Angst, beheersing en moderniteit

“Lied

Die Zeit hat Furcht.
Die Furcht hat Zeit.
Die Furcht

spaziert durch mein Blut,
entreisst mir meine beste Früchte,
reisst meine beklagenswerte Mauer nieder.

Zerstörung aus Zerstörungen,
nur Zerstörung
und Furcht,
viel Furcht,
Furcht.”

Alejandra Pizarnik

Revoluties zijn er altijd geweest. Onvrede over bestaande situaties, streven naar een betere samenleving, zelf aan het roer willen staan in politiek en economie, het zijn even zovele motieven. De aanleiding kan liggen in onderdrukking, in niet tot je recht mogen komen als mens, als gelovige, als man of als vrouw. Revoluties zijn meestal niet geweldloos. Macht wordt niet graag afgestaan, niet door vertegenwoordigers van de staat, de kerk of een ander instituut. Eugen Rosenstock-Huessy beschrijft in zijn magnum opus “De grote revoluties. Autobiografie van de westerse mens. De te fabula narratur, » (Vught 2003 (Skandalon) een aantal revoluties die hebben plaatsgevonden in de wereld. Revoluties reproduceren een nieuwe mens. Ze produceren niet maar reproduceren want er ligt een mal, een model aan ten grondslag. Die mal, dat model is een verlangen. Een verlangen naar een andere situatie, meestal iets uit het verleden dat gecombineerd wordt met een streven naar verandering van de toekomst. De tijd en de wereld moeten naar de eigen hand worden gezet om dit verlangen te verwerkelijken. Omdat het verleden vaak een grote rol speelt in de motivatie om te veranderen, om de macht te grijpen en om de wereld naar je hand te zetten kun je spreken van een zeker heimwee. Een heimwee naar een tijd die geweest is. Een gouden tijd, een tijd die nog niet de gevaren en risico’s van het heden kende. Concreet: het verleden was beter dan het hier en nu in de ogen van de revolutionair en daarom moet er een einde komen aan het lijden aan het hier en nu. Maar wat is dat lijden dan? Waarom zoveel passie, zoveel inzet, zoveel geweld om het hier en nu te veranderen? Waar komt die onvrede vandaan? Is er zoveel lijden in het hier en nu dat geweld om te veranderen alles rechtvaardigt?
Mijn verklaring is eigenlijk simpel. Angst en onmacht zijn sterke drijfveren om een revolutie te beginnen. Angst omdat de tijd niet meer schijnt te zijn wat hij is geweest: zekerheid omtrent je afkomst, je clan, de groep, het volk waar je toe behoorde, de plaats waar je woonde, de seksuele voorkeur, de “ras-eigenheid” (wat dit dan ook moge zijn – we hebben allemaal hetzelfde bloed ongeacht ras of kleur), je toekomstperspectief, het voortgaan van de tijd volgens de seizoenen en volgens vaste patronen waar je zekerheid aan kunt ontlenen. “Vroeger” had je helderheid en zekerheid omtrent wie je was, waar je vandaan kwam en wat je te wachten stond. Dat is natuurlijk een idee-fixe dat niet overeenkomt met de werkelijkheid maar het zegt alles over de beleving van een werkelijkheid. Je hoeft maar naar de revolutionairen te luisteren om al heel snel te ontdekken dat ze eigenlijk terug willen naar meer zekerheid, meer houvast in hun leven. Religie kan een dergelijk houvast bieden, vaste regels en normen, vaststaande opvattingen, een rechtssysteem en de toepassing ervan (de Sharia bijvoorbeeld) en wat al niet meer zij. Kortom er is behoefte aan een ideologie die zekerheid en houvast biedt in het leven. Het leven is te complex en te onoverzichtelijk om het zomaar te laten gebeuren zonder sturing en zonder idee hoe dat moet. Revoluties ontstaan uit onvrede maar vooral uit onzekerheid ten aanzien van de uitdagingen van het leven. Maar nu praat ik in vaagheden. Laat ik enkele voorbeelden noemen die mijn verhaal onderstrepen. De reformatie is misschien wel een van de eerste vormen van revolutie die tot op de dag van vandaag hun sporen hebben nagelaten in denken en handelen van mensen. De periode van de Verlichting is niet goed denkbaar zonder deze reformatorische voorlopers. De reformatie is in feite een opstand tegen de macht van de kerk van Rome met het oog op een democratisering van de interpretatie van de bijbel en de democratisering van het heil of de geloofszekerheid van de gelovigen. Interpretatie (betekenisgeving) van schrift en heilsgeschiedenis (genade voor de gelovigen, redding van de ondergang) gaan hand in hand in dit nieuwe denken. Het is niet alleen een vuist tegen de leiders van de toenmalige katholieke kerk, de heersende wantoestanden, de corruptie en het nepotisme, het is een rechtstreeks opeisen van redding. Niet gratis en voor niets verkrijgbaar, hard werken, veel geloofsijver en overgave blijven voorwaarde, en God bepaalt uiteindelijk wat hij doet, maar het individu staat centraal. Niet meer het collectief waar de toenmalige katholieke kerk voor stond. Het individu eist zijn recht op om gehoord en gezien te worden op religieus terrein. De periode van de Verlichting onderstreept dat nog een keer politiek en juridisch. Gelijkheid, vrijheid en broederschap blijven mooie leuzen en zetten velen in vuur en vlam.
Maar precies dit streven naar een nieuwe invulling van de individuele geloofsbeleving, het opeisen van het recht om als individu gehoord en gezien te worden roept bij velen onzekerheid en weerstand op. Contrarevolutie, contrareformatie, als het maar tegen al die nieuwlichterij is. Tot aan de Franse Revolutie waart er een geest van conservatisme door Europa om zoveel mogelijk de touwtjes in handen te blijven houden. Maar de Franse Revolutie is nog niet uitgebroken of de terreur van Robespierre en de zijnen doen niet alleen de hoofden rollen van de adel, de kerkleiding en andere leiders van het volk, maar ook de eigen kinderen worden verslonden door het valbijl. Napoleon Bonaparte is de uitkomst van de Franse Revolutie, een kleine man die de grote man wil spelen en teruggrijpt op het Romeins verleden om zijn land in mode, kunst en vormgeving gestalte te geven. (Poetin lijkt in die zin wel op Napoleon met zijn teruggrijpen op het Russische verleden). De Romeinse beschaving wordt zo model voor het nieuwe leven na de revolutie. De Russische Revolutie, (De Amerikaanse even buiten beschouwing gelaten) wil alle macht aan de arbeidersklasse geven, maar maakt van een arbeider een model waaraan alles ondergeschikt wordt. Een economisch en cultureel achtergebleven land grijpt het voortouw om de idealen van Marx en Engels gestalte te geven. Maar de prijs is hoog en de opvolgers van Lenin laten de goelags volstromen met (vermeende) tegenstanders. Nazi-Duitsland en facistisch Italië zijn in feite revoluties tegen de geest van de tijd: de anoniemisering of atomisering van het individu, de mens als productiefactor, de arbeider als anonieme productiekracht, ondergeschikt aan de wetten van de economie, de teloorgang van collectieve verbanden door de nieuwe economische verhoudingen, de moderne tijd kondigt zich aan met alle kracht. Fascisme en communisme willen een geest wakker roepen om het collectief opnieuw uit te vinden tegen de geest van de tijd in. Ook hier weer staan de Romeinen voor Italië en de Germanen voor Duitsland model. Ras, volk en leider worden alles. Velen raken erdoor “begeistert” want velen herkennen zich hierin en hebben hun nieuwe roeping gevonden. Maar ook hier is de prijs immens hoog. Overblijft een Europa en wereld in puin, volken half uitgemoord en industrieel vernietigd, het geweld sleurt iedereen mee.
Wat door moet gaan voor revolutie is dus niet meer en niet minder een poging om de werkelijkheid in de greep te houden en te manipuleren naar eigen model en maatstaven. Gevoed en gemotiveerd door angst en onzekerheid over de mogelijkheden in het hier en nu. Isis die nu in naam van een “zuivere Islam” (wat dat dan ook moge zijn) zuiveringen uitvoeren in het Midden-Oosten is een variant op hetzelfde thema. De bedreigingen uit het hier en nu worden als zo groot ervaren dat er kost wat kost een tegenkracht moet worden ontwikkeld en het model is het kalifaat, een type van staat die al duizend jaar niet meer echt goed werkt. De kalief is niet meer dan een dictator en ook nog eens religieus gefundeerd. Absolute macht zoals wij die niet meer in het Verlichte (West)-Europa hebben gekend sinds de Tweede Wereldoorlog. Wel daarbuiten natuurlijk, maar die landen noemen we dan ook niet verlicht. Revolutie en contrarevolutie zijn inmiddels begrippen die hun betekenis hebben ingeruild voor onderdrukking, anarchie, bloeddorstig geweld en niets ontziende terreur. Zit het in de menselijke conditie ingebakken om de angsten en onzekerheden te bezweren met geweld of zijn er ook nog andere wegen? Ik hoop van wel.

John Hacking
12 augustus 2014