Jezus, lichaam (en seks) en God

 

Jezus, lichaam (en seks) en God

Mijn probleem met de lichamelijkheid en de seksualiteit van Jezus is niet zozeer de vraag of hij van vrouwen hield of van mannen, of dat hij altijd celibatair is geweest en gebleven maar de vraag hoe het zit met de relatie tot God – als Zoon van God – als incarnatie van God en het goddelijke. In de tijd van Jezus zelf was het vanzelfsprekend om te trouwen en kinderen te krijgen. Zonder seks moeilijk voorstelbaar, ook al liggen er die claims ten aanzien van zijn moeder. Het niet krijgen van kinderen is eigenlijk in de ogen van veel Joodse wijsgeren een daad van wantrouwen, niet durven vertrouwen op de Heer en zijn toekomst. Het zij zo. Jezus kreeg geen kinderen, tenminste we weten er niets van af. Net zo min als wij weten hoe het zit met zijn relaties met vrouwen en mannen. Dat is allemaal in de nevelen van de geschiedenis gehuld. Maar we weten wel dat op talloze concilies van kerkvaders besluiten zijn genomen rond de visie op de menselijkheid en respectievelijk goddelijkheid van Jezus. Hele strijdgevechten zijn erom gevoerd wie er nou gelijk heeft.

Dat is nou precies het probleem. Als je stelt dat Jezus de Zoon van God is, en dat hij als zodanig onderdeel is van de Heilige Drie-eenheid dan heb je het niet over een feitelijke werkelijkheid maar over een geformuleerde visie op de werkelijkheid. Een visie die in de tijd al weer honderden jaren verder is dan de periode waarin Jezus leefde. Ook de laatste en oudste geschriften over Jezus reiken waarschijnlijk niet terug tot aan het daadwerkelijke leven van Jezus. Dus alles wat er gezegd en geschreven is, is allemaal achteraf. Op zich geen probleem, zo gaan die dingen. Maar voor de invulling van je eigen geloof, de inhoud van wat je nu gelooft heeft het wel degelijk gevolgen. Mijn thema is mijn leven lang al, de vraag naar God, de vraag naar manifestaties van het goddelijke. Ten diepste komt het hierop neer dat ik mij afvraag of wij als mensen in staat zijn iets te ervaren van een goddelijke werkelijkheid die onze werkelijkheid draagt. Als wij hiertoe in staat zijn kunnen we het misschien ook bewijzen. Maar we weten allemaal dat dát geen eenvoudige zaak is. Velen roepen dan ook dat er geen goddelijke werkelijkheid bestaat en dat het allemaal wensdenken en menselijke fictie is. Het is een geprojecteerd hoopvol perspectief dat de relativiteit en vooral onze menselijke ellende tijdens dit bestaan zin moet geven en een dragend houvast. Zover wil ik ook weer niet gaan en het is ook veel te makkelijk. Kunnen wij God ervaren met ons lichaam? Kunnen wij God via onze oren ervaren, waar de bijbel toch vaker over spreekt? Zien is al heel lastig, dat komt (bijna) niet voor (behalve dan een keer de achterkant bij de profeet Elia, volgens de tekst). Ook in de verhalen over Jezus is nergens sprake ervan dat Jezus God ziet. Hij claimt wel dat Hij en de Vader (God) een zijn. Maar dat is een claim. Geen empirisch gegeven.

Wij mensen zijn afhankelijk van onze ervaring om ons een mening te vormen over dit leven en ook over het wel of niet bestaan van het goddelijke. Ik bedoel dat breed. Een gevoel kan ook een eigen evidentie hebben die aan de ratio misschien vreemd is. Zo zijn er meer onderdelen van onze lichamelijkheid en ons lichamelijk existeren die hun eigen waarheid hebben die niet meteen binnen wetenschappelijke categorieën valt te onderzoeken of bewijzen. Neem het begrip bewustzijn. Niet echt goed bekend, of het begrip leven, idem, of het begrip ziel, net zo vaag. Onze intuïtie wijst ons vaak de weg maar hoe dat precies in zijn werk gaat? Misschien is de aanwezigheid van het God en het goddelijke wel op een intuïtieve manier ervaarbaar en is er later in de loop van de geschiedenis hier stem aan gegeven via taal, verhalen, openbaringsverhalen. Als we geboren worden is de allereerste confrontatie met deze werkelijkheid er eentje van horen: het luisteren naar de verhalen, de verhalen die over God de ronde doen. Dat kleurt waarschijnlijk onze hele perceptie. Via onze oren komt het binnen en gaat het verhaal ook een eigen leven leiden. Dat maakt je misschien ook gevoelig voor alles wat daarna komt rond het goddelijke. De kennismaking via kunst, via uitingen van mensen, via geloofsgetuigenissen en via de concrete gestaltes waarin de religies zich manifesteren. Dat al eeuwenlang. Dus er moet wel een kern van waarheid in zitten. Zouden er zo velen als eeuwenlang er helemaal naast zitten? Bestaat er een collectief weten, kennen, ervaren dat het goddelijke bevestigt, alleen al door het religieus ingevuld leven en het voltrekken van religieuze rites? Dus door het doen komt de kennis. En door dit doen ook de aanvaarding, de toewijding en het vertrouwen? De formulering daarvan in leerstellingen, en ook in een persoonlijk beleefd geloof zijn daar dan het gevolg van. Zo is de cirkel rond maar weet ik het nog niet. Als Jezus = God = mens = lichaam dan zou dat betekenen dat God in Jezus mens wordt en mens is, dus lichamelijk. Maar het einde van dit lichamelijk leven is er een van lijden en gruwelijk sterven gevolgd door een opstanding uit de dood. Vanuit God gezien moet dat toch een heel vreemde gang van zaken zijn als je als God tot nu toe teruggetrokken, niet-ervaarbaar, niet voor menselijke zintuigen ervaar bent. Dan kom je als God opeens midden in de wereld te staan om je daarna weer helemaal terug te trekken. Vreemde zaak als je het op de keper beschouwt. Dat kan bijna niet waar zijn.

Ik vermoed dan ook dat we met het probleem van onze taal zitten en de categorieën die wij gebruiken. Het begrip God is een aanduiding, een teken dat verwijst maar dat niet bewijst. God is een samenvatting, een semiotisch teken, een samengebalde betekenis. God is al datgene wat goddelijk is in onze realiteit en dat we als zodanig als goddelijk ervaren. Maar dat is waarschijnlijk niet materieel en niet lichamelijk. Als de ziel goddelijk is of van goddelijke oorsprong kan hierin God schuilen. Maar is dit echt meer dan een wijze van uitdrukken? Hebben de mystici een punt als ze dit gegeven aanhalen? Hier kom je weer op het probleem van het delen van een persoonlijke ervaring. Wat voor de een ervaarbaar is, is het voor een ander niet. Niet elke mens heeft mystieke ervaringen en niet elk mens is in staat zijn intuïtief beleefde ervaringen adequaat te verwoorden en te delen. De laatste keren dat ik teksten van een theoloog las en van een filosoof over de ziel eindigden beiden met een gezang. Een lofzang. Misschien is deze laatste vorm wel het laatste middel om iets over God uit te zeggen en ook het enige echte middel dat raakt aan je eigen ziel. Het is een wijze van mediterend bevestigen, van al zingend het ritueel van het geloof voltrekken. Misschien is dat het hoogst haalbare? Wie weet.

John Hacking

27 juni 2014

kissed
Kissed by Judas

Een gedachte over “Jezus, lichaam (en seks) en God

  1. We kunnen alleen datgene bevatten wat binnen ons begripsvermogen ligt. Ons referentiekader. Zoals ik het zie is het alsof wij in Plato’s grot zitten en van daaruit proberen het begrip “god” vorm te geven. We komen dus niet verder dan de schaduw. M.i. Is ook de lofzang maar een piepklein lichtstraaltje over de schaduw.

    Like

Reacties zijn gesloten.