Fragility

Wat de buitenkant met de binnenkant kan doen…

Glaciers in the 21st century constitute an unfrozen hazard, as receding glaciers and ice packs push ocean levels higher. Just as alarming as the big thaw’s impact on sea rise is its impact on the security of our freshwater reserves. For glaciers serve as fragile, frigid reservoirs holding irreplaceable water: 47 per cent of humanity depends on water stored as seasonally replenished ice that flows from the Himalayas and Tibet alone. Bron: https://aeon.co/ideas/the-swiftness-of-glaciers-language-in-a-time-of-climate-change

De ijskappen smelten, de kleine ijstijd die we een paar eeuwen geleden hadden lijkt voorgoed voorbij. Het klimaat warmt op. De zeeën zullen gaan stijgen. De dijken moeten hoger als wij het in Nederland willen overleven zoals het nu is. Het zal nog even duren maar de effecten zijn al meetbaar. Ook al ontkennen velen, vooral politici, dit zwaarwegende feit. Klimaatverandering is een proces dat wij, zo vermoed ik, niet alleen met reductie van CO2 kunnen stoppen. Daarvoor is de aarde te groot en zijn de effecten van die reductie te gering. De wereld en vooral de consumptie van goederen zal duurzamer moeten en berekend op de langere termijn. De wegwerpmaatschappij moet eindigen want anders blijven we op onverantwoorde schaal produceren en verspillen. Uiteindelijk keert de wal het schip, de aarde de mens.

Dat is een van de factoren, een van de alarmerende elementen uit onze werkelijkheid die zorgen baart voor de toekomst. Onze toekomst, de toekomst van onze navolgers, de toekomst van de mensheid en de talrijke dier- en plantensoorten. We kunnen natuurlijk doen alsof er niks aan de hand is, alsof het zo’n vaart niet zal lopen, of zoals men egoïstisch placht te zeggen: ‘na ons de zondvloed’. Maar is dat slim? Win je hier iets mee? Is de geruststelling die je dan jezelf aanpraat wel houdbaar tegen de overmacht van feiten in? Natuurlijk zijn er altijd in de geschiedenis van de mens ‘onheilsprofeten’ geweest. Die zijn van alle tijden, maar nu lijkt er toch wel echt iets aan de hand en we kunnen het weten want we hebben nu de apparatuur om wereldwijd te meten en te bewijzen dat de feiten kloppen. Het zijn geen meningen meer, geen opvattingen van enkele individuen. De aarde wordt warmer, de woestijnen nemen toe, grote gebieden die eerst vruchtbaar waren verdorren en de mensen trekken naar de steden. De conflicten in Syrië zijn daar een rechtstreeks gevolg van. Overal waar de woestijn oprukt moet de mens wijken. Hij moet zijn heil elders zoeken, het platteland loopt leeg en de steden raken overbevolkt. Voor al die milieuvluchtelingen is er geen opvang, er is nauwelijks beleid omdat men de ware oorzaken negeert.

Het bezit van water is vanouds een voorwaarde voor leven en voor cultuur. Steden konden niet ontstaan als de watervoorziening niet was verzekerd. Hetzelfde geldt nu ook voor energie, een de aanvoer van goederen en levensmiddelen. Zonder dat geen grote agglomeraties. In de geschiedenis van de mensheid zijn de huidige steden nog nooit zo groot geweest. Dus dat vraagt om een bijzondere infrastructuur. Logistiek is een wetenschap op zich geworden om alle mensen te voeden en aan werk te helpen. Dat kan geen enkele regering zomaar voor elkaar krijgen als er niet al lang mechanismen aan het werk zijn die een zekere stroomlijning bevorderen. Techniek maakt veel mogelijk. Maar misschien vinden wij dat allemaal wel zo vanzelfsprekend dat wij er nauwelijks bij stilstaan. Tot op een dag de computersystemen worden gehackt, de elektriciteit uitvalt, de dingen die altijd hebben gewerkt het opeens niet meer doen. Dat kan in principe elke dag gebeuren. Geen macht die ons hier echt voor kan behoeden. Ook dat is een invloed die onze gemoedsrust hevig kan verstoren en ons gevoel van veiligheid en zekerheid ondermijnen.

Kortom hoe veilig zijn wij eigenlijk, hoe beschermd, hoe zeker is dat door blijft gaan wat nu bestaat? Wat doet dat met ons innerlijk, ons gemoed? Ik vraag me dan ook af op welke wijze deze ontwikkelingen de menselijke geest beïnvloeden, en wat het effect is op ons psychisch welbevinden. Spelen ze niet mee in de toenemende druk op mensen om te presteren, om zich te manifesteren, om hun ambities te verwezenlijken? Misschien op de achtergrond omdat ze stiekem een soort van urgentie zichtbaar maken in de trant van “nu of nooit”?

Waarom zou je jezelf uit de naad werken, als een idioot de hele dag op sociale media rondsurfen, bang dat je iets zult missen, alle uren van de dag volplannen om bezig te zijn, om je ambities, je passies te verwezenlijken als het ook allemaal veel langzamer en minder kan? Waarom raken mensen overspannen, gestrest van werk en studie, alsof er niet een heel leven voor hun ligt om hun plannen te verwezenlijken? Heeft dat misschien stiekem toch niet met die grote ‘onbewust ervaren’ dreigingen te maken, komend onheil, vermoed maar niet echt geweten? Als je de hele dag op het journaal geconfronteerd wordt met negatief nieuws (want dat trekt meer aandacht) kun je een zwartkijker worden. Als telkens weer blijkt dat politici niet waarmaken wat ze beloven, dat mensen uit de bocht vliegen, dat er veel verkeerde types rondlopen, kun je je geloof in je medemens snel verliezen. Je idealen smelten als sneeuw voor de zon want niemand maakt ze waar en jij kunt het ook niet in je eentje. Friedrich Nietzsche noemde dat bodemloze van onze idealen, geen echte grond om op te staan, want het is grotendeels fictie, onvervulbaar verlangen, nihilisme. Hij kondigde in zijn tijd al aan dat wij nu in een nihilistische samenleving ons zouden moeten zien te redden.

Dat klopt: het nihilisme is overal. De grondslag voor onze idealen, de basis moeten we zelf leggen. Niemand anders kan het voor ons doen. Alleen een God kan ons nog redden, stelde Martin Heidegger al vertwijfeld vast oog in oog met de toestand van de wereld, maar die God is er niet. Vanuit de hemel komt geen antwoord en geen direct houvast. God grijpt niet in. Hoe zou hij ook moeten of kunnen? Wij zijn als mensen op onszelf gesteld.

Maar zou de urgentie van de klimaatverandering daar wat aan kunnen veranderen? Dus idealen waar gaan maken met het mes op de keel? Anders gaan we gewoon ten onder? Wie zal het zeggen? Hoeveel verstand is er aanwezig in ons handelen, in het maken van onze keuzes, in ons gedrag opdat wij rekening gaan houden met wat zich buiten onze vertrouwde wereld afspeelt? Zodat we een adequaat antwoord kunnen verzinnen dat allen betreft en allen vooruithelpt? Of is dat een illusie, overwint het nihilisme definitief en zijn we absoluut overgeleverd aan het nietige, het niets, de leegte die ook dit bestaan kan kenmerken? Leegte die ons zal overmannen, beheersen, bepalen omdat we geen vaste grond meer voelen? Toch geloof ik dat het niet zover hoeft te komen maar dan moeten we het nihilisme net als de klimaatverandering wel serieus nemen, de leegtes in ons bestaan, het feit dat de mens een aporie is, een doodlopende weg, want ieder van ons zal eens sterven. Leren van je eigen dood, je eigen oneindigheid en niet vertwijfelen. Inzetten op de oneindigheid die tussen het eindige op kan lichten: in een gesprek tussen mensen, in vragen die nooit eindigen, in telkens nieuwe betekenissen die in lagen zich tonen. Vanmorgen was op het journaal een korte reportage over een onthuld monument in de dierentuin van Tokio: een aandenken aan alle overleden dieren tijdens de oorlog. Kleine kinderen maakten eerbiedige buigingen zoals ze hadden geleerd voor deze beschreven steen. Toen dacht ik: alleen de mens is een wezen dat gedenktekens kan oprichten, monumenten van betekenis om mensen, gebeurtenissen en ook dieren (en planten) te herinneren, als ‘Mahnmal’ voor de anderen, de navolgers. Moment van herinnering om niet in dezelfde stomme fouten te vervallen, te leren van de geschiedenis, want vergeten hiervan is ballingschap, herinneren is verlossing. Zo luidt een Joods gezegde. Hoeveel oneindigheid schuilt er in ons herinneren? In ons verlangen? In onze gesprekken? In onze gedichten en in de natuur die ons omgeeft, het leven dat wij leiden. Kortom een uitnodiging om het onmogelijke te vinden in het mogelijke, het bekende, het vertrouwde. Je zult versteld staan hoeveel het nietige je kan tonen. Hoe het fragiele krachtig kan zijn en het onmogelijke mogelijk kan worden. Een modern paasverhaal.

John Hacking

27 maart 2018