Thuiskomen (in de wereld)

drie koningen

Overweging op zondag 3 januari 2016 in de Studentenkerk
Gelezen: Jesaja 60,1-6 en Mattëus 2, 1-12

Hoe komen magiërs, sterrenwichelaars in beweging? Wat zet hun ertoe aan om een lange reis te ondernemen? Een ster, een ster die opgaat uit het Oosten, brengt hun ertoe. Hoe zouden ze anders in beweging komen als het geen ster was?
Maar natuurlijk niet zomaar een ster, maar een teken dat duidt op de geboorte van een nieuwe koning. Een koning van de Joden. En zij komen om hem eer te bewijzen.

In beweging komen en stil staan bij, geven en ontvangen, dat zijn de thema’s die ik vandaag tot spreken wil brengen in dit nieuwe jaar dat net drie dagen oud is geworden.
Daar passen de uitspraken van mijn oude scheurkalender uit december 2015 goed bij:
Het leven is een reis, die naar huis leidt.” Herman Melville of “Thuis komen, dat is wat het kind van Bethlehem ons wil schenken, wij allen die wenen, waken en dwalend rondtrekken op deze aarde.” Friedrich von Bodelschwingh.

Wanneer kom je thuis, wat is je huis? Waar woon je en waar voel je jezelf thuis? Of iets meer op een filosofische manier geformuleerd: Wat is de waarheid, wat is de zin van ons bestaan? Wat is het thuis, het geheim waarin we kunnen bestaan en staan, staan in het “Heim” opdat ons leven perspectief, uitzicht geeft, een toe-komst?
Het is eigenlijk een vraag voor alle dagen van het jaar, maar vandaag is hij bijzonder pregnant, omdat het begin van het jaar vaak zwanger is met nieuwe verwachtingen, en vol van blijdschap voor het nieuwe dat kan gaan komen, dat zou kunnen aanbreken, en dat ook zal aanbreken, zoals de vliezen van een vrouw op breken staan, die op het punt staat om te baren.

Met deze vragen in ons hoofd zijn we eigenlijk al in beweging gekomen. Als we op zoek gaan naar antwoorden zijn we al op weg. Dan hebben we onszelf al gecommitteerd, zijn we betrokken en dragen we verantwoordelijkheid voor de antwoorden die we zullen vinden.
De drie magiërs hebben al een lange reis achter de rug op zoek naar de koning. Als zij willen weten waar hij is geboren zetten ze heel Jeruzalem in rep en roer. En ook de Joodse koning Herodes voelt de poten van zijn troon wankelen. Paranoia als hij is, wordt hij meegezogen in dit proces. Herodes stond erom bekend dat hij een aantal zonen had laten ombrengen. Ook is hij degene die de tempel van Jeruzalem heeft laten opbouwen.
Een wapenfeit dat bijdraagt aan zijn roem en glorie. Maar als priesters en schriftgeleerden, de vertegenwoordigers van het volk van Israel hebben bevestigd dat de leidsman, de herder uit Bethlehem zal komen gaat hij stiekem doen en neemt hij de magiërs in een onderonsje terzijde.
Achterkamertjes politiek.
Uiteindelijk zal dit uitmonden in een gruwelijke moordpartij om in een daad van weloverwogen eigenbelang alle mogelijke troonpretendenten af te slachten. Maar dat is pas als de magiërs al lang en breed huiswaarts zijn gekeerd, via een andere weg, zodat Herodes zich bedrogen voelt.

Als de magiërs Herodes hebben verlaten leidt de ster hen naar het kind en Maria ontvangt hen. Jozef is er op dat moment even niet bij. Bij het zien van de plaats waar het kind was, worden ze vervuld van grote vreugde. Nu komen ze echt tot rust. Ze komen als het ware thuis. Ze werpen zich neer en bewijzen eer. Ze openen hun kistjes met kostbaarheden.
Ze bieden het kind aan: goud, wierook en mirre. Hun houding en hun daden zijn een en al overgave.
Als antwoord op het wonder dat zij ervaren kunnen ze niet anders dan zo handelen. Hun leven zal hierna niet meer hetzelfde zijn. Omdat ze in beweging durfden komen ontvangen zij een geschenk dat hun diepte vreugde geeft. Zij zelf staan ook niet met lege handen. Zij zijn voorbereid. Ze hebben kostbaarheden meegebracht, een koning waardig.

In de traditie, de overlevering, dat was ons is overgeleverd, staan de geschenken voor de rol en de toekomst van de nieuwe koning. Goud voor de koning, wierook voor Gods zoon en mirre symbool voor de balsem waarmee de dode aan het kruis gestorven Jezus zal worden gebalsemd. Wierook en goud hoorden we ook al in de eerste lezing klinken bij een vloed van kamelen. Maar mirre heeft me als geschenk een hele week bezig gehouden.
Mirre, een soort van gomhars met een duidelijke geur werd al door de oude Egyptenaren gebruikt in parfums en balsems. Maar niet alleen in de context van de dood. In het Hooglied druipen de handen van de de bruid van mirre en wordt de geliefde vergeleken met een bosje mirre tussen de borsten. Reden dus om ook een heel andere dimensie hierbij te betrekken, namelijk de liefde, het leven, de volheid en overvloed van het geluk en genot.

In het Duits is er een uitspraak die luidt tussen “Dichtung und Wahrheit” iets in de trant van tussen fantasie en waarheid. Maar het is de filosoof Martin Heidegger geweest die heeft gezegd dat het “Wesen der Dichtung” het stichten van waarheid is. Met andere woorden, het dichten en gedichten schrijven is niet een kwestie van fantasie maar de waarheid op een nieuwe wijze laten oplichten. Daarom hecht ik ook aan de betekenis van het woordje mirre, om het niet enkel van toepassing te laten zijn op de dood.

Voor velen is dit verhaal uit Matheus, zeker nu we al heel lang leven in het tijdperk van het einde van de grote verhalen, misschien niet meer dan een vrome fantasie. Het verhaal kan dan worden bijgezet in de kast bij de mottenballen. Einde oefening. Einde beweging, van het zelf in beweging komen, we blijven liever thuis voor de buis. Het is einde verhaal, einde zinvolheid ervan. Een einde ook aan de openheid waarmee we de wereld waarin we leven tegemoet kunnen treden. Het is makkelijk oordelen vanuit je huiskamer over de wereld en de problemen: aan mijn lijf geen polonaise, ook niet in 2016 en dan zijn we klaar ermee.
In onze eigen-waan denken we dan misschien wel dat we niet open hoeven te staan. Dat we het wel weten, en dat een kleine investering verspilde tijd is. Dat de wereld geen opgave stelt maar enkel rust moet schenken. In ons leven draait het om genieten, om mij als middelpunt en alles wat dat dreigt te verstoren willen we het liefst buiten de deur houden. Ik overdrijf nu natuurlijk (verschrikkelijk maar dat maakt het wel duidelijk). Maar als dat laatste onze grondhouding wordt, de manier waarop we in het leven staan, dan ziet het donker voor ons uit.

In een wereld waarin een gedicht niet meetelt, waarin een wonderverhaal flauwekul is, in een wereld waarin alleen de feiten regeren, de dingen die er toe doen, de berekeningen, de calculaties en het beheersen van de wereld waarin problemen moeten worden opgelost, verkommert de geest en de ziel van de mens.
Als overlevering, traditie, geschonken verhalen als een last worden beschouwd, een verleden van nul en generlei waarde, dan dreigt ook de toekomst donker te worden. Als we ons niet verhouden tot de wereld en tot wat ons geschonken wordt, tot het verleden waar we uit voortkomen, dan miskennen wij onze erfenis. Want wij zijn erfgenaam van die wereld en van de mensen die om ons geven, wij zijn namelijk zelf niet de bron en niet de oorsprong van onszelf. Alles wat we zijn en wat we voorstellen hebben we als het ware gekregen. Als we achteloos eraan voorbij gaan, het ons koud laat, onverschillig,
dan krijgen we een rekening gepresenteerd. We verliezen onszelf. In een onverschillige wereld en met onverschillige mensen tellen vaak enkel nog prikkels.

Dat zie je dan ook veel in onze maatschappij terugkeren: waar een groter kader ontbreekt, waar geen zinperspectief wenkt, geen zinvolheid wordt ervaren, heerst de verveling en heerst de sensatiedrift. De wereld wordt uiteindelijk grauw en duister. Het licht kan er niet in schijnen want de duisternis neemt het niet aan.

Dit onheilsperspectief wordt ook zichtbaar in de daden van Herodes, de Joodse koning. Hij bouwt dan wel een prachtige tempel maar wat heb je aan stenen als er geen god in woont? Als liefde, aandacht en betrokkenheid ontbreekt?
Het grote geheim van je thuisvoelen in de wereld heet dank, heet dankbaarheid. Pas als je een gevoel van dank mag ervaren om wat er op je pad komt, pas als je met open armen de geschenken van dit leven wilt en kunt ervaren, kun je pas openbloeien, kom je thuis bij jezelf en in de wereld.
Als wij een cadeautje krijgen zeggen we altijd eerst dank je wel. We zijn dankbaar om het feit dat iets gegeven wordt. Om het geven zelf. Dat wonderlijke van het geven en dat wij mogen ontvangen stemt dankbaar. Daarna pakken we het pas uit en kijken we wat we hebben ontvangen. We zijn allereerst dankbaar voor het gebeuren. Als het gevoel van dankbaarheid ontbreekt, als we onverschillig blijven, is het gebeuren niet belangrijk, en vergeten we het en we vergeten uiteindelijk onszelf. Als we niks hebben om dankbaar voor te zijn wordt het leven een last, een plicht. Dan is onze toekomst niet iets waar we op zitten te wachten. Dan is alles opgave in plaats van gave; dan is het leven als gave, als gift eigenlijk een vergif want het vergiftigt ons en onze relaties met onze medemensen. Dat is wat het giftige leven van Herodes kenmerkt: een grote moordpartij. Donker en zwart.

Ook in situaties van rouw en verdriet en situaties van psychische klachten kom je eigenlijk
pas verder in het proces, is er een vorm van genezing pas mogelijk als je dankbaarheid mag (en kunt) ervaren om wat je hebt meegemaakt en wat je is overkomen. Goede ervaringen en goede herinneringen stemmen dankbaar. Zij dragen je en zij maken je verdere leven mogelijk, ze zijn de basis waarop je staat. Alle verwachtingen en verlangens die wij misschien koesteren voor dit nieuwe jaar kunnen niet zonder deze terugblik, zonder deze aandacht voor wat er is geweest. Aandacht, zorgvuldig kijken, ervaren, ondergaan, wat het leven met ons doet en wat we van het leven ontvangen in de relaties die wij onderhouden. Aandacht, “Andacht” in het Duits, het is ook een vorm van bidden, van gebed.
Daarom wens ik ons als geschenk voor dit nieuwe jaar heel veel aandacht toe, aandacht voor de kracht en de pracht van het leven dat wij hebben ontvangen. Dat onze handen mogen druipen van mirre zo af en toe, dat liefde ons deel mag zijn. Een zalig en een liefdevol betrokken nieuwjaar. Amen

John Hacking
3 januari 2016

drie koningen