Zelfverwerkelijking via lijden

“Een drastische verandering in onze houding tegenover het leven was dringend noodzakelijk. Wij moesten eerst onszelf en vervolgens de wanhopigen onder ons leren, dat het er niet zozeer toe doet wat wij van het leven verwachten, dan wel wat het leven van ons verwacht. Wij moesten niet langer vragen naar de betekenis van het leven, maar begrijpen dat wij – iedere dag, ieder uur – door het leven op de proef werden gesteld. Ons antwoord moest niet bestaan uit praten en mediteren, maar uit de juiste daden en de juiste gedragslijn. (…) Leven betekent feitelijk verantwoording nemen om de juiste oplossingen te vinden voor onze levensproblemen en om de taken te vervullen, waarvoor het leven ieder mens voortdurend stelt. Deze taken, en dus ook de zin van het leven zijn voor ieder mens, op ieder tijdstip verschillend. (…) Wanneer een mens ontdekt dat lijden zijn lot is, zal hij dit lijden moeten opvatten en aanvaarden als zijn levenstaak, zijn enige en unieke taak. Hij zal het feit moeten erkennen dat hij zelfs in zijn lijden uniek en enig is in het universum. (…) Het stadium waarin wij onszelf vragen stelden omtrent de zin van het leven waren wij reeds lang gepasseerd, want dit zijn naïeve vragen, die van het standpunt uitgaan dat het leven bedoeld is om het een of ander doel te bereiken door middel van het creëren van iets waardevols. Voor ons omvatte de zin van het leven de grote kringloop van leven en dood, van lijden en sterven. Toen wij de betekenis van het lijden eenmaal hadden begrepen, weigerden wij de kwellingen van het kampleven te onderschatten of te verlichten door ze te negeren, valse illusies te koesteren of een kunstmatig optimisme ten toon te spreiden. Lijden was een levenstaak geworden, die wij niet van ons af wilden schuiven.”

Viktor Frankl

Uit: http://jikkederuiter.nl/wp-content/uploads/2014/04/20141-TvC-Viktor-Frankl-over-de-zin-van-het-bestaan.pdf

Deze tekst van de psychotherapeut en psychiater Viktor Frankl is geschreven na de oorlog, nadat hij vier concentratiekampen had overleefd. Deze citaten verwijzen naar die ervaringen. Hoe houd je het vol ook in onmenselijke omstandigheden. Alle op het eerste gezicht makkelijk te stellen vragen als “wat is de zin van het leven” en de ‘goedkope’ antwoorden hierop “de zin van het leven is genieten” worden in één klap van tafel geveegd. Frankl heeft ontdekt dat het vinden van zin, het ontdekken van zin is. Zin word je gegeven, zin valt je toe. Zin maak je niet zoals een timmerman een kast in elkaar zet. Zin is een product dat ontstaat als jij stappen durft te zetten op de weg van toewijding, dat wil zeggen als je jezelf durft toe te wijden aan een doel buiten jou, een doel dat groter is dan je zelf, een doel dat jou overstijgt, transcendeert. Als je dat doel in je leven gevonden hebt kun je er helemaal voor gaan. Niet een week, maar een leven lang. Dat is het geheim van een zinvol bestaan. Pas op het einde, zo voor je dood, terugkijkend, kun je dan concluderen of je leven de moeite waard was, of je het als zinvol hebt ervaren of niet. Eigenlijk niet eerder. Eigenlijk is elk stadium daarvoor voor een eindconclusie te vroeg. Je lotsbestemming om in de woorden van Eugen Rosenstock-Huessy te spreken heb je pas bereikt als je leven zo goed als afgelopen is. Daarom wordt Abraham in de bijbel ook pas rechtvaardig genoemd als hij alle tien de beproevingen heeft doorstaan en dan is hij bijna dood.

Een van de meest bijzondere aspecten aan het verhaal van Frankl vind ik het feit dat hij ervoor pleit dat zin ook gevonden wordt in lijden. Niet zozeer in zinloos lijden, lijden dat wordt ondergaan en dat de existentiële leegte alleen maar erger, dieper maakt, maar lijden dat wordt aanvaard als er geen andere weg meer is om eraan te ontsnappen. Die aanvaarding van lijden, het op je nemen van het lijden dat op je pad komt, geeft de persoon een nieuwe vorm van kracht, van moed en van troost. Troost namelijk die bestaat uit het feit dat je gaat ontdekken dat het lijden niet zinloos is, dat het een betekenis heeft. Sommigen lijden als vorm van offer. Ze brengen dit offer graag met het oog op iets anders. Anderen hebben geleerd dat het lijden onvermijdelijk is en dus bij hun leven hoort als slapen en eten. Maar in theorie is dat natuurlijk makkelijker gezegd dan toegepast in praktijk. Er is dan ook geen leerschool waar je dit kunt leren buiten het leven zelf.

Lijden aanvaarden als onderdeel van het feit dat je leven en je existentie ook lichamelijk is kun je een stap voorruit noemen. Je blijft dan niet hangen in de waarom vraag, niet hangen in zelfbeklag en pessimisme en rancune. Toch is dat gevaar groot. Vooral als je leven bestond uit het streven om vooral en als eerste je zelf te verwerkelijken, je zelf te ontplooien, als je zelf voor jezelf het belangrijkste doel was. Dat is wat tegenwoordig mode is: je CV oppimpen met van alles en nog wat om maar goed over te komen, om een maar zo breed mogelijk scala aan kwaliteiten en mogelijkheden tentoon te spreiden over/van jezelf. Een zelf dat zichzelf laat zien, een zelf dat zich toont aan de wereld alsof het nieuwe auto is. Buitenkant en nog eens buitenkant, daarmee kom je er niet. Misschien word je wel aangenomen voor een baan maar dan komt de aap uit de mouw: wat heb je echt in huis, in hoeverre ben je echt in staat te functioneren ook onder druk, ook in een crisissituatie? In hoeverre kun jij jezelf wegcijferen voor het heil van het bedrijf, de opdracht die aan je is gesteld. Hier zitten we weer bij het hetzelfde thema als boven: toewijding aan iets buiten jou is gevraagd en als je hiertoe niet in staat bent, als alles eigenlijk om jou draait en moet draaien kun je het wel schudden. “His majesty the baby” die tijd hebben we gehad maar in jouw psychisch bewustzijn van jezelf heb je die fase nog niet achter je gelaten.

Crisis hoort bij het leven, Frankl ziet dat alleen maar als positief. Dan blijft de boel in beweging, ontdek je waar je kracht ligt en waar het werkelijk om draait. De geest blijft wakker, de ziel alert. Je slaapt niet in, je dommelt niet weg in een roes van alcohol of drugs of verveling. Alle vormen van wegdommelen zijn in feite stukjes zelfverlies. Hoe meer je hieraan toegeeft hoe meer je afstand neemt van jezelf. Ook als de reden verdriet, onrecht, onmacht en weet ik wat al niet. Als je jezelf moet gaan troosten met drank, drugs, seks, ander vermaak zoals sensationele ervaringen, kicks, machtspelletjes, anderen pesten, of als je terugvalt in lethargie raak je steeds verder weg van jezelf, je innerlijke krachtbronnen, je diepste verlangens om als mens gewaardeerd en bemind te worden. Moeilijke situaties, lijden, pijn, verdriet, ze houden je dicht bij jezelf, bij wie je bent als je durft. Als je durft toe te laten wat ze met je doen, welke wonden ze metaforisch in je vlees snijden en in je ziel. Je ziel gaat er niet aan onderdoor. Dat zou je misschien vermoeden, daar zou je bang voor kunnen zijn maar die angst is ongegrond. Je ziel kan heel wat meer aan dan pijn en verdriet. Je lichaam kan kapot gaan, je geest kan breken, martelervaringen laten dat zien, maar je ziel is onoverwinnelijk. Daarom gaan beulen in martelsituaties tot het bittere eind om de ziel van hun slachtoffer te pakken te krijgen, een onmogelijke opgave. En als de ziel de geest kan voeden, als de ziel zoveel kracht kan putten uit de bronnen die haar voeden, dan is een mens met geen mogelijkheid te breken.

Frankl heeft in het concentratiekamp ervaren waar het om draait in zijn leven: het was niet enkel overleven maar vooral overleven omdat dit geheel van lijden en sterven uiteindelijk niet zinloos was. Als het dat wel was zou het overleven ook geen zin hebben want waarom zou je dan overleven, stelt hij in een van zijn teksten. Primo Levi, Paul Celan en vele anderen hebben daarom misschien toch een einde aan hun leven gemaakt na de ervaringen van de oorlog omdat hun leven, ook al waren ze nu vrij, als zinloos, als overbodig werd ervaren. Velen gingen hen voor in het kamp, daar lieten ze het leven. Als overlevende ben je achtergebleven, achter in een vreemde niet vertrouwde wereld waar de mensen om je heen geen idee hebben van wat je hebt doorgemaakt. Dat gevoel van overbodigheid, van er niet meer toe doen, van zinloosheid en betekenisloosheid, waardeloosheid van je leven ná het kamp heeft hen misschien de das omgedaan. Frankl zelf heeft het niet zo beleefd. Voor hem was zijn werk en zijn toewijding aan anderen, medemensen, via de logotherapie en de ideeën waar hij voor stond (de mens is een wezen met een wil tot betekenis – betekenis geven aan zijn leven, zelfs de meest negatieve ervaringen) de dragende kracht om het vol te houden, om energie te mobiliseren tegen alle negativiteit in. Dat is zijn bestemming geweest, zijn lot, zijn weg in dit leven. Wij gaan allen onze eigen weg. Met vallen en opstaan, met gelukte en mislukte zingeving, met successen en tegenslagen, met ziekte en gezondheid, met liefde en haat. We zullen het moeten doen met onszelf, we hebben niets anders. Maar de dood komt voor iedereen en de dood geeft daarom ook een stimulans om die tijd daarvoor zinvol, dat wil zeggen vol betekenis in te vullen. Alle mooie dingen liggen buiten jezelf. Als dat kwartje valt ben je al een flink stuk op weg.

John Hacking

21 augustus 2015

Zeige deine Wunde