Nieuw zelf-verstaan als christen

Een nieuw zelf-verstaan als christen met een nieuwe missie

“High Touch” als uitgangspunt

Christen zijn in deze wereld blijft een uitdaging. Het is uitdagend omdat de kern van de christelijke boodschap in een moderne veelal geseculariseerde westerse wereld vol mogelijkheden niet vanzelfsprekend is. Werkzaam binnen een christelijke kerk brengt dat de opgave mee om deze boodschap telkens weer te actualiseren en te vertalen naar de huidige tijd en de huidige mens. Die kern zou je vanuit het pastorale werk kunnen vertalen met ‘bondgenoot willen zijn van mensen die gericht zijn op God’. Je kunt op vele manieren gericht zijn op God. En misschien is elk mens wel een ‘weg naar God.’ Veralgemeniseringen en abstracties in deze helpen je dus niet veel verder. Kern van de christelijke boodschap zou je heel kort door de bocht kunnen samenvatten met ‘dat in de persoon van Jezus van Nazareth God mensen heel dichtbij is gekomen: God onder ons.’ Maar ook hier geldt weer, net zoals voor alle andere verhalen uit de bijbel en de overlevering, het is al een tijd geleden en die tijdsafstand moet telkens weer worden overbrugd opdat de boodschap levend blijft en net zo fris als in het begin. Dat is geen makkelijke opgave. Mensen die dat letterlijk voorleven door bij mensen te zijn die hen nodig hebben, laten dit in concreet zien. Soms zelfs zonder dat het woord God valt!

In een (westerse) wereld waar nog steeds vele zoekende zijn kan de metafoor van de kerk als herberg helpen om mensen een plek te bieden waar ze kunnen uitrusten en waar ze op adem kunnen komen tijdens hun reis door het leven. Een andere metafoor kan het ‘stadsklooster’ zijn, kerk als een plek om in de traditie van de kloosters, zich te bezinnen en zich te wijden aan werk in combinatie met gebed, reflectie en studie. De traditie laat vele voorbeelden en mogelijkheden zien. Een kerk die afgesloten is en altijd dicht kan die functie natuurlijk nooit vervullen.

Herberg en klooster beschrijven vooral een plaats, een plek, een ruimte. Maar een ruimte kan niet zonder een houding die ertoe bijdraagt de ervaren geloofswerkelijkheid te delen en uit te dragen. In het gedrag van de christen die getuigt van zijn geloof en die zijn ervaren geloof wil uitdragen gaat relatie voor prestatie. Of in de woorden van de theoloog Samuel Wells ‘being with’ in plaats van ‘working for’. In het spoor van Jezus, die bij mensen was en vanuit die situatie mensen kon helpen, omdat hij fundamenteel op hen en hun noden betrokken was, kunnen ook wij pogen om meer en meer bij mensen te zijn. Dat is bondgenootschap. Samen verbonden en gericht op dezelfde God die voor ieder van ons een persoonlijke invulling kan krijgen. Een God met ons die met ieder van ons op een bijzondere wijze omgaat, zelfs in een ervaren periode van Godsverduistering. (Dat is bijvoorbeeld een tijd dat men niets van deze God kan ervaren.)

Relatie in plaats van prestatie hoeft prestatie niet uit te sluiten maar daar gaat het in eerste instantie niet om. Ook niet om het oplossen van problemen. Ook niet om de rationaliteit te bevorderen opdat problemen geanalyseerd en opgelost kunnen worden. De drang naar beheersing is vreemd aan het streven naar relatie want dan laat je de partij waarmee je in relatie bent niet tot zijn of haar recht komen. Willen beheersen, willen in de handhouden, elke vorm van manipulatie is een gebrek aan vertrouwen. Je kunt natuurlijk wel zelf je nek uitsteken en stappen zetten op de weg van Jezus maar anderen hiertoe dwingen of willen aanzetten is een ijdel streven. Het moet van binnenuit komen, vanuit een eigen ervaren en gevoelde overtuiging om Jezus te willen volgen op zijn weg.

De theoloog Hanspeter Nüesch pleit voor “high touch” als antwoord op “high tech” als hij de contouren schetst van een christelijke contrastmaatschappij. In dat contrast met de hedendaagse maatschappelijke heersende tendensen wordt de nadruk gelegd op eenheid en verzoening in het omgaan met elkaar, op waarden met eeuwigheidskarakter om zich op te oriënteren, op een levensstijl die tot synthese leidt en uiteindelijk tot de aanbidding van God. God aanbidden en niet de mammon is geen makkelijke weg maar het kan je behoeden voor valse goden die naar de dood leiden. Nüesch noemt vreugde in plaats van depressie of vluchten in drugs. Zekerheid en gelaten in plaats van angst en onzekerheid, goddelijke creativiteit in plaats van massaficatie en uniformiteit en tenslotte licht en warmte in plaats van duisternis en koude. God aanbidden – dat wil zeggen kunnen onderscheiden wat waardevol is en wat niet, ook in je eigen leven, kan dus een begaanbare weg zijn die ondanks de weg door de woestijn soms, vol van belofte is.

Leven met het oog op synthese en samenhang kan je behoeden voor fragmentatie en desintegratie. Solidariteit met elkaar en verantwoordelijkheid nemen voor elkaar staat centraal. Eerder tevreden zijn in plaats van voortdurend meer en meer willen hebben en meer willen zijn kan je verder helpen op deze weg. Kijk naar de grenzen van je leven en van je mogelijkheden en wees realistisch. Bescheidenheid, deemoed, discipline (zelfbeheersing), het zijn houdingen die je verder kunnen brengen.

Eeuwige waarden schijnen sinds de einde van de betekenis van de ‘grote verhalen’ illusoir te zijn geworden maar wat is er voor in de plaats gekomen? Een almachtige mens, autonoom tot in de kern, van de wieg tot het graf? En dan? De dood werpt ons terug op het feit dat autonomie absoluut opgevat, een leugen is. De aanwezigheid van de ander, de andere mens, leert ons dat heteronomie de norm is en leven alsof er geen anderen bestaan is een eenzaam gebeuren met fatale gevolgen. (Hoe zou een kind kunnen overleven zonder zijn ouders?) Cynisme en hopeloosheid zijn de vruchten van een teleurgesteld idealisme, een uitgeput streven naar genot dat altijd eindig is, nadruk op het hier en nu alsof de hemel binnen handbereik is. De ervaring van God kan een ervaring zijn van zinvolheid die je leven kan dragen en die hoop en perspectief geeft. Duurzaam is het sleutelwoord. Het duurt voort en is morgen niet voorbij.

Werken aan verzoening en eenheid om de grote verschillen tussen mensen te leren overbruggen is meer dan eens nodig in een wereld waarin het individu wordt opgehemeld als de hoogste waarde. Maar individuen zonder verband zijn kwetsbaar en gevoelig voor manipulatie door leiders die daar misbruik van maken. De massa is altijd anoniem. Mensen worden in de massa gezien als vervangbaar. In de oorlog als kanonnenvlees. Eenheid gaat over alle generaties en over alle mensen. Niet alleen de jeugd, het ego, een volk, het individu, een cultuur. Globalisering wil zeggen dat wij samen op deze aarde leven en samen verantwoordelijk zijn voor elkaar want elk handelen heeft globale gevolgen.

Als relatie voor prestatie gaat, verantwoordelijkheid en solidariteit voor egoïsme en narcisme, dan zijn eeuwige waarden binnen handbereik. Namelijk liefde, gerechtigheid, vrede, de kwaliteit van leven van elk individu, de waardigheid van elk individu, elke mens. En in het kielzog daarvan het natuurlijk milieu, de dieren- en plantenwereld, de aarde die wij samen bewonen. Dat heet in de bijbel op weg zijn naar het Rijk van God. Niet straks na je dood in de ‘hemel’ maar hier en nu samen met elkaar. Stapje voor stapje. Het enige dat je hoeft te doen is kiezen voor relatie en daar consequent in te zijn, de rest volgt dan vanzelf.

 

John Hacking

17 oktober 2016

 

l1220416