bezetenheid

Demonen en geesten, duivelen en engelen, het lijken schimmen uit een ver verleden. Verlicht als we zijn, “Aufgeklärt”, de donkere wolken van het bijgeloof en de magie  zijn door de wetenschap verdreven, hebben we misschien veel vragen bij deze tekst van Lucas over de bezetene door demonen.

Dr. Faustus, wiens boek ik hier in mijn handen heb, had daar minder moeite mee. Het is een verslag op basis van een geschrift uit zijn hand met tal van regels,  bezweringen en aanwijzingen om geesten en duivels aan zich te binden om van hen iets gedaan te krijgen. Deze Dr. Faustus trok rond als sterrewichelaar en alchemist in de 15 eeuw. Op veel plaatsen werd hij verdreven. Goethe heeft later, toen de naam al lang een legende was, er nog een tekst aan gewijd. Velen, kunstenaars, componisten en schrijvers zijn hem daarin gevolgd. Ik heb het boek doorgekeken, want ik houd wel van dergelijke boeken, om te zien of de naam Legioen er ook in voor komt. Maar dat was niet zo.  Alle duivelen uit de hel worden genoemd maar Legioen ontbreekt.

Legioen is de verzameling van vele demonen. Een legioen is in het leger een verzameling soldaten van vier tot zesduizend man. Nou zullen er geen duizenden demonen in de man hebben gewoond, maar wel erg veel. U begrijpt dat het hier een ernstig probleem betreft met die man. Als je door zoveel demonen wordt gekweld, dan ben je nog niet jarig! Maar alle ironie even terzijde gelaten, wat is hier aan de hand? Hoe kunnen de tekst zonder obstakels die ons hedendaags werkelijkheidsverstaan opwerpen toch proberen te lezen zonder dat we meteen vervallen in onbegrip? Ik spreek expliciet over obstakels want het is helemaal niet zeker dat onze wijze van waarnemen van de werkelijkheid zoveel beter is dan die van 2000 jaar geleden. We hebben tegenwoordig andere paradigma’s om maar een begrip uit de wetenschap te gebruiken. Onze bril is er eentje die gekleurd is door het  pragmatisme en door de wetenschappelijke no-nonsense benadering. Maar precies deze manier van kijken, “alles moet nut hebben, of nuttig zijn”, dat is de pragmatische kijk op de dingen, kan verhinderen dat wij überhaupt vatten waar de tekst over gaat.  Alles waar we niks mee kunnen wordt dan veroordeeld als “oude koffie”. Hoort u wat ik zeg, hebt u de volgorde opgemerkt? Ik ben vandaag in een semi-filosofische bui en dat zult u weten. De volgorde is deze: we kijken met een bepaalde bril, wij oordelen vanuit bepaalde principes, bv het nuttigheidsdenken, het pragmatisme en we handelen ernaar.Alles wat niet hierbinnen past wordt verworpen. Maar hebben we gelijk? Ik heb nu twee keer hetzelfde gezegd met andere woorden. Nu is het tijd om naar de tekst van Lucas zelf te kijken.

Jezus heeft net de storm bedwongen op het meer en nu varen ze in het bootje naar de overkant, het land tegenover Galilea, heidenland, varkensvleesetersland. Onrein gebied dus. Waarom daar naar toe? De enige reden is volgens mij omdat de schrijver Lucas wil laten zien dat Jezus niet alleen macht heeft over wind en water, macht ingegeven door God, zijn Vader, maar ook over de onreine geesten en alle duivelen uit de hel. En waar zijn die in optima forma te vinden? Bij de heidenen natuurlijk! Aan de overkant. Bij de anderen, de vreemden. Jezus daalt af van Jeruzalem op de berg naar de heidenen beneden. Het wereldbeeld was eigenlijk heel simpel: wij op aarde, boven ons de hemel onder ons de hel of de onderwereld. Wij leven er tussen in. In de geloofsbelijdenis belijden we, “hij daalde af ter helle”. Daarna steeg hij op naar de hemel.  Met hemel kunnen we misschien nog uit de voeten, dat klinkt tenslotte aardig. Maar hel? Kunnen we daar nog wat mee? De man die Jezus tegemoet treedt was door demonen bezeten. Hij weet er alles van. Hij is slachtoffer. Naakt, wonend in een rotsgraf. Hij is zo goed als dood. Niet alleen maatschappelijk, sociaal, maar ook lichamelijk  bijna. Als hij zijn ogen sluit en de laatste adem uitblaast is hij in feite al begraven in het graf waar hij verkeert. De mensen, de cultuur, de samenleving, ze hebben nog geprobeerd hem te temmen met ketens om handen en voeten, maar niets hielp. De demonen doen hun werk. In dit opzicht is de situatie van deze man in alles het tegendeel van een menselijk  leven, een humaan en sociaal leven. Als hij is genezen zit hij gekleed en wel en bij zijn volle verstand aan Jezus voeten. Je ziet hem zo zitten. Maar het volk dat is toegestroomd door het verhaal van de varkenshoeders wordt met ontzetting bevangen en vraagt om het vertrek van Jezus. Dit kunnen ze niet aan, dit past niet in hun wereldbeeld, dit wonder is te groot  voor hun ogen. Zij zien enkel tovenarij en duiveluitdrijving. Zij zijn om het maar eens modern te zeggen de prototypes van de huidige mens. Jezus vertrekt dan ook weer, weg uit het land van de onreinen en sceptici, weg uit het gebied van het ongeloof en de blindheid. Zij hebben niet gezien dat God hier aan het werk is geweest. Zij hebben niet gezien dat de duivelen en demonen verwezen zijn naar hun plaats van afkomst, de onderwereld, land van chaos en verdoemenis.

En het allermooiste, hoogtepunt van ironie is dat de demon Legioen dat wel ziet en aan den lijve ervaart. Hij maakt een begin in de conversatie en spreekt Jezus aan als zoon van de allerhoogste God. Hij heeft meteen in de smiezen met wie hij hier te doen heeft. En als hij zijn naam verklapt, is hij meteen machteloos en wacht hem verbanning. De arme varkens worden opgeofferd om het legioen demonen te vervoeren. Ze moeten tenslotte ergens naar toe en varkens zijn toch al onrein. Jammer voor de partij van de dieren maar de bijbel is onverbiddelijk.

En wij, hoe zit het met ons? Wij zijn ook beroemd om onze Hollandse varkens. Ze worden zelfs vanwege de subsidies de hele Europese Gemeenschap door gesleept om er pata negra, Spaanse en Italiaanse ham van te maken. Horen wij bij de heidenen die niet durven toe te geven aan wat we zien? Omdat wij eenmaal vast zitten aan onze eigen overtuigingen? Bezetenheid is er nog genoeg om ons heen. De voorbeelden zijn talrijk. De hele dag je mobiel checken op berichten noem ik een vorm ervan. Misschien onschuldig, maar toch. De dwang en druk waarmee taken worden opgepakt, in de politiek, op het werk, in het privé-leven, en het moet af, want je leven hangt er vanaf. Zogenaamd. En zo zitten we elkaar maar meer en meer op te jagen. Steeds meer, steeds beter, steeds sneller, steeds omvangrijker. Dat is onze maatschappij: een constante toename van druk, snelheid, actie. Oudemans, een filosoof zegt: “je ervaren is beleven. Beleven is pragmatisch: het bevordert het leven en wordt er op zijn beurt door opgezweept. Iedere beleving moet een voorgaande overtreffen.” Einde citaat. In deze pragmatische wereld van het nut jagen we van de ene naar de andere  Sensatie. En als het economisch slecht gaat komt dat niet door slecht beleid maar door het feit dat we gewoon te weinig consumeren, als je de profeten uit de politiek mag geloven. Als dat geen vorm van bezetenheid is? Welvaart tegen elke prijs? De aarde wordt gebruikt en alles wordt eruit gehaald, ongeacht de gevolgen. Bezetenheid. Oceanen liggen vol plastic afval en wij eten het via de vis. Bezetenheid. Maar is er ook het wonder van de bevrijding mogelijk, zoals Jezus liet zien? Is er iemand die de demonen in ons toeroept en wegstuurt? “Kom tot bezinning, maak een pas op de plaats, minder in plaats van meer! Stop, hou op met jagen, rust eens uit, denk eens na. Jaag niet op al die wind.” Misschien moeten we het eerst tegen onszelf zeggen.  En tegen elkaar. Door het geven van het goede voorbeeld. Beginnen met het eindigen van de  bezetenheid door te kiezen wat waardevol is in ons leven, wat er echt toe doet.

In feite zijn we allen deskundig. Meester, baas in eigen huis. We moeten die verantwoordelijkheid dan wel nemen, er handen en voeten aan geven. Legioen smeekte Jezus dat deze hem geen pijn zou doen. Uitdrijving is meestal niet pijnloos. En de demonen wilden ook niet terug naar de onderwereld. Ook dat werd toegestaan. De varkens werden het haasje. Waar zullen we onze demonen naar toe sturen als we ze hebben verdreven? Misschien is dit wel het meest eenvoudig: spoor ze op en geef ze dan géén aandacht meer. Hoe hard ze ook roepen en smeken. Dan kwijnen ze misschien van zelf weg. Of Verlaten ze je huis.Want bij jou is niks te halen. Ook geen politieke steun! Geen stemmen. En als dat niet lukt, dan toch maar op zoek in de Gouden gids naar een duivel- en demonen-uitbanner, een excorcist? Of een biechtvader? Laten we het eerst maar eens zelf proberen. Veel succes!

John Hacking

teksten: Lucas 8,26-39 (en Jesaja 65,1-9)

overweging 23 juni 2013