all the Neighbors’ lives –
A Wonder if the Sepulchre
Don’t feel a lonesome way –
When Men – and Boys – and Carts – and June,
Go down the Fields to “Hay” –
Emily Dickinson
Ik heb te doen met de Doden – Vandaag –
Het zijn zulke gezellige dagen
Met oude Buren aan het hek –
In deze tijd van het jaar om te Hooien,
En met Forse – Gebruinde Kennissen
Praten onder het Werk –
En lachen, die eenvoudige types
Die het Hek doen glimlachen –
Het lijkt zo logisch om ver
Van alle lawaai van de velden te liggen –
De Bedrijvige Karren – de geurige Schoven –
Het Ritme van de Maaier – Neemt
Het Ongemak weg dat ze heimwee hebben –
Die Boeren – en hun Vrouwen –
Gescheiden van het Boerenwerk –
En van alle levens uit de Buurt –
Een Wonder dat het Graf
Zich niet wat eenzaam voelt –
Wanneer Mannen – Jongens – Karren – en Juni,
De Velden afgaan om te “Hooien” –
Emily Dickinson
What care the Dead, for Chanticleer
What care the Dead, for Chanticleer –
What care the Dead for Day?
‘Tis late your Sunrise
———vex their face –
And Purple Ribaldry – of Morning
Pour as blank on them
As on the Tier of Wall
The Mason builded, yesterday,
And equally as cool –
What care the Dead for Summer?
The Solstice had no Sun
Could waste the Snow before their Gate –
And knew One Bird a Tune –
Could thrill their Mortised Ear
Of all the Birds that be –
This One – beloved of Mankind
Henceforward cherished be –
What care the Dead for Winter?
Themselves as easy freeze –
June Noon – as January Night –
As soon the South – her Breeze
Of Sycamore – or Cinnamon –
Deposit in a Stone
And put a Stone to keep it Warm –
Give Spices – unto Men –
Emily Dickinson
Wat geven de Doden, om de Haan –
Wat geven de Doden om de Dag?
Jouw Dageraad is te laat
———om hun gezicht te prikkelen –
En de Paarse Vrolijkheid – van de Ochtend
Stroomt zonder kleur over hen
Zoals op de Rand van de Muur
Die de Metselaar gisteren bouwde,
En net zo onverschillig –
Wat geven de Doden om de Zomer?
De Zonnewende had geen Zon
Die de Sneeuw kon smelten voor hun Poort –
En kende ook maar één Vogel een Lied –
Die hun Potdichte Oren kon ontroeren
Onder alle Vogels die bestaan –
Dan zal die Ene – lieveling van de Mensheid
Van nu af aan gekoesterd worden –
Wat geven de Doden om de Winter?
Zelf bevriezen ze net zo makkelijk –
Op een Junimiddag – als een Januarinacht –
Zodra het Zuiden – haar Briesje
Van Plataan – of Kaneel –
In Steen gestort
Met een Steen om het Warm te houden,
De mensen – geur gaat geven. –
Emily Dickinson
Bereaved of all, I went abroad
Bereaved of all, I went abroad –
No less bereaved was I
Upon a New Peninsula –
The Grave preceded me –
Obtained my Lodgings, ere myself –
And when I sought my Bed –
The Grave it was reposed upon
The Pillow for my Head –
I waked to find it first awake –
I rose – It followed me –
I tried to drop it in the Crowd –
To lose it in the Sea –
In Cups of artificial Drowse
To steep it’s shape away –
The Grave – was finished – but the Spade
Remained in Memory
Emily Dickinson
Van alles beroofd, ging ik ver weg –
Voelde me niet minder beroofd
In een Nieuw Toevluchtsoord –
Het Graf was me voorgegaan –
Vond mijn Onderkomen, nog voor ikzelf –
En toen ik mijn Bed opzocht –
Was het Graf waarop het rustte
Het Kussen voor mijn Hoofd –
Ik werd wakker en zag dat het al wakker was –
Ik stond op – het volgde mij –
Ik wilde het kwijtraken in de Drukte –
Het in de Zee verliezen –
In Kopjes met kunstmatige Verdoving
Zijn vorm oplossen –
Het Graf – was klaar – maar de Spade
Bleef in mijn Herinnering –
Emily Dickinson
It was a Grave – yet bore no Stone
It was a Grave – yet bore no Stone –
Enclosed ’twas not – of Rail –
A Consciousness – it’s Acre – And
It held a Human Soul –
Entombed by whom – for what offence –
If Home or foreign – born –
Had I the Curiosity –
‘Twere not appeased of Man –
Till Resurrection, I must guess –
Denied the small desire
A Rose upon it’s Ridge – to sow –
Or sacrificial Flower –
Het was een Graf – maar droeg geen Steen –
Niet omheind – door een Hek –
Het Bewustzijn – zijn Dodenakker – En
Het bood plaats aan een Menselijke Ziel –
Begraven door wie – voor welk misdrijf –
In Eigen of het buitenland – geboren –
Was ik daar Nieuwsgierig naar –
Geen Mens zou me tevredenstellen –
Tot aan de Verrijzenis, schat ik –
Wordt de bescheiden wens geweigerd
Een Roos op zijn Heuvel – te planten –
Of een Herdenkingsbloem –
Emily Dickinson
Sweet, to have had them lost
Good, to have had them lost
For News that they be saved!
The nearer they departed Us
The nearer they, restored,
Shall stand to Our Right Hand –
Most precious – are the Dead –
Next precious,
———those that rose to go –
Then thought of Us, and stayed.
Goed, om ze verloren te hebben,
Vanwege het Bericht dat ze gered zijn!
Hoe dichter hun vertrek bij het Onze ligt,
Hoe dichter zij, als ze herleven,
Aan Onze Rechterhand moeten staan –
Het meest dierbaar – zijn de Doden –
Bijna net zo dierbaar,
———zijn zij die opstonden om te gaan –
Toen aan Ons dachten, en bleven.
Emily Dickinson
This World is not Conclusion (373)
This World is not Conclusion.
A Species stands beyond –
Invisible, as Music –
But positive, as Sound –
It beckons, and it baffles –
Philosophy, dont know –
And through a Riddle, at the last –
Sagacity, must go –
To guess it, puzzles scholars –
To gain it, Men have borne
Contempt of Generations
And Crucifixion, shown –
Faith slips – and laughs, and rallies –
Blushes, if any see –
Plucks at a twig of Evidence –
And asks a Vane, the way –
Much Gesture, from the Pulpit –
Strong Hallelujahs roll –
Narcotics cannot still the Tooth
That nibbles at the soul –
Emily Dickinson
Deze Wereld is niet het Einde.
Er komt nog een Gedaante achteraan –
Onzichtbaar, als Muziek –
Maar net zo echt, als Geluid –
Het wenkt, en wekt verbijstering –
Filosofie – heeft er geen weet van –
En het Raadsel, aan het einde –
Zal om Scherpzinnigheid vragen –
Om het te raden, raken geleerden in de war –
Om het op te lossen, hebben Mensen
Eeuwenlang Minachting doorstaan
En de Kruisiging, tentoongesteld –
Geloof struikelt – en lacht, en herpakt zich –
Bloost, voor wie het ziet –
Klampt zich vast aan een takje Bewijs –
En vraagt aan een Windwijzer, de richting –
Grote Gebaren, van de Preekstoel –
Krachtige Hallelujahs stampen er –
Narcotica kunnen de Tand niet kalmeren
Die knaagt aan de ziel –
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint

There’s a certain Slant of light (258)
There’s a certain Slant of light,
Winter Afternoons –
That oppresses, like the Heft
Of Cathedral Tunes –
Heavenly Hurt, it gives us –
We can find no scar,
But internal difference,
Where the Meanings, are –
None may teach it – Any –
‘Tis the Seal Despair –
An imperial affliction
Sent us of the Air –
When it comes, the Landscape listens –
Shadows – hold their breath –
When it goes, ‘tis like the Distance
On the look of Death –
Emily Dickinson
Er is een bepaalde Lichtinval
Op de Middag, in de Winter –
Die ons bedrukt, als de Zwaarte
Van Gezangen in de Kerk –
Hemelse Pijn, geeft het ons –
Een litteken laat het niet achter bij ons,
Wel een verandering vanbinnen
Waar de Zingeving is –
Geen kan het ons leren – Niemand
Het is het Zegel Wanhoop –
Een overweldiging van verdriet
Vanuit de Lucht naar ons gestuurd –
Als het komt, luistert het Landschap –
Schaduwen – houden hun adem in –
Als het wegtrekt, is het als de Verte
In de blik van de Dood –
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
After great pain, a formal feeling comes (341)
After great pain, a formal feeling comes
The Nerves sit ceremonious, like Tombs –
The stiff Heart questions was it He, that bore,
And Yesterday, or Centuries before?
The Feet, mechanical, go round –
Of Ground, or Air, or Ought –
A Wooden way
Regardless grown,
A Quartz contentment, like a stone –
This is the Hour of Lead –
Remembered, if outlived,
As Freezing persons, recollect the Snow –
First – Chill – then Stupor – then the letting go –
Emily Dickinson
Na heftige pijn, voelt het stijf aan –
Zenuwen staan versteend, als Graven –
Het stramme Hart vraagt zich af
———“was Hij het, die leed,”
En “was het Gisteren, of Eeuwen geleden?”
De Voeten, gaan mechanisch door –
Het is een Houterige gang
Over de Grond, in de Lucht of Waar dan ook –
Die wezenloos in beweging komt
Een Kristallen voldoening, als van steen –
Dit is het Uur van Lood –
Bekend, aan wie het overleefd heeft,
Zoals Bevroren mensen, Sneeuw herinneren –
Eerst – de Kilte – dan Gevoelloosheid –
———en dan het loslaten –
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
Nach grossem Schmerz kommt eine leere Stimmung auf –
Die Nerven ruhen feierlich wie Mausoleen-
Das starre Herz fragt, war das Er, das lästige Mensch,
Und war es gestern oder Jahrhunderte vorher?
Die Füsse gehn mechanisch im Kreis –
Füsse aus Erde oder Luft oder aus Nichts-
Auf einem stumpfen Pfad,
Gewachsen unbeachtet-
Zufriedenheit, kristallisch, wie ein Stein –
Das ist die Stunde der Erneuerung –
Unvergesslich, wenn überlebt
Wie fröstelnde Menschen sich des Schrecks erinnern-
Erst Kälte – dann Erstarrung – dann das Loslassen.
Emily Dickinson
‘Tis not that Dying hurts us so (335)
‘Tis not that Dying hurts us so –
‘Tis Living – hurts us more –
But Dying – is a different way –
A Kind behind the Door –
The Southern Custom – of the Bird
That ere the Frosts are due –
Accepts a better Latitude –
We – are the Birds – that stay.
The Shiverers round Farmers’ doors
For whose reluctant Crumb –
We stipulate – till pitying Snows
Persuade our Feathers Home.
Emily Dickinson
‘t Is niet dat Sterven ons zo pijn doet –
Leven – doet ons het meeste pijn –
Maar Sterven – is een andere route –
Van het soort achter de Deur –
De Zuidelijke Gewoonte – van Vogels –
Om voor de Vorst inzet –
Een betere Breedtegraad op te zoeken –
Wij – zijn de Vogels – die achterblijven.
Die Bevend aan de deur van de Boer staan –
Op wiens zuinige Kruimel –
We aandringen – tot Meelevende Sneeuw
Ons Verenhuis overhaalt.
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
’t Is niet dat Doodgaan ons zo smart –
Het Leven – smart ons meer –
Maar Doodgaan – is iets anders –
Een soort achter de Deur –
Het Zuidelijk Gebruik brengt – eer
De Kou komt – Vogels naar
Een betere Breedtegraad – maar wij
Zijn – Overwinteraars.
Wij Huiveren aan de Boer zijn deur –
Diens Kruim – bedingen wij –
Tot Sneeuw ons Verenkleed naar Huis
Toe praat uit medelij.
Emily Dickinson
Vertaling Peter. Verstegen
The overtakelessness of those (1691)
The overtakelessness of those
Who have accomplished Death
Majestic is to me beyond
The majesties of Earth.
The soul her “Not at Home”
Inscribes upon the flesh –
And takes her fair aerial gait
Beyond the hope of touch.
Emily Dickinson
Dat je Ze niet kunt Inhalen
Die de Dood hebben bereikt –
Doet voor mij majestueuzer aan
Dan Aardse Pracht –
Haar “Niet Thuis” schrijft
De Ziel op het Vlees,
En zet een mooie, luchtige gang in
Voorbij het Recht op Contact.
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
I heard a Fly buzz – when I died (465)
I heard a Fly buzz – when I died –
The Stillness in the Room
Was like the Stillness in the Air
Between the Heaves of Storm –
The Eyes around – had wrung them dry –
And Breaths were gathering firm
For that last Onset – when the King
Be witnessed – in the Room –
I willed my Keepsakes – Signed away
What portion of me be
Assignable – and then it was
There interposed a Fly –
With Blue – uncertain stumbling Buzz –
Between the light – and me –
And then the Windows failed – and then
I could not see to see –
Emily Dickinson
Ik hoorde een Vlieg zoemen – toen ik stierf –
De Stilte in de Kamer
Was als de Stilte in de Lucht –
Tussen Stormvlagen door –
Rond de Ogen – was het al drooggewreven –
En Adem verzamelde haar kracht
Voor dat laatste Optreden – als de Vorst
Zich laat zien – in de Kamer –
Ik liet mijn Herinneringen na – Vermaakte
Dat deel van mij dat
Van waarde was – en toen gebeurde het
Dat een Vlieg tussenbeide kwam –
Met Blauw – onzeker – stamelend Gezoem –
Tussen het licht – en mij –
En toen weigerden de Vensters – en toen
Kon ik het zien niet meer zien –
Emily Dickinson
Vertaling Adrie Lint
