Autonomie: laatste heilige koe

In een dictatuur heeft alleen de ‘grote leider’ een bepaalde mate van autonomie: macht over leven en dood van zijn onderdanen. Meestal is dat een vorm van absolute macht. Maar met de dood of het afzetten van de leider is die macht voorbij. Ook absolute macht is relatief. Datzelfde geldt voor de macht van een partij. De partij zelf is in feite een fictie, net als de fictie staat of land. De partijleden oefenen macht uit in naam van de partij, de staat, het land. Het zijn dus sterfelijke individuen en hun macht is relatief. Ook deze autonomie is een beperkte.

In een dictatuur loop je al snel gevaar, bijvoorbeeld als journalist, als je niet de heersende opvattingen van de leider, de partij, de staat communiceert. Kritiek is uit den boze. Dat zelfde geldt voor landen waar religieuze leiders de politieke macht hebben gegrepen of waar ze als religieuze autoriteit (te)veel inspraak hebben in politieke processen. Dat zien we in islamitische landen waar de politici hun oren laten hangen naar de religieuze leiders: religieus (neo)fascisme, wordt dat ook wel genoemd. Een fenomeen dat al meer dan een eeuw speelt in al die landen waar ingezet wordt op een sterke leider die zijn autoriteit bevestigd ziet door de religieuze voormannen. Mannen, niet de vrouwen, want die hebben geen recht van spreken.

Fascisme en daarmee de roep om autoritaire leiders, radicale oplossingen en zelfverheerlijking ten koste van anders denkenden, anders gelovigen, anderen die er in de ogen van de schreeuwers niet bij horen, is niet de wereld uit. Helaas niet. Het is niet alleen een bedreiging voor de democratie, de verworven vrijheden op velerlei terreinen maar ook voor de ‘menselijkheid’ an sich. Het menszijn in de geest van een humane, gelijkwaardige, evenwichtige, eerlijke, rechtvaardige en vrij samenleving bestaat in de ogen van deze fascisten niet. Ze noemen het zelfs een leugen, een zwaktebod.

Als we over autonomie willen spreken, op politiek terrein maar ook op algemeen menselijk gebied, zijn fascisme, dictatuur, en de afgeleiden daarvan de grenzen waartegen autonomie kan worden afgezet. Maar wat is autonomie in onze samenleving als niet iedereen gelijke kansen heeft, als niet iedereen vanuit een zelfde positie kan reageren op ontwikkelingen? Als er grote tegenstellingen tussen arm en rijk bestaan, ongelijkwaardige kansen, oneerlijk verdeelde welvaart? Macht in verschillende handen?

Kortom als we in een democratische samenleving met elkaar moeten uitvinden welke kant het op moet, maar waarbij niet iedereen even slim, even handig, even goed geïnformeerd is, en niet dezelfde uitgangspunten hanteert om na te denken over een rechtvaardige samenleving waarin ieder lid tot zijn recht kan komen. Een verzameling van zeer verschillende individuen, groepen, standen, klassen, etc. etc. Kortom is er dan wel sprake van autonomie zoals wij dat misschien graag in onze verlangens en wensen zichtbaar zouden willen maken? Is autonomie in feite een fictieve grootheid? Een hersenspinsel, een niet te vervullen verlangen, een idee fixe?

Autonomie is in de Westerse samenleving vanouds gebaseerd op het autonome individu. Het individu is een zelf, een ego, dat een zekere mate van eigenheid heeft, een eigen rationaliteit, emotionaliteit, een zekere mate van menselijkheid en van solidair gedrag naar andere individuen. Maar bestaat dit zelf wel? Is het ook niet een gewenst ideaalbeeld, een fictie? Als je bekijkt dat het zelf in een lichaam woont waar het geen of weinig invloed op heeft, het lichaam als zelfplaats, autotopos, dan betekent dit dat de geestelijk ervaren autonomie van een zelf lichamelijk begrensd wordt. Je hoeft maar ernstig ziek te worden en je rationele en emotionele vermogens kunnen ernstig worden aangetast. Demente bejaarden die op de lijst staan om kunstmatig te sterven, omdat ze daar in een vroeger stadium voor hebben gekozen, zijn een voorbeeld van het grijze schemergebied dat ontstaat als het begrip autonomie wordt toegepast in dit soort van discussies over wel of niet helpen met sterven.

Een mens leeft niet alleen, hij maakt onderdeel uit van netwerken en verbanden. Anderen bepalen en kleuren het eigen leven. Een mens, een zelf is ook een wezen in telkens een heterotopos, een andere plaats die iets met je doet en die invloed heeft. En die andere plaatsen met andere mensen vormen netwerken: heteronodus(sen) terwijl jezelf een zelfknooppunt blijft, autonodus, voor je eigen gedachten en gevoelens. Het is dus ingewikkeld. Autonomie, zeker in de nieuwe constellaties die de virtuele werkelijkheid aanbiedt, is zeer fragwürdig om het maar eens op zijn Duits te zeggen. Dat wil zeggen: er kunnen heel grote vragen bij dit concept worden geplaatst.

Is autonomie de laatste heilige koe in onze geschiedenis? Is ze het laatste bolwerk dat moet worden geslecht? Of beter, is dit bolwerk al lang en breed ondergraven met alle privacy-schendingen, geheime dienst operaties, afluisterpraktijken, maar ook met de registraties bij tal van instellingen die alles over ons te weten kunnen komen? Als politici in naam van autonomie voorstellen doen om onze vrijheid te verdedigen, te beschermen en te behoeden voor kwaadwillenden, dan zitten ze eigenlijk te liegen want die autonomie is er niet. Die is er waarschijnlijk ook nooit zo geweest.

Dus wat nu? Hoe verder? Hoe verder met een gemankeerde autonomie-beleving? Een gemankeerde vrijheid, een gemankeerde vorm van humaniteit die het binnen grenzen moet doen: lichamelijke grenzen, intermenselijke grenzen (waartoe ook de politiek behoort) en economische grenzen? Roeien met de riemen die je hebt? Wie zal het zeggen. De echte bedreigingen beginnen zich langzaam te manifesteren: de techniek die een eigen leven gaat leiden en die niet kan differentiëren en nuanceren. Techniek die geen humor, geen cynische, geen emotie kan begrijpen. Science-Fiction films maken dat meer dan duidelijk. We gaan een donkere toekomst tegemoet. Of gloort er toch nog hoop aan de horizon? Maar dan moeten we zeker niet inzetten op fascisme of op autoritaire leiders want dan is het hek nog sneller van de dam en zitten wij in zelfgekozen gevangenissen, sneller dan je zou denken.


John Hacking

9 maart 2018

Gieveld Slenaken