Stem geven aan je verdriet

Verdriet: stem geven aan je verdriet

verdriet 

Verzoek aan de schilder

Mijn arsenaal van klank en taal

bestaat in tijd. Zij niet. Ik vraag

uw hulp. Als ik haar met mijn warme

hand, zo zwaar van bloed, wil raken

is er niets. U heeft een vlak met veertien

kleuren, een penseel van vossenhaar –

streel haar te voorschijn, groene schaduw

bij haar oor en in haar hals een zweem

van oud ivoor. Maak haar een plaats

in vezels van uw doek. Roep mij

dan binnen. U staart uit het raam.

Ik blijf op anderhalve meter staan.

Zij kijkt mij aan.

Anna Enquist

Verzoek aan de schilder, het gedicht van Anne Enquist, is in deze ruimte letterlijk uitgevoerd. Schilderijen van Sylvia Grevel die haar partner verloor leggen ervan getuigenis af. Een poging om via schilderen stem te geven  aan verdriet, aan de pijn en de smart die het scheiden en de dood veroorzaakt. Stem geven aan je verdriet. Het kan op vele manieren. De kunst is er een van. In de rouwgroep voor studenten die wij jaarlijks twee maal organiseren in de Studentenkerk vertel ik altijd dat verdriet na de dood van een dierbare een onlosmakelijk deel van je leven is geworden.

Je draagt het verdriet met je mee, als het ware in je rugzak, als het ware ingekerfd in je lichaam, in je gevoelens, je herinneringen, je emoties. Hoe ongemakkelijk ook soms, hoe graag je het ook niet zo zou willen beleven je hebt geen keuze, het is deel van jou geworden. En alle energie om het verdriet op afstand te houden, het te onderdrukken is eigenlijk weggegooide energie want het verdriet gaat er niet mee weg. De enige remedie is het toelaten, beseffen dat het er is, dat het een nieuwe begeleider op je weg is geworden en dan kun je het misschien beter tot vriend  maken in plaats van het te ervaren als vijand, als ongemakkelijk en ongewenst. Verdriet is van nu af aan deel van je leven want de dood is definitief.

Je dierbare is definitief aan de andere kant van de grens. Onbereikbaar. Als je het verdriet durft toe te laten, en dat kan ook in stapjes, voel je ook de pijn. En in het begin van dit proces ben je vaak verdoofd, uit het veld geslagen. Maar hoe verder je komt, hoe meer het doordringt waar je aan lijdt en wat pijn doet. Ik zeg dan ook vaak, dat als je meteen na het overlijden van je dierbare zou beseffen wat het betekent, dan zou de pijn ondraaglijk zijn, onhoudbaar. Het lichaam beschermt je als het ware, je geest beschut je door een soort van  dofheid, afwezigheid, mist voor je ogen. Pas veel later in het proces, als de tijd verstrijkt, ga je pas echt goed voelen hoe groot het gemis is en wat het met je doet. De pijn is heviger. Maar dan ben je ook al weer wat sterker geworden, heb je al meer tijd doorgebracht zonder je dierbare geliefde dode.

Heel in het kort schets ik hier een mogelijkheid hoe het zou kunnen lopen met je verdriet en hoe je hiermee om kunt gaan. Maar er zijn geen recepten. Er zijn geen handige oplossingen, geen makkelijke wegen. Ieder mens zal op zijn eigen wijze zijn verdriet moeten leren dragen. En dragen wil zeggen, een plek leren geven in je leven, je er toe verhouden. Het niet wegstoppen maar er mee om leren gaan. Stem geven aan je verdriet heeft drie elementen: stem, geven en verdriet. Praten over je verdriet. Ook met anderen. Niet alleen zelf op papier, in een tekst. Niet alleen via een kunstwerk, maar ook in een dialoog met mensen die willen en kunnen luisteren. Mensen waarvan je merkt dat ze echt belangstelling voor je hebben. Anders is het paarlen voor de zwijnen, mensen die naar je welbevinden vragen en dan weglopen of meteen over iets anders beginnen. Maar stem geven veronderstelt dat je die stem ook wilt laten klinken. Het verdriet roept in jou. Het verdriet wil aandacht. Wil gehoord en gezien worden. En als je dat durft, dat durft toe te laten is het geven niet meer zo moeilijk. Dan zet jij de stap om dat wat je in je binnenste voelt ook naar buiten te brengen. En als dat mag en kan gebeuren, dan is het vaak zo dat het oplucht. Dat die zware deken die op je rustte, die donkere wolk opeens wat lichter wordt. Je krijgt iets meer adem, je ontwaart warempel een straaltje zonlicht. Er schijnt licht in wat eerst voelde als duisternis, donker, diepe nacht.

In de rouwgroep mogen de emoties boven komen, de tranen vloeien. De pijnlijke herinneringen, het verdriet, de onuitgesproken dingen, de niet afgemaakte voornemens, woorden die niet gewisseld werden, gevoelens van schuld, van pijn, van tekort schieten. Maar als die eenmaal zijn geuit is er ook ruimte voor de goede herinneringen. De dingen die je verder dragen in het leven, waar je houvast aan hebt. En dan is het verdriet niet alleen maar negatief, niet alleen maar pijnlijk. Het verdriet is de andere kant van de liefde.  Het is de andere pool, de brug naar je verloren dierbare. Zonder dat verdriet, wie zou hij of zij nog zijn voor jou,  nu de dood zo definitief heeft toegeslagen. Verdriet zie ik daarom als een groot gebaar van liefde, een groot teken, een groot liefdessignaal. Het is vloeibare liefde. En kan die liefde raken tot aan de ander, de dierbare die je kwijtraakte? Ik vermoed van wel, maar dan niet in de letterlijke zin. Verdriet dat in jou opwelt als een bron, als een kracht, als een diep gevoel doet iets met jou op een manier die je misschien nog nooit eerder zo hebt ervaren. Het maakt iets bij je los, het raakt aan een diepere laag in jou die je misschien nog niet kende, maar die er ook zit. En die van wezenlijk belang is. Het is de diepe laag van jouw diepste zelf. De bodem waarop je rust. De grond waarop je existentie is gevestigd. Dieper dan dat kan het niet. Het verdriet laat je daarmee kennis maken. En als je dat durft toe te laten. Tot op de bodem durft te gaan, dan is er alleen maar een weg naar boven. Dieper kun je niet, en verder gaat het niet. De enige weg, uitweg, is terug omhoog. En het verdriet helpt je, duwt je mee omhoog, als een fontein die sproeit. Als je dit verlies, dit verdriet zo nog nooit hebt meegemaakt is het misschien moeilijk voor te stellen maar in de rouwgroep wordt het vaak zichtbaar. Op de bodem van je verdriet is er geen andere weg dan terug omhoog het leven in. Alle teksten, alle gedichten, alle liederen zijn kleine stapjes op die weg: Zoals ook het aansteken van een lichtje, hier in de kerk of thuis of op het graf. Het leven na de dood een nieuwe betekenis geven, een getekend leven, getekend door de littekens van je verdriet, leren leven, voortgaan met wie je nu bent geworden. Je bent niet meer dezelfde, en je zult dat ook nooit meer worden. Het verdriet kan je louteren, kan je leven verdiepen, kan je leven een nieuwe richting geven, een ander besef van wat waardevol en kostbaar is. Stem geven aan je verdriet is daarom een avontuur. Stem geven aan je verdriet is een weg die tot meer troost kan leiden. Het is een begaanbare en het is een inspirerende weg – niet zonder moeilijkheden, niet zonder pijn en worsteling, maar het loont de moeite.

John Hacking

Tekst uitgesproken bij de jaarlijkse herdenking van de overledenen aan de Radboud Universiteit Nijmegen in de Studentenkerk op maandag 2 november 2015

verdriet