Management en vertrouwen – de echt grote problemen op deze wereld

Management en vertrouwen

Onze tijd wordt gekenmerkt door een explosieve groei van informatie en de middelen om deze informatie te verzamelen, te analyseren en te benutten voor beleid. Niet alleen de wereld van de reclame, het bedrijfsleven en de overheid plukt hier de vruchten van. Wetenschappers smullen ervan, hun mogelijkheden om voorspellingen te doen en om praktische toepassingen te bedenken groeien exponentieel. Met deze groei gaat echter een gevaar gepaard: de toegenomen en groeiende behoefte om te controleren en te bepalen. Niet alleen de wil tot manipulatie en het in de hand willen houden van de ontwikkelingen, ook de innerlijk gevoelde dwang om niet los te laten, niet los kunnen laten speelt menigeen daarbij parten. Het moet lopen zoals jij hebt aangegeven of volgens de door jouw organisatie vastgestelde doelen. Maar het leven in het algemeen, in het groot en ook in het klein (op privégebied) laat zich niet altijd plannen volgens richtlijnen en protocollen. “Shit happens” om het negatief uit te drukken hoeveel voorzorgsmaatregelen er ook zijn getroffen. Daarom hebben wij nog steeds verzekeringsmaatschappijen die voor alles en nog wat polissen aanbieden om je in te denken en die hier goed aan verdienen.

In de wetenschap en op de universiteiten is het regelgedrag aan de orde van de dag. Wetenschappers lopen aan de leidraad van de publicatienormen in de vakgroep ten behoeve van internationaal gerenommeerde tijdschriften. “Publish or perish” heerst alom op de burelen waar het beleid wordt uitgezet. Filosofie als vak is daarmee meteen “fragwürdig” als er geen klinkende resultaten worden geboekt omdat het denkproces soms tientallen jaren vordert van de filosoof. Deze kan niet elk jaar een “grundlegend” artikel schrijven waarop kan worden voortgebouwd. Jan Staman, scheidend directeur van het Rathenau Instituut pleit in de krant voor de rol van hofnar: de wetenschapper moet fundamentele vragen durven stellen, hij moet het vigerende beleid aan de kaak durven stellen in zijn vakgebied als men de oren teveel laat hangen naar de subsidiegevers en managers, teveel naar de overheid luistert en de politici zonder dat daar iets tegenover staat. De rol van hofnar zoals die aan het hof werd vertolkt lijkt hem daarom wel wat. Maar deze metafoor is waarschijnlijk hopeloos achterhaald net als het beeld dat er soort van hofhouding zou zijn rond de troon. Er zijn geen tronen, er is geen koning of keizer en er is geen adelstand meer die teert op de inzet van het volk dat door belastingen en het afstaan van goederen en winsten de boel aan het draaien houdt. De moderne belastingbetaler is niet te vergelijken met de onderdanige horige slaaf of kleine boer uit de middeleeuwen. Het is allemaal veel complexer en allemaal veel minder transparant geworden. Dat beseffen ook degenen die het beleid uitzetten en daarom gaan ze voor meer controle en noemen dat transparantie en kwaliteitbevordering. Wat ontbreekt en wat pijnlijk aan het licht komt is het gebrek aan vertrouwen. Vertrouwen in de goodwill van de wetenschapper, aan zijn inzet en aan zijn kundigheid en vaardigheid. En, creativiteit laat zich niet afdwingen, laat zich niet opleggen. Daarvoor is het nodig dat er een context bestaat waarin vrijheid en tijdsbesteding naar eigen inzichten mogelijk is. Met dwang is nog nooit iemand tot ontdekkingen gekomen die de mensheid vooruit helpen. Niemand zit te wachten op het zoveelste artikel in een tijdschrift dat drie voetnoten toevoegt aan een eerdere tekst, een kleine nuancering of verbetering. Niemand leest dat als het lezerspubliek alleen maar uit een select groepje van specialisten bestaat. Het argument dat zo de wetenschap groeit en dat het aandeel in de kennis op die wijze toeneemt is geen reden om wetenschappers op te sluiten in een dwangbuis van verplichtingen waaraan ze moeten voldoen zonder dat ze zelf inspraak hebben hoe zij hun tijd invullen.

Vanmorgen las ik in de krant dat Napoleon er voor gezorgd heeft dat zijn soldaten toch boter op hun brood kregen: boter die niet bedierf, margarine. Ook het conserveren van groente in blikje stamt uit die tijd. En dan heb ik het nog niet over de standaardisering van de lengtematen, de tijd en de inhoudsmaten. De aanleg van de infrastructuur (wegen, kanalen) kreeg een boost. De administratie van de inwoners en het vastleggen van hun namen, de geboortepolitiek (kindergeld), voor een deel met het oog op nieuwe soldaten, het zijn allemaal ontwikkelingen uit die tijd. Hoe kan dat? Viel dat zomaar uit de lucht? Wie bedacht dit? In ieder geval duren de effecten door tot op de dag van vandaag. Misschien was toen het besef wel heel erg aanwezig dat er fundamenteel iets moest veranderen. Men moest meer greep krijgen op een aantal zaken en dat gebeurde door het uniformeren van standaarden. En praktische problemen zoals logistiek en voedselvoorziening moesten worden opgelost. Wat zijn de huidige problemen die nodig een oplossing verdienen en waarvoor geen uitstel mogelijk is? Ik vermoed dat die al lang bekend zijn: milieuvervuiling, ecosystemen die dreigen te bezwijken, stijging van de temperatuur van de aarde, de (politieke) dictatuur in en van de landen die energie leveren in de vorm van aardolie en aardgas omdat zij andere landen van zich afhankelijk maken, (bijna geen enkel aardolie leverend land kun je een echte democratie noemen – typisch hoe bezit corrumpeert) en de groeiende afhankelijkheid van landen op politiek en economisch gebied omdat zij armoede kennen en slechts condities. Honger en oorlog gaan hand in hand, verkrachting als oorlogswapen en demoralisatiefactor naast andere vormen van bruut geweld doen nog steeds opgang. Hoezo 2015, hoezo humaniteit, hoezo beschaving? We zijn de middeleeuwen nog lang niet ontstegen hoeveel illusies we ons ook maken. Hier liggen de echte problemen die om een oplossing schreeuwen. Een paar honderd miljardairs die samen zoveel geld beheren dat ze de halve wereldeconomie bepalen, dat kan toch niet blijven voortduren? Dat heeft niets met “eerlijk verdiend”, met “loon naar werken” te maken. Het is eerder een vorm van diefstal als dit geld onttrokken wordt aan de economische processen die leiden tot een eerlijke verdeling van de welvaart. Dit zal ook niet blijven duren want hoe hoog de hekken om Europa en de VS ook zullen worden, de vluchtelingen die hun armoede ontvluchten zullen blijven komen. Fort Europa zal bezwijken hoe streng de controle ook zal zijn. Het alternatief is oorlog, de vernietiging van alle buitenstaanders die binnen willen komen. Dat is de uiterste consequentie van het gedrag om niet te willen delen en verdelen. Radicale groeperingen die de gevestigde orde aanvallen maken dit al zichtbaar. Zij zetten “rücksichtlos” geweld in om hun doelen na te streven, of in ieder geval propagandistisch profijt te trekken uit de verwarring die dan ontstaat. De Islamitische heilstaat die nu in Irak en Syrië wordt gepropageerd wordt gevoed met dit soort gedachten: uit het Westen kan niets goeds komen voor de “zuivere” islam. (Wat dit laatste dan ook moge behelzen). Het westen en alle bondgenoten, ook al zijn dit moslims, moeten worden bestreden tot op de dood. Er is geen alternatief, “no way out”. Dit radicalisme is niet met de pen of het potlood te bestrijden, niet met cartoons en niet met grappen en spot. Misschien moet het antwoord eerder uit de loop van een geweer komen en dus uit de concrete en duidelijke stelling name van de landen en groepen die het betreft. Dat betekent offers brengen, dat betekent in calculeren dat ook eigen mensen zullen sneuvelen. Het is een oorlog die al lang aan de gang is en die complex is omdat er veel partijen op verschillende instrumenten blazen. Er zijn niet een of twee regisseurs en ondergeschikten. Het is een veelheid van groepen en leiders, van belangen en ideologieën. Familiebanden, clans, stamverbanden, politieke verbanden, economische en ideologische verbanden lopen door elkaar heen en verdelen de mensen. Daar is geen kruid tegen gewassen vanuit de overheden die via controle en manipulatie de boel bij elkaar wil houden of de gang van de geschiedenis wil bepalen volgens eigen inzichten. Nijpende grote wereldproblemen, (de huidige oorlogen zijn een vorm van wereldbrand), en de onmacht tot nu toe om tot echte overeenkomsten te komen, leiden ertoe dat onze krantenberichten de komende tijd niet vrolijk er op zullen worden. Waar zijn onze wereldleiders? Wie durft zich over zijn eigen belangen heen te zetten en verder te kijken dan zijn neus lang is? Wijze leiders zijn gevraagd, niet alleen maar calculerende politici die alleen maar denken aan hun volgende verkiezing. Wijze wetenschappers zijn gevraagd die de echte fundamentele problemen ter hand nemen en die zich niet laten wegzetten in het bos van eindeloze publicaties. Echte spirituele leiders in kerken, geloofsinstituten en organisaties zijn gevraagd die de dingen bij hun naam durven noemen, die hun nek durven uitsteken, die zelf het goede voorbeeld geven. Als ergens winst te behalen is, is het hier wel: de verdediging van humaniteit, van menselijk gedrag dat niet ten koste gaat van je medemens maar dat ertoe leidt dat beiden groeien in welvaart en welzijn. “Erst das Fressen dann die Moral” schreef Berthold Brecht al veel jaren geleden. Zijn woorden hebben nog niets aan actualiteit verloren. Waarom dan nog wachten? Hier ligt de echte uitdaging. En die begint met verder kijken dan je eigen belang.

John Hacking

5-1-2015