Schapen en bokken – waarheid en fictie

Overweging Zondag 19 november 2017 Studentenkerk

Gelezen Ezechiël 34,11-22 en Matheus 25,31-46

Studenten die tijdens het zelfkonfrontatieonderzoek in de Studentenkerk naderhand gevoelens moeten invullen bij de ervaringen die voor hun belangrijk zijn, hebben er soms moeite mee om hun gevoel een cijfer te geven: van 0-5. Hoe sterk is het gevoel? 0 = niets en 5 = heel veel. Op die manier wordt gemeten wat en hoeveel je voelt bij een ervaring. Leggen wij die ervaringen en gevoelsscores naast elkaar ontstaat vaak inzicht hoe ervaringen op het terrein van je gevoel met elkaar samenhangen. Dat kan heel leerzaam zijn, je ontdekt ook zo je pijnpunten in je leven.

Dit inzicht is een gevolg van de toegepaste macht van het getal.

Yuval Noah Harari schetst in zijn boek Homo Deus, een kleine geschiedenis van de toekomst, hoe het getal invloed heeft gekregen op de werkelijkheid van de mens. Een voorbeeld is het onderwijs, en het getal in het onderwijs. Pas tijdens de industriële revolutie bij het massaonderwijs ging men in navolging van ministeries en fabrieken in cijfers denken. De waarde van de scholier werd afgemeten aan zijn of haar gemiddelde cijfer. Nu is het al zover dat zelfs kleuters worden beoordeeld in een leerlingvolgsysteem.

Met cijfers worden we vastgelegd, met algoritmes worden onze verwachte voorkeuren beschreven en de reclame-uitingen worden daarop afgestemd. Kortom we worden vastgelegd in fictieve grootheden die al lang geen fictie meer zijn. Harari schetst het verschil tussen fictie en waarheid, tussen verzinsel en realiteit. Het is aan de orde van de dag in onze dagelijkse werkelijkheid. Trollen op internet, op sociale media die je in een bepaalde politieke richting sturen.  Beïnvloeding van de verkiezingen, informatie over de ramp met de MH17, het is allemaal niet onschuldig.

Fictie is nodig, fantasie ook, het is van vitaal belang om mensen te motiveren. Anders kunnen complexe organisaties helemaal niet functioneren. Er zijn algemeen plausibele en aanvaarde verhalen nodig, ook als zijn ze fictief. Schaf de fictie geld maar eens af, of de fictie aandelen, of de fictie staat.

Maar Harari stelt ook en daarin is hij nogal negatief, ik citeer: “In de 21e eeuw zullen we meer invloedrijke verzinsels en meer totalitaire religies creëren dan ooit. Met behulp van biotechnologie en computeralgoritmen zullen die religies niet alleen elke seconde van ons bestaan beheersen, ze zullen ook ons lichaam, onze hersenen en onze geest kunnen omvormen en hele virtuele werelden kunnen scheppen, compleet met hel en hemel.” Het is dus volgens hem cruciaal om feit van fictie te blijven onderscheiden, religie van wetenschap, maar dat zal er niet makkelijker op worden.

Vandaag heb ik twee boeken meegenomen: Peter Watson, Ideeën. De geschiedenis van het menselijk denken. Een lange en uitgebreide opsommingen van ideeën sinds het begin van de mensheid. Ook het zelf, het innerlijk, de ziel komt voorbij. En God en de goden, de profeten, en Jezus en het christendom. Het boek is een wetenschappelijk beschrijving van al die ideeën.

Het andere boek is de bijbel – in dit geval een Statenvertaling uit 1864. Met een lange lijst van intekenaren aan het begin en historische verklaringen. Inclusief illustraties, noten en aantekeningen.

Wat is fictie en wat is werkelijkheid, wat is waar en wat is verzinsel? Beiden steunen op de macht van het woord. U mag kiezen tussen deze twee boeken. Vanuit de ogen van de wetenschap, dat wil zeggen, de waarneming van de werkelijkheid via onderzoek, via experimenten en beschrijvingen is de bijbel fictie. Vanuit de ogen van de religie die zich baseert op de bijbel is wetenschap grotendeels a-theos, niet-God, atheïstisch…of komt ze uit bij een werkelijkheid zonder God. God is niet nodig als verklaring, Hij is overbodig.

Wij zijn als gelovigen, als religieuze mensen, meestal mensen die in vaak twee werelden leven: die van de bijbel en die van de wetenschap. Kan dat? Ja dat kan. Als we de werkelijkheden niet teveel met elkaar vermengen. Maar kunnen we dat? Hoe serieus moeten we de bijbelverhalen nemen en hoe serieus de wetenschappelijke claims?

Van de week interviewde een leerling van de Montessori school mij over de schepping en het scheppingsverhaal. Of ik daarin geloofde. Een andere leerling interviewde iemand anders over de oerknal. Schepping en oerknal, het zijn beiden grootheden die niks met de werkelijkheid an  sich, de wetenschappelijk vast te stellen werkelijkheid, te maken hebben. Ze zijn beiden ook geen kwestie van geloven dat ze als zodanig waar zijn. Het zijn beiden verzinsels, het zijn verhalen, metaforische beschrijvingen. Verhalen zijn er niet om letterlijk in te geloven, maar om je te laten voeden door hun beeldspraak, je te laten motiveren, inspireren en prikkelen.

Zo is het verhaal uit Matheus over bokken en schapen een vervolg op Ezechiël maar dan in een andere tijd, maar het is níet een beschrijving van deze of de werkelijkheid. Het is een fictief verhaal, in de trant van ‘stel je eens voor als’’…. En dan komt het. Het is de bedoeling om de lezer toehoorder over de streep te trekken.

Peter Watson laat in zijn boek Ideeën haarfijn zien waar hel en hemel vandaan komen, eeuwige verdoemnis in het vuur en wandelen in het paradijs. Ze zijn uitvindingen van de mens. Net als de ziel. Zonder ziel géén verblijf in de hemel of de hel. Het ene idee hangt dus samen met het andere. Als je het ene verwerpt heeft dat gevolgen voor het andere. Verwerp je God dan verwerp je vaak ook de ziel, de kracht van de H. Geest, het Messias-idee etc.

Matheus schetst in zijn verhaal een eindtijd: de volkeren worden geoordeeld. Maar hij springt over van volk op individu, van de grondlegging der wereld naar het hier en nu – naar de concrete daden. Vreemde sprongen. Maar de allergrootste verschuiving wordt niet in de tekst genoemd maar verondersteld: in plaats van God te dienen door offers te brengen in de tempel gaat het om zorg voor de naaste, de arme, de gekwetste, de hongerige, dorstige. Zorgen voor deze levert de hemel op, niet het geslachte lam of kipje. Dat is een verschuiving in religieuze betekenis zonder weerga in de geschiedenis van de mens: het christendom heeft er volgens mij o.a. zijn bestaan aan te danken!

Durven we dat aan: vluchtelingen helpen, kanslozen een kans geven, armen voeden, gevangenen niet afschrijven, mensen die dorsten naar gerechtigheid ondersteunen? Dat is aan elk van ons – daarover ga ik niet. En dreigementen met hel en hemel zijn volgens mij uitgewerkt, dat is iets van een andere tijd, een andere beleving. Uitdagingen in onze tijd liggen er genoeg. Daarom aan de slag en veel inspiratie.

John Hacking

19-11-2017

Harari, Yuvel Noah, Homo Deus. Een kleine geschiedenis van de toekomst, Meppel 2017 (Thomas Rap)

Watson, Peter, Ideeën. De geschiedenis van het menselijk denken, Utrecht 2005 (Spectrum)