Antwoord aan Armando

Pigment op papier, 50×40 cm, delen van zwart wit foto’s met bossen die Armando heeft geschilderd, 2008

Herinnering

‘Die Erinnerung ist das einzige Paradies, woraus wir nicht vertrieben werden’

Jean Paul

Een trauma, een traumatische ervaring kan de herinnering tot een hel maken. Uitschakelen kan niet of nauwelijks, verdoven soms een beetje. Maar mooie herinneringen geven een zweem van de hemel en kunnen je vervoeren naar stemmingen waar je wel in zou willen zwelgen. Hopen dat ze nooit overgaan, verlangen dat ze blijven, aanhouden, niet ophouden. Maar dat is een illusie. De Romantiek en de romantische dichters en schilders, beeldhouwers, musici en dansers zijn er door gegrepen, hun passie wordt gevoed met dit verlangen: je ‘heel’ willen voelen, ‘Ganz’ op zijn Duits, verbonden, gedragen, niet afgescheiden van de wereld omdat je een ‘subject’ bent geworden, ‘onderworpen’ aan de ervaring van de scheiding, het afgescheiden zijn van de wereld. Jouw ik, Ego, plaatst jou tegenover, je bent voorgoed afgescheiden, er is geen wij, hoogstens een kortstondig wij, in samenzang, in het liefdesspel, in vriendschap, in de euforie van de strijd maar dan slechts zolang tot de eerste doden, de gruwelijke lijken om je heen verschijnen.

De kunstenaar Armando werd hierdoor bezeten: de herinnering, en dan vooral de herinnering aan wat was gebeurd in de oorlog, het landschap dat getuige was van gruwelijkheden, de schoonheid van het landschap dat getuige was van de oorlogstaferelen en het zwijgen van het landschap. Zoals de blauwe heldere hemel, misschien, een stralende zon, bij de kruisdood van Jezus, zoals ik dat wel eens heb uitgedrukt. Armando is een kunstenaar die werkt vanuit zijn tastzin, hij tast af, geeft vorm met verf en klei wat hem al tastend voor het geestesoog verschijnt. Zijn werk als schilder lijkt in veel stadia dan ook op zijn werk als beeldhouwer en zijn teksten die hij heeft geschreven onderschrijven deze intuïtie van het tastend speuren, zoeken, verwezenlijken.

“Armando stelt dat er naast het verleden, het heden en de toekomst nog een vierde tijdsdimensie bestaat. Hij noemt het: het verleden van de herinnering. Het is een ander verleden. ‘Het is met de wijsvinger ingekleurd, het is gekneed en verbogen, het is verschoven en gekrompen, het is verfomfaaid, hier dik en daar dun geworden, en men denkt dat het zo hoort’.

Deze zinnen doen niet alleen terloops denken aan het proces van het maken van een kunstwerk. Er zijn opvallende overeenkomste tussen onze behandeling van het verleden en het scheppen van kunst. Inkleuren, kneden en verbuigen, verschuiven en laten krimpen. Het is ‘verfomfaaid’: men heeft er met zijn handen aangezeten. Maar het resultaat van het proces van de herinnering doet zich anders voor dan het is. Het doet alsof het zo geweest is, alsof er niets anders kan zijn. ‘Hier is sprake van een onwrikbaar verlangen naar de idylle’, zegt Armando.

Het denken wordt aangespoord door het verleden. ‘Helaas wordt de broze gedachtegang hoofdzakelijk bestuurd en gevormd door de herinnering. De gedachten kunnen slechts kleine, kleine danspasjes maken.’ En er valt ook niet aan te ontsnappen. ‘O, hoe moeilijk het is om het hoofd te verlaten. Hoe moeilijk het is om het leeg te scheppen.’” Zo Katja Rodenburg in ‘Armando en de melancholie van het scheppen’ (Zwolle 2009).

Eigenlijk valt Armando samen met zijn werk. Hij is zijn werk. Zijn vele uitingen leggen daarvan getuigenis af. Hij is niet een kunstenaar die iets maakt en waarvan dan later iets tentoon wordt gesteld in een museum zonder dat de persoon van de kunstenaar er toe doet. Wat er staat, wat er te zien valt is Armando, het zijn afgescheiden, losgeraakten delen van zijn persoonlijkheid, zijn passie, zijn intuïtie, zijn tasten om zijn werkelijkheid gestalte te geven. De confrontatie met zijn werk is een ontmoeting met Armando zelf. De mens spreekt in zijn werk, komt er in al zijn contouren naar voren. En zonder die mens zou het slechts een brok steen, klei, een verzameling vlekken op het doek zijn. Ik ken persoonlijk maar weinig kunstenaars die zo intens in hun eigen werk zich manifesteren met al hun toewijding, hun bezetenheid en hun fascinatie voor datgene waar ze door geraakt zijn en wat ze hoe dan ook willen zichtbaar maken. De herhaling van thema’s versterkt dit nog een keer extra. Armando is zelf de vleesgeworden herinnering aan de oorlog, de gruwelijkheden, het geweld in de mens. Zijn werk is daarom een en al getuigenis. Dat is precies wat mij in hem fascineert. Hij valt samen met zijn werk, zijn menszijn, zijn existentie is zijn werk. Er zit niks tussen. Als materie noodzakelijk is om de geest een format, een vorm, een gestalte te geven, dan komt dit in het werk van Armando tot uitdrukking. De brute materie, de zwarte krachten in zijn beeldhouwwerk en schilderijen, omdat ze meer dan zwart zijn, omdat ze donkerheid, diepte, leegte, het niets oproepen, leggen zo getuigenis af van een werkelijkheid achter, of onder de materie. Het is bezielde materie, bezield door een passie, een inspiratie die iets spiritueels, iets geestelijks wil vastleggen in het ontbreken ervan in de brute materie. Het kwaad, het geweld, is ook een geestelijke kracht en kan slechts gestalte aannemen in en via de materie, via de mensen die haar inzetten om de ander te knechten en te vernederen. Naast de geestelijke krachten in een mens die gericht zijn op heelmaking, het aanraken van de hemel, zijn er krachten die de hel scheppen, die de mens behandelen alsof het stof is. Die spanning is bij Armando voelbaar, tastbaar, zijn lijden aan het kwaad spat van zijn werk af. Is er dan geen hoop, geen vreugde in zijn werk te vinden? Geen goede herinnering? Geen ervaring die verder gaat dan de idylle? Op het eerste gezicht misschien niet, maar het feit dat een kunstenaar zo door het donkere wordt geraakt dat hij niet anders kan dan uitdrukking zoeken, is op zich al een groot goed, een positief signaal. Het is kunst die wakker wil maken, ons wakker wil schudden. Daarom spreekt Armando mij ook aan omdat ik dezelfde fascinatie heb voor de oorlog, de gruwelijke gewelddaden en de zwarte existentie die ook aan ons menszijn geklonken is als een ziel in het lichaam. Waarom die donkerheid in ons menselijk bestaan? Waarom het kwaad soms zo manifest aanwezig? Rationeel kan ik dat niet verklaren. Misschien is kunst dan wel de uitweg om het te duiden, te verkennen, te veroordelen. Misschien is kunst de verwrongen en geknede herinnering om die zwarte kant van de mens en de hemelse kant zichtbaar te maken. Iets extremer als we gewend zijn, iets buiten de orde zoals we normaal denken en handelen. En als elke herinnering een resultaat is van een kneedproces, dan staat ook het kunstwerk niet ver af van ons dagelijks leven. De kunst is om dat toe te laten, om onze ogen te openen, om te zien vanuit een nieuwe ontvankelijkheid, wat het met ons kan doen. Het is een poging waard om met open ogen en een open hart te leren kijken.

Armando is zelf nu een herinnering. Zijn werk leeft voort. Fragmenten van zijn landschappen heb ik opgepakt in een nieuw landschap. Een verdere uitwerking van de betekenis die hij erin heeft gelegd. En een serie werken die de naam dragen: Antwoord aan Armando. Landschap in kleur, abstractie om het donkere in een ander licht te zien. Uitgangspunt waren zwart wit foto’s van de bossen die hem tot schilderen hebben aangezet en afbeeldingen van werk in kleur van zijn hand.

John Hacking

17 oktober 2018

Pigment op papier, diverse maten rond 50×70 cm, foto’s van landschappen van Armando als uitgangspunt, 2009

Een gedachte over “Antwoord aan Armando

Reacties zijn gesloten.