Naturenleer

De mens heeft veel naturen. In tegenstelling wat je zou vermoeden is er niet alleen een menselijke natuur. Menselijke natuur afgezet tegenover dierlijke natuur bijvoorbeeld. Maar wat is een menselijke natuur? Is dat de natuurlijke staat van de mens? En wat is natuurlijk? En wat bedoelen we met het woord staat? Een mens wordt geboren en zijn eerste natuurlijke omgeving is de baarmoeder. Als geboren wezen is zijn natuurlijke staat al niet meer zo natuurlijk. Want een mens komt ter wereld in een maatschappij waar al heel veel voor hem/haar is geregeld. En dan doel ik niet alleen op naamgeving en omgeving. In feite begint met de geboorte ook de cultuur waarin een mens opgroeit. En die cultuur heeft effect op de nieuwe mens. Misschien kun je de situatie voor de geboorte de meest natuurlijke staat van de mens noemen. Dat noem ik voor het gemak maar eerste natuur. Maar die eerste natuur is al wat minder natuurlijk als de moeder medicijnen gebruikt die invloed kunnen hebben op de foetus. Datzelfde geldt voor alcohol en nicotine. De natuurlijke staat brokkelt af door moederlijk gedrag, door technisch medisch ingrijpen en ga zo maar door. Na de geboorte is er eigenlijk sprake van een tweede natuur. Het kleine kind maakt kennis met zijn leefomgeving en de omstandigheden waarin zijn ouders verkeren. Cultuur en gebruiken kleuren het leven van het kind. Dat gaat heel ver. Besnijdenis is een voorbeeld van ingrijpen in de lichamelijke staat van het kind op basis van culturele/religieuze motieven. Kenmerkend voor de tweede natuur, eigenlijk de echte natuur van een menselijk wezen, is dat het kind zijn eigen omgeving niet kan uitzoeken maar er wel door bepaald wordt. De context is natuur geworden. En de reacties van het kind staan in dit licht. Er is geen keuze. Deze vorm van natuur wordt als normaal ervaren en het kind past zich aan en doet wat er van hem gevraagd wordt of is zich helemaal niet bewust van de culturele lading van zijn natuur. Maar er is nog een derde natuur: dat is de welbewuste keuze om in een technische omgeving te functioneren. Hoe welbewust die keuze is, blijft een vraag, omdat de derde natuur voortvloeit uit de tweede natuur. De techniek heeft inmiddels zo’n stempel gedrukt op de menselijke cultuur dat er een nieuwe vorm van natuur is ontstaan. Je kunt het kunstmatige natuur noemen, zoals je de natuur in een door allerlei apparatuur geregeld klimaat kunt noemen, denk bijvoorbeeld aan een ruimtecapsule. Maar er zijn meer voorbeelden van technisch mogelijk gemaakte kunstmatige naturen waarin de mens verkeert. De hele dag werken in een fabriek, een kerncentrale, een dataopslagplaats, een onderzeeër, een straaljager, het zijn net zoveel vormen van kunstmatige natuur. Rijden in een auto is er ook een voorbeeld van. In deze derde natuur staat niet cultuur centraal maar functionaliteit. De mens vervult er bepaalde functie die onderdeel zijn van zijn inzet, zijn werken en zijn denken. De derde natuur is functioneel, op functioneren, efficiënte en productiviteit gericht. Wat we hier zien is dat de mens concessies doet door bepaalde vrijheden op te geven of om zijn tijd te besteden in een nieuwe context. Hij kan niet meer gaan en staan waar hij wil maar moet zijn tijd besteden aan het goed laten functioneren van machines, van apparaten, van technische middelen. De mens is bedienaar en bedenker, controleur en opzichter van machines, van systemen en van netwerken die bepaalde functies toepassen in productieprocessen. Object van productie kan van alles zijn: zowel voorwerpen als data, zowel informatie als cybernetische kringlopen. In feite is de mens onderdeel van het apparaat geworden ook al denkt hij misschien dat hij aan de knoppen zit. De machine bepaalt ritme, sfeer en tempo, de mens past zich aan en doet wat er van hem gevraagd wordt. Dat wordt goed gepraat met argumenten als ‘er moet brood op de plank komen’ etc. maar in feite is de mens verlengstuk geworden van de technische mogelijkheden in een technische wereld.

Maar er is nog een vierde natuur. Deze natuur komt nu langzaam aan het licht. Lijkt het in de derde natuur nog alsof de mens aan de knoppen zit, alsof hij stuurt en aanstuurt, evalueert en bijstelt, met andere woorden, de baas is over de techniek, in de vierde natuur is de mens die macht kwijt en is hij overgeleverd aan de machine. Machines onderzoeken de genetische code van een mens, machines interpreteren deze code, machines koppelen andere gegevens aan deze codes en leiden er opdrachten uit af. Machines scannen niet alleen licht, oppervlaktes, dieptestructuren, genetische codes, zij verbinden deze uitkomsten ook met handelingsmodellen. De moderne elektronica is bij uitstek een vertaling van dit scannen waarbij de resultaten bijvoorbeeld omgezet worden in voor de mens zichtbare beelden op zijn beeldscherm. Onze apparaten vertalen de gevonden uitkomsten in zichtbare, ervaarbare en invloedrijke uitkomsten. Onze hele wereld is een technische wereld geworden waarin niet alleen internet, de computergestuurde economie, de computergestuurde productieprocessen, voedselwinning, grondstoffenwinning etc. etc. etc. onze natuur bepalen maar ook wezenlijk veranderen. Wij veranderen lichamelijk en geestelijk. We leven in een totaal nieuwe wereld. Deze vierde natuur wordt misschien nog opgevolgd door een vijfde natuur waarin het lichaam van de mens overbodig wordt. Maar dat is voorlopig nog science fiction. Typerend voor onze ontwikkeling is ook de overgang van gesproken woord naar geschreven woord, en nu naar de wereld van het beeld. Het beeld is alom aanwezig en kleurt onze verstaans-horizon. Onze horizon is alleen maar beeld meer. De taal, de tekst dient ter verduidelijking van het beeld. De tekst staat niet meer op zichzelf als tekst. Dat zien we voortdurend gebeuren om ons heen: via allerlei technische apparaten worden we voortdurend gevoed met beelden, met flarden tekst als ondertiteling van deze beelden. De macht van Facebook is de mogelijkheid om iedereen de kans te geven iets te “liken” waardoor je de ander bevestigt. Niet zozeer de ander als ander, maar de informatie die hij heeft gedeeld met jou. Iemand die iets leuk vindt, zegt als het ware “ik vind je aardig”. Dat geeft een kortstondig goed gevoel, een kleine impuls om door te gaan. Zo ben je uiteindelijk onderdeel van een veel groter proces dat jij niet meer bepaalt maar dat jou aanstuurt. Dit simpele voorbeeld, wat in feite niet zo simpel is, zegt veel over onze huidige conditie, onze vierde natuur. We denken aan de touwtjes te trekken, maar in feite worden we bewogen door de machine waaraan we gekoppeld zijn op vele manieren. Al is de vijfde natuur misschien nu nog verre toekomst, als wij apparaten produceren waarin de mogelijkheid wordt geschapen dat wij ons lichaam eens zullen kunnen verlaten, dan zal dat ook gebeuren. Dat is inherent aan het proces waarin we nu zitten. Terug naar de tweede, of naar een eerste natuur? “Forget it, impossible!” Net zo min als je terug kunt naar de tijd van voor je conceptie.

John Hacking

2 september 2013