Zielsverduistering

ZIEL en donkerheid: zielsverduistering

Das Elend des Menschen besteht darin, dass er nicht Gott ist. Das vergisst er ständig. 

Simone Weil, Cahiers 2, pag. 149

Der falsche Gott macht aus dem Leiden Gewalt. Der wahre Gott macht aus der Gewalt Leiden.

Simone Weil, Cahiers 3, pag. 196

*******

Vanuit de VS in 1941 doet de auteur Stefan Zweig een poging om zijn leven te beschrijven aan de hand van de ervaringen die hij heeft meegemaakt. Deze autobiografie heeft niet als doel om zichzelf in het middelpunt te plaatsen maar meer om een tijdsbeeld te schetsen van de situaties waarin hij als joodse burger en schrijver opgegroeide in het Wenen van Oostenrijk en later in het Duitsland. Hij schrijft als hij zijn afgelegde levensperiode nader beschouwt:

Tegen mijn wil ben ik getuige geworden van de vreselijkste nederlaag van het verstand en de meest woeste triomf van de beestachtigheid in de beschreven geschiedenis; nog nooit – ik noteer dit absoluut niet met trots, maar met schaamte – heeft een generatie zo’n morele terugval, van zo’n geestelijke hoogte, doorgemaakt als de onze. (Stefan Zweig, De wereld van gisteren, pag. 10)

Het is voor hem een shock te moeten ervaren dat de mens (en de mensheid) nauwelijks vooruitgang heeft geboekt op het pad van de beschaving en dat wreedheid en barbaarsheid elk moment weer aan het oppervlak (kunnen) treden. Onder het oppervlak van de schone schijn is de mens een wreed wezen, niets houdt hem tegen om zijn wil door te drijven als hij eenmaal zijn zin op iets heeft gezet dat hij graag wil hebben of graag wil verwezenlijken. Macht en rijkdom, status en prestige, narcistische zelfbevrediging, ze trekken mensen aan als magneten. Het gevolg is dat de medemens niet (meer) meetelt. Onder het mom van een overkoepelende ideologie wordt het individuele welzijn ondergeschikt gemaakt en opgeofferd aan het grotere geheel. Nazi-Duitsland en het facistische Italië spannen naast Rusland in zijn tijd daarbij de kroon. Zweig schrijft: 

Ik moest een weerloze en machteloze getuige zijn van de onvoorstelbare terugval van de mensheid in een barbarij die we allang vergeten waanden, met een bewust en programmatisch dogma van antihumaniteit. En het was ons deel, sinds eeuwen weer oorlogen zonder oorlogsverklaring, concentratiekampen, folteringen, massale rooftochten en bombardementen op weerloze steden te zien, allemaal bestialiteiten die de laatste vijftig generaties niet meer hadden gekend en die toekomstige generaties hopelijk niet meer zullen dulden. (Stefan Zweig, De wereld van gisteren, pag 12-13)

Hij heeft ongelijk. Na 1945 is de wereld niet beter geworden, hebben de gruwelijkheden zich herhaald is ook vandaag de dag het gevoel dat wij in vrede en in veiligheid kunnen leven weggevaagd door de handelingen van politieke heersers en hun trawanten die uit zijn op macht en gewin. Oorlogen beginnen zonder verklaringen vooraf, dreigen met algehele verwoesting van een beschaving (in Iran), of het uitmoorden van ziekenhuizen en de bevolking in Soedan door de moordenaars van RSF ondersteund en van wapens voorzien door de plunder-regering van de Verenigde Arabische Emiraten  (VAE) (https://www.nrc.nl/nieuws/2026/04/14/hoe-een-ziekenhuisdirecteur-de-genocide-van-al-fashar-overleefde-we-voelden-mensenlevens-door-onze-handen-glippen), de niets ontziende aanslagen op Oekraïne om de bevolking murw te maken door de massamoordenaar in het Kremlin, grote vriend van Orban, held voor het Forum voor Demagogie en de Partij voor Verdraaiing in Nederland, de meedogenloze bombardementen in Gaza en Libanon door de Israëlische regering onder het mom van zelfbescherming, (ook weer van harte ondersteund door net genoemde partijen in Nederland) de grootspraak van het ‘bral-monster’ in het Witte Huis en zijn chef van oorlog, een godsdienstwaanzinnige, het zijn allemaal voorbeelden die dagelijks op ons nieuws het gevoel van mensen bepalen en die een grote wissel trekken op economische situatie van landen en burgers. De rijken worden rijken want ze speculeren met aandelen in de wapenindustrie. Niet allemaal, maar velen profiteren van de gestegen brandstofprijzen en de toenemende schaarste. Miljarden worden er uitgegeven in een oorlog en miljarden worden er verdiend. (https://www.nrc.nl/nieuws/2026/04/15/amerikaanse-banken-varen-wel-bij-geopolitieke-onrust-meer-dan-33-miljard-dollar-winst) En miljoenen worden gestopt in campagnes om propaganda via de media te verspreiden: om het eigen land in de zon te zetten en de eigen walgelijke daden goed te praten. Naast de mediacampagnes van Israel om elke tegenstander en criticus zwart te maken en te beschuldigen van anti-semitisme zijn de VAE elke dag bezig hun land te promoten via de wielerploeg met de beste renner ter wereld UAE: Tadej Pogačar. Als je voor die ploeg fietst doe je mee aan het circus van de moordenaars die het land besturen. 

Zweig zelf gelooft al lang niet meer in veiligheid en het gevoel te leven in een veilig land, hij is alle illusies verloren en hij schrijft in die oorlogsjaren in 1941:

Het is goedkoop als wij, die het woord ‘veiligheid’ allang als een schim uit ons vocabulaire hebben weggestreept, de optimistische waanvoorstelling van die door idealisme verblinde generatie nu belachelijk maken, het geloof dat de technische vooruitgang van de mensheid beslist een even snelle morele ontwikkeling ten gevolge moest hebben. Wij, die in de nieuwe eeuw hebben geleerd ons door geen enkele uitbarsting van collectieve bestialiteit meer te laten verrassen, wij, die van elke nieuwe dag nog grotere laagheden verwachten dan van de voorgaande, zijn aanzienlijk sceptischer geworden over de morele opvoedbaarheid van de mens. (Stefan Zweig, De wereld van gisteren, pag 20)

Is de mens wel opvoedbaar? Is niet elke ziel een mogelijk slachtoffer. Van de nacht en de macht, een potentieel gegeven om verduisterd te worden – een zielsverduistering zoals de moordenaars elke dag weer laten zien? Simone Weil die hier veel over heeft nagedacht schrijft het volgende over geweld dat mensen ervaren en toepassen: 

“In werkelijkheid ondergaat de mens alleen geweld en gebruikt hij het nooit zelf, in welke situatie dan ook. Het uitoefenen van geweld is een illusie. Niemand bezit het; het is een mechanisme. De duivel stuurt deze illusie aan (Lucas). Geweld is een zuivere keten van omstandigheden. Ieder mens is onderworpen aan het gewicht van het hele universum. Alleen de andere wereld kan een tegengewicht bieden. Het kruis is de weegschaal.”

In Wirklichkeit erleidet der Mensch die Gewalt nur und setzt sie niemals ein, in welcher Situation auch immer. Die Ausübung der Gewalt ist eine Illusion. Niemand hat sie; sie ist ein Mechanismus. Der Teufel lenkt diese Illusion (Lukas). Die Gewalt ist eine reine Verkettung von Bedingungen. Jeder Mensch ist dem Gewicht des ganzen Universums unterworfen. Allein die andere Welt kann ein Gegengewicht darstellen. Das Kreuz ist die Waage.(Simone Weil, Cahiers 3, pag. 186)

Velen zullen deze woorden niet onderschrijven, omdat ze ervan overtuigd zijn dat mensen geweld gebruiken maar dan hebben ze het perspectief waarmee Simone Weil naar het geweld kijkt niet begrepen. De inzet en toepassing van geweld, iets wat dagelijks plaatsvindt, is illusoir handelen: het levert niks op, behalve dan veel doden en veel verdriet, veel zielsverduistering. Het is het werk van de duivel die aanzet tot het gebruik ervan, illusoir handelen dat niks bereikt…Omdat voor Simone Weil alles met alles in dit universum met elkaar verbonden is en dus ook het gewicht van het universum dat drukt op elke handeling van de mens, is het van belang hoe die mens handelt, in het groot maar ook in het klein. De keuze voor of tegen het geweld ligt elke dag weer voor je voeten. Het tegenwicht tegen het geweld en de keuze ervoor komt uit een andere wereld, een tegenwereld, het mysterie van de hemel, een hemel die raakt aan de aarde. Het kruis is de weegschaal: dat wil zeggen dat je keuze voor of tegen het geweld alle gevolgen heeft voor je zelfverstaan en wat er daarna gebeurt. Wijs je het geweld met alle kracht af, dan wordt je zelf slachtoffer van het geweld dat je medemensen je willen opdringen – dan eindig je aan het kruis. Ik denk dat Simone Weil het hier heel scherp ziet. Je doet mee, hoe klein ook in het begin, of je weigert. En die weigering loopt slecht voor je af vanuit het oogpunt van overleven, als je geen pijn en geen lijden wilt meemaken. 

Het begint altijd klein: thuis met ouders die gewelddadig kunnen zijn, dan leer je al snel hoe geweld kan worden ingezet. Het begint klein met het onderschrijven van een protest tegen…als het het welzijn en heil van mensen betreft, het begint met wetten en het eindigt met concentratiekampen. Racisme kent vele bronnen, niet alleen de angst en niet alleen onzekerheid over de eigen positie in de maatschappij. Haat ontstaat door afgunst, door een gevoel van achterstelling, door oordelen dat de ander iets krijgt waar jij recht op hebt, etc. etc. Alles wat van jouw normen afwijkt is bij voorbaat verdacht, hoort thuis in een situatie waarin het jou niet kan bedreigen. Alles in de hand “alles im Griff” – het is een illusie, maar zo ontstaan totalitaire staten met niets ontziende leiders. Simone Weil schrijft: 

Het moderne totalitarisme verhoudt zich tot het katholieke totalitarisme van de 13e eeuw, zoals de seculiere en vrijmetselaarsgeest zich verhoudt tot het humanisme van de Renaissance. De mensheid degradeert zichzelf met elke zwaai van de slinger. Hoe ver zal dit gaan? (Simone Weil, Cahiers 3, p. 192)

Der moderne Totalitarismus verhält sich zum katholischen Totalitarismus des 13. Jahrhunderts wie der laizistische und freimaurerische Geist zum Humanismus der Renaissance. Die Menschheit degradiert sich bei jeder Pendelbewegung. Bis wohin wird das gehen? (Simone Weil, Cahiers 3, pag. 192)

We kennen de geschiedenis van het Stalinisme, het ‘Hitlerisme’, het Mao ‘Zedongisme’, en al die andere ismen waarvan de aanhangers het leven van miljoenen hebben vergald en miljoenen en miljoenen slachtoffers hebben gemaakt. Het was en het is mensenwerk. Mensen met donkere, zwarte zielen, verloren voor de hemel, toegewijd aan de hel. Bezig met de buitenkant: het materiële, het fysieke, het tastbare, pecunia en macht om zoveel mogelijk geld te verwerven en in te zetten voor zichzelf. Corruptie alom, zelfverrijking, en daarna moord, want dit handelen blijft niet zonder weerwoord en daden van verzet. Hoe houden we onze ziel licht, zodat de duisternis haar niet overwint? Zodat alle licht uit haar verdrongen wordt en niets anders overblijft dan een zwarte rook, een duivelswalm? 

Chaim Noll die een boek over de plek van de woestijn geschreven heeft in religieuze geschriften en in literatuur verwijst naar die woestijn als plaats waar de ziel direct geconfronteerd kan worden met deze gevaren. De woestijn is niet voor niets plek voor een mogelijke godsontmoeting zoals bijbel en Koran laten zien. Noll verwijst naar een roman van de schrijver die bekend geworden is onder de naam Lawrence of Arabia en hij schrijft:

“Een van de woestijnbewoners zijn, zoals zij wisten, betekende een lot van eindeloze strijd met iets dat niet van deze wereld was, niet van het leven of iets anders tastbaars, maar van pure hoop. De vrijheid die God de mensheid leek te schenken, was een mislukking […] Om meer voort te brengen dan dat, dat wil zeggen iets creatiefs, spiritueels, bovenaards, moeten we ervoor oppassen dat we niet te veel tijd verspillen aan onze fysieke behoeften, want bij de meeste mensen veroudert de ziel veel eerder dan het lichaam.”

»Einer aus der Wüste zu sein, bedeutete, wie sie wussten, das Schicksal niemals endenden Kampfes mit jemandem, der nicht von dieser Welt ist, nicht das Leben noch sonst irgendetwas Greifbares, sondern die schiere Hoffnung. Die Freiheit, die Gott den Menschen zuzubilligen schien, war das Misslingen […] Um mehr als das hervorzubringen, also Kreatives, Spirituelles, Nicht-Irdisches, müssen wir darauf achten, nicht zu viel Zeit an unsere physischen Bedürfnisse zu verschwenden, denn in den meisten Menschen altert die Seele lange vor dem Körper.« (Citaat uit Thomas Edward Lawrence, Seven Pillars of Wisdom, London 1926 In Chaim Noll, Die Wüste)

Ook Stefan Zweig is zich bewust van de krachten die in de ziel schuilen, dat het niet om de buitenkant gaat, niet om de fysieke uitstraling van een mens of de opeenstapeling van materieel bezit. En dat begint al vroeg, bij de ontwikkeling van kind tot volwassene. Het is daarom ook een grote vraag wat de toepassing van AI voor gevolgen zal gaan hebben in de ontwikkeling van een mens die niet meer nadenkt en die niet meer geraakt kan worden door poëzie, kunst, spiritualiteit, de wonderen van de natuur, het mysterie van het leven, de filosofie, de wetenschap die door wil dringen in deze mysteries als hij voortdurend AI als hulp inroept om vragen te beantwoorden. Zijn geheugen zal niet worden ontwikkeld, zijn ziel zal niets onthouden van wat hij hoort, niets wordt opgeslagen, en zo al zijn ziel krimpen, klein worden, met alle gevolgen voor zijn toekomstig leven. Zweig schrijft over zijn eigen ontwikkeling met betrekking tot zijn ziel: 

Wat een mens zijn spieren tekort heeft laten komen, kan later nog worden ingehaald; maar opstijgen naar het geestelijke, de innerlijke kracht van de ziel, kan alleen in die beslissende vormende jaren worden geoefend, en alleen wie vroeg heeft geleerd zijn ziel te vergroten, kan de hele wereld in zich opnemen. (Stefan Zweig, De wereld van gisteren, pag. 75-76)

Wie de wereld in zich op kan nemen kan zich blijven verwonderen over de mysteries in dit leven. Die grijpt niet terug naar een evangelie om een bloedbad aan te richten zoals in de New York Times van 13 april 2026 geschreven wordt: Pete Hegseth’s Gospel of Carnage. (https://www.nytimes.com/2026/04/13/opinion/pete-hegseths-religious-war.html). Iemand die zelf nooit heeft gedeugd, die gewelddadig en moorddadig is sinds zijn jeugd, en nu deze eigenschappen inzet als minister van oorlog onder het mom van een heilige oorlog gefundeerd op de bijbel – die heeft niets van de bijbel, niets van de woorden van Jezus, niets van de wereld begrepen. Zijn weg is een route naar de afgrond, een donkere hel op aarde, Dantesk, zonder terugkeer, zonder hoop. Hij heeft absoluut niets begrepen van de woorden van Simone Weil die zegt: 

“Welk groter geschenk dan de dood had de mensheid kunnen ontvangen?

Alleen de dood leert ons dat we niet bestaan, behalve als één ding te midden van vele andere.”

Welch größeres Geschenk als das des Todes konnte den Geschöpfen gemacht werden?

Einzig der Tod lehrt uns, dass wir nicht existieren, außer als eine Sache unter vielen anderen. 

We zijn met alles en allen verbonden: elke daad – elke gedachte heeft gevolgen – maakt zichtbaar waar we staan en waar we voor willen gaan. Leven, hier en nu, elke seconde weer opnieuw is werken aan je ziel, het licht toelaten, de donkerheid afweren, vermijden, voorkomen. 

John Hacking 

15 april 2026


Bronnen:

Noll, Chaim, Die Wüste. Literaturgeschichte einer Urlandschaft des Menschen, Leipzig 2020, (Evangelische Verlagsanstalt), pag. 603

Zweig, Stefan, De wereld van gisteren. Herinneringen van een Europeaan. Vertaald door Willem van Toorn, Amsterdam Antwerpen 2025, (De Arbeiderspers)

Weil, Simone, Cahiers. Aufzeichnungen. Herausgegeben und übersetzt von Elisabeth Edl und Wolfgang Matz, München Wien (Carl Hanser verlag) (4 Bd.) 

Weil, Simone, Wachten op God, Utrecht 1997, (Erven J. Bijleveld)


Dank je wel voor je reactie - Thanks a lot for reacting