Vrijheid en vrije vogels

IMG_1709

Vrijheid en vrije vogels

Vaak fietste ze voor me, wit stoeltje achterop gebonden want een hele dag staan in de stad, zingen, klanken vertolken, dat valt niet mee. Bijna elke dag was ze wel te vinden in het winkelcentrum van Nijmegen, zichzelf begeleidend op een tamboerijn. Veel wist ik niet van haar, behalve dan dat ze Oda le Noble heette en dat ze in een bouwval had gewoond langs de dijk in Malden. Had gewoond,dat bleek niet waar te zijn, ze woonde er nog steeds tot op de dag van haar dood. Zij werd levenloos in haar huis aangetroffen. In de krant verscheen een artikel over haar omdat ze zo’n markant stadsgezicht was. Ze bleek lang geleden getrouwd te zijn met Gert le Noble en samen hebben ze in het huis in Malden geleefd en gewoond.
Na zijn dood bleef zij daar en om de een of andere reden ging het niet meer goed. Onverlaten hebben de kozijnen uit de ramen gestolen, muren werden beklad met teksten en zij moet zich daar niet altijd veilig hebben gevoeld. Toch heeft ze dit huis, een ruïne is niet teveel gezegd, nooit verlaten. Twee jaar geleden was ik van mening dat er niemand meer woonde. De voordeur was toen dicht en om het huis was het een enorme rommel. De schuur naast het huis lag vol met kleren, voor de deur fietsen en fietsonderdelen. Niets leek erop dat hier nog iemand woonde. Maar de schijn bedroog. Pas toen we afgelopen paaszondag langs het huis liepen zagen we dat de deur open stond. Binnen was het huis grotendeels leeg. Maar in de wanden boeken, aan de muren kleine schilderijtjes, eentje gemaakt door Gert. Op de grond een knuffel onder de vlekken en het witte stoeltje stond in de kamer. Ook haar muts en kleren hingen op een stoel en op de trap rode handschoenen. Op tafel een uitgedroogd boeket met rozen, gebracht door de buren na haar dood. Aan de muur een tekst die luidde: “Niemand is verlaten, die zich op God verlaat.” Dat heeft ze waarschijnlijk haar hele leven gedaan. Van hulp van de gemeente wilde ze niets weten, zo de journalist in de krant. Ander onderdak wilde ze niet.
Het moet daar zeker in de winter stervenskoud zijn geweest, koude wind die door de open ramen giert en regen, sneeuw en hagel die binnen waait. Geen beschutting in huis, overal openingen waar eens ramen hadden gezeten. Hoe houd je dat vol? En waarom zo op deze wijze? Wat is dit voor soort van vrijheid en hoe vrij was zij dat zij dit leven zeker heel wat jaren vol heeft gehouden? Waarom was zij zo gehecht aan haar plek dat zelfs de winter haar daar niet kon verdrijven? Waarom zo huizen in een bouwval omringd met rommel, met spullen uit een vorig leven, zo lijkt het wel, en dat jaar na jaar? Ze hield van lezen, vooral spirituele boeken, ze heeft er heel wat verslonden, vermoed ik. Hieruit putte ze dan troost. Hierin werd ze misschien bevestigd in haar leefwijze en manier van denken.
Vaker zag ik haar ook na 10 uur s’avonds zitten in een bushokje, klaar met werken in de stad, het zingen zat erop. Dan had zij meestal een fles trappistenbier in haar hand, rusten na gedane arbeid. Op weg naar het koude en lege huis, waar het donker was, waar geen water was en geen elektriciteit. Dat is bijna niet voorstelbaar voor een huizenbezitter in onze tijd, zo leven alsof je een hond op straat bent, alsof je in feite dakloos bent. Ze was niet dakloos maar haar dak was geen echt comfort. Het blijft iets verbijsterends houden je te moeten voorstellen hoe zij daar haar tijd heeft doorgebracht, vooral op de gure dagen.
Was zij een vrije vogel, eentje die meer en meer zeldzaam wordt in onze maatschappij? Wilde ze zich niet aanpassen aan de smaak van de meerderheid? Wat was dat voor vrijheid die zij hier heeft ervaren en letterlijk beleefd? Of was het geen vrijheid maar meer een vorm van verstandsverbijstering? Dat laatste vermoed ik van niet. Zij heeft er met haar schaarse middelen van gemaakt wat ze ervan maken kon en de rest interesseerde haar waarschijnlijk niet.
De hele dag was ze in de stad, daar had ze haar leven, staande op straat, zingend, klanken vertolkend. Daar kreeg ze geld van voorbijgangers en sommigen maakten een praatje. Ook in de stad viel ze wel op, want haar optreden was niet bepaald alledaags. Maar na jaren was iedereen eraan gewend en hoorde ze gewoon bij het winkelend publiek. Nijmegen is niet meer hetzelfde nu zij er niet meer staat. Het lege huis met de spullen die van haar achterbleven legt getuigenis van een bijzonder mens, die op eigen kracht en op basis van vertrouwen dit leven zo lang heeft volgehouden. Het huis is eigenlijk nu het laatste wat er van haar rest. De kamers, de ruimtes, ze krijgen een andere betekenis als je weet wie er heeft gewoond en dat vele jaren lang. Buiten is het lente, de treurwilg bloeit, de struiken krijgen witte en gele bloemen. Over een week of twee bloeien de fruitbomen in de verwaarloosde tuin. Ze ruste in vrede. De koude winterwind zal haar botten niet meer verkillen.

John Hacking
6 april 2015

 

2 gedachten over “Vrijheid en vrije vogels

  1. John
    ik zou graag met je willen communiceren over Oda . Vandaag , 19-4-2015 hebben we haar huis/tuin opgeruimd . Ja , het was nodig .
    Maar ik loop over van warme gevoelens als ik aan mijn zus denk . Ze was bijzonder .
    Alle reacties van fans en anderen maken me gelukkig .
    groet , Nellie [zus van Oda ]

    Like

Reacties zijn gesloten.