Tijdperk van het Niets (4)

Wir leben heute in einer Gesellschaft, die zunehmend narzisstischer wird. Die Libido wird primär in die eigene Subjektivität investiert. Der Narzissmus ist keine Eigenliebe. Das Subjekt der Eigenliebe nimmt zugunsten seiner selbst eine negative Abgrenzung. (Byung-Chul Han, Agonie des Eros, pag. 6)

Aan het begin van de vorige eeuw beschreef Sigmund Freud het verschijnsel narcisme in de persoonlijke ontwikkeling van een individu. Bij een narcist draait alles om de persoon zelf, zijn eigen ego, zijn ‘ik’ staat centraal: hij is zijn eigen middelpunt, hij is de zon in zijn eigen heelal. De wereld staat ten dienste van hem of haar. En dat op een radicale wijze, er is geen zelfrelativering – er wordt hoogstens een spel gespeeld om de ander er weer in te laten tuimelen en uiteindelijk zelf aan het langste eind te trekken. Dat zijn minder leuke karaktertrekken. De narcist trekt aandacht naar zich toe en wil voortdurend in het middelpunt van de aandacht staan. Hij is het zonnetje in huis en met minder neemt hij geen genoegen.

Tijdens het schrijven van mijn doctoraalscriptie in 1984 heb ik de teksten van Freud uitgebreid bestudeerd en geanalyseerd. Freud is een paar keer van inzicht veranderd met betrekking tot de omschrijving van dit narcisme. Na Freud komt er een wildgroei aan theorieën die het thema narcisme beschrijven en in de jaren 70-80 van de vorige eeuw verschijnen er tal van publicaties over dit verschijnsel omdat de auteurs de samenleving steeds narcistischer vinden worden. Dat is ruim 30-40 jaar geleden. En toen waren er nog geen mobiele telefoons en computerschermen zoals wij ze nu kennen. We zijn inmiddels wat verder in de tijd. We leven met ‘sociale media’ alsof telefoons en tablets verlengstukken van ons lichaam zijn. De Koreaanse filosoof Byung-Chul Han vermeldt dat nu ook de hand niet meer symbool staat voor arbeid.   Op posters waar fabrieksarbeid en landarbeid werden verheerlijkt (denk aan de afbeeldingen die door het communisme werden geïnspireerd) zie je arbeiders met hamers en schoppen in hun hoog opgeheven hand. Niet de hand maar de vingers zijn het nu die het werk verrichten, de vingers op het toetsenbord van telefoon of computer. Zoals nu de vingers helemaal het werk doen, zo zou je ook de relatie van de mens met zijn omgeving kunnen bekijken: het lichaam als geheel doet steeds minder mee. De actie blijft beperkt tot ogen en vingers… Byung-Chul Han merkt op dat we daardoor ook minder dingen gaan zien en ervaren: onze opmerkzaamheid, het opmerken van dingen buiten ons in de werkelijkheid neemt af. We kijken op onze telefoon en dat is het dan. Ik overdrijf. Maar als studenten melden dat ze het moeilijk vinden om een telefoongesprek te voeren en liever een mail sturen dan is er wat aan de hand. Het telefoongesprek voelt veel onveiliger aan, je kunt je er niet echt goed op voorbereiden en er kunnen vragen komen waar je geen antwoord op hebt. Alsof dat erg is, maar het wordt wel als negatief ervaren. Alles in de hand houden, op alles zijn voorbereid, dat is de stemming van vandaag. Als je zeker zou weten dat het gesprek positief voor je zou uitvallen hoef je niet bang te zijn. Dan word je alleen bevredigd in je verlangen naar bevestiging. Ook hieruit blijkt dat we narcistischer aan het worden zijn. Liever geen tegenwerpingen, geen negatieve geluiden, geen tegenspraak. De meneer die in de VS denkt het land te moeten besturen als president van het land via Twitter en via interviews is daarvan een heel goed voorbeeld. Byung-Chul Han schrijft over onze samenleving en de manier waarop wij met elkaar omgaan het volgende:

Die Positivgesellschaft lasst auch keine Negativgefühle zu. So verlernt man mit Leiden und Schmerz umzugehen, ihm Form zu geben. Für Nietzsche verdankt die menschliche Seele ihre Tiefe, Große und Starke gerade dem Verweilen am Negativen. Auch der menschliche Geist ist eine Schmerzgeburt: »Jene Spannung der See-  im Unglück, welche ihr die Starke anzüchtet [… ], ihre Erfindsamkeit und Tapferkeit im Tragen, Ausharren, Ausdeuten, Ausnützen des Unglücks, und was ihr nur je von Tiefe, Geheimnis, Maske, Geist, List, Große geschenkt worden ist: ist es nicht ihr unter Leiden, unter der Zucht des großen Leidens geschenkt worden?« Die Positivgesellschaft ist dabei, die menschliche Seele ganz neu zu organisieren. Im Zuge ihrer Positivisierung verflacht auch die Liebe zu einem Arrangement angenehmer Gefühle und Komplexitäts- und folgenloser Erregungen. So weist Alain Badiou in »Lob der Liebe« auf die Slogans der Singleborse Meetic hin: »Mann kann verliebt sein, ohne der Liebe zu verfallen (sans tomber amoureux)« Oder: »Es ist ganz leicht, verliebt zu sein, ohne zu leiden!« Die Liebe wird domestiziert und positivisiert zur Konsum- und Komfortformel. Jede Verletzung soll vermieden werden. Leiden und Leidenschaft sind Figuren der Negativität. Sie weichen auf der einen Seite dem Negativitätslosen Genuss. Auf der anderen Seite treten an ihre Stelle die psychischen Störungen wie Erschöpfung, Müdigkeit und Depression, die auf das Übermaß an Positivität zurückzuführen sind. (Byung-Chul Han, Transparanzgesellschaft, p. 12-13)

Als alles positief moet zijn, als je als individu en als persoon niet meer goed tegen tegenslagen kunt, als je geen tegenvallers kunt incasseren, dan heb je dikke pech want tegenslagen horen bij het leven. In de relatie met andere mensen zijn er altijd onverwachte wendingen, doet nooit iemand wat je zou willen, is er wrijving omdat de belangen tegengesteld kunnen zijn. Is dat erg? Ik dacht van niet, maar als je ervan uit gaat dat alles in jouw straatje moet passen, dat alles positief moet zijn, dan heb je een probleem. Vanuit een narcistische optiek kun je daar dan geen begrip voor opbrengen, denk je dat de anderen tegen je zijn, beschouw je hen als vijand en als iemand die je moet overtuigen of bestrijden. Je kunt ook niet van iemand leren houden want die iemand moet jouw slaaf, jouw bevestiger worden, een ja-knikker, in te ruilen voor elk ander. Erotiek en echte liefde worden zo onmogelijk omdat je een pantser om je heen hebt geschapen, een harnas waar niemand doorheen kan dringen. De ander als ander is exterieur en valt niet samen met jou. Hij is vreemd en letterlijk een buitenstaander in jouw wereldbeeld. Vanuit jouw narcistische optiek zal hij ook nooit echt vertrouwd worden, steeds blijft er argwaan en vermoed je listen en streken. Een liefdesrelatie wordt zo onmogelijk. De narcist is alleen maar met zichzelf en zijn wereld bezig. Byung-Chul Han schrijft over de ander in het licht van de liefde:

Der Eros gilt dem Anderen im emphatischen Sinne, der sich ins Regime des Ich nicht einholen lässt. In der Hölle des Gleichen, der die heutige Gesellschaft immer mehr ähnelt, gibt es daher keine erotische Erfahrung.  Diese setzt die Asymmetrie und Exteriorität des Anderen voraus. Nicht zufällig heißt Sokrates als Geliebter atopos. Der Andere, den ich begehre und der mich fasziniert, ist ortlos. Er entzieht sich der Sprache des Gleichen: »Als atopos lässt der Andere die Sprache erbeben: man kann nicht von ihm, über ihn sprechen; jedes Attribut ist falsch, schmerzhaft, taktlos, peinlich […]. « Die heutige Kultur des ständigen Ver-Gleichens lässt keine Negativität des atopos zu. Wir vergleichen permanent alles mit allem, nivellieren es dadurch zum Gleichen, weil uns gerade die Erfahrung der Atopie des Anderen abhandengekommen ist. Die Negativität des atopischen Anderen entzieht sich der Konsumtion. So ist die Konsumgesellschaft bestrebt, die atopische Andersheit zugunsten konsumierbarer, ja heterotopischer Differenzen zu beseitigen. Die Differenz ist eine Positivität im Gegensatz zur Andersheit. Heute verschwindet überall die Negativität. Alles wird eingeebnet zum Objekt der Konsumtion. (Byung-Chul Han, Agonie des Eros, pag. 5-6)

Berichten op Instagram maken deze hel van hetzelfde heel duidelijk: velen presenteren zich alsof hun leven de realisatie is van hun stoutste dromen. Geen vuiltje aan de lucht, iedereen happy en succesvol. Tandpasta-smile en zongebrand-bruin, het geluk straalt er vanaf. Alles wat afwijkt past niet in dit zelf geschapen plaatje over zichzelf. Lichamelijke ‘afwijkingen’ (die als afwijking worden ervaren) moeten worden verholpen want ze bederven de pret van het zich tonen aan de wereld. En als er passies zijn of afwijkend gedrag, dan is er wel een niche waar je dit ongestoord kunt laten zien aan medestanders. Iedereen leeft zo in zijn eigen ‚bubble‘. Een lekker comfortabel en veilig gevoel. Het houdt niet op en het mag niet ophouden want dan spat de narcistische droom uiteen en blijft er niet zoveel over van het zelfgeschapen wereldbeeld. Voor iedereen is er plaats onder zon als je daar zelf maar geen last van hebt. Als je zelf jezelf maar in je narcisme kunt blijven koesteren. Byung-Chul Han schrijft dat een kenmerk van het narcisme is dat de narcist geen grenzen kan bepalen tussen zichzelf en de wereld, hij accepteert geen afscheidingen want dan komt hij geïsoleerd te staan. Dan is hij afzijdig, doet niet meer mee, dan let niemand meer op hem. De meneer in de VS die de president speelt bedenkt daarom steeds nieuwe tweets om de aandacht vast te houden, hij zoekt wegen en middelen om voortdurend in het nieuws te staan. Misschien moet hij de hemel in worden geprezen en wel door iedereen en zo vaak en zo veel dat er een overkill aan aandacht ontstaat. Wie weet wat dan gebeurt. Geen grenzen kunnen bepalen en ook niet kunnen afsluiten van dingen en projecten is een kernmerk van de narcist. Byun-Chul Han schrijft hierover:

Die Unfähigkeit zum Abschluss hat auch viel mit dem Narzissmus zu tun. Das narzisstische Subjekt erlebt sich selbst am intensivsten nicht im Getanen, nicht in der abgeschlossenen Arbeit, sondern im ständigen Erbringen neuer Leistung. Das Getane, das Abgeschlossene steht als Objekt fertig für sich, unabhängig vom Selbst. So vermeidet das Subjekt, etwas zum Abschluss zu bringen: »Die ständige Steigerung der Erwartungen, so dass das jeweilige Verhalten nie als befriedigend erlebt wird, entspricht der Unfähige, irgendetwas zu einem Abschluss zu bringen. Das Gefühl, ein Ziel erreicht zu haben, wird vermieden, weil dadurch das eigene Erleben objektiviert wurde, es wurde eine Gestalt, eine Form annehmen und damit unabhängig vom Selbst Bestand haben. […] Die Stetigkeit des Selbst, die Unabgeschlossenheit und Unabschließbarkeit seiner Regungen sind ein wesentlicher Zug des Narzissmus. « (Byung-Chul Han, Vom Verschwinden der Rituale Pag. 38)

Eigenlijk is het heel tragisch: het leven van de narcist en de wereld waarin hij leeft! de virtuele digitale wereld die steeds meer de reële wereld van de werkelijke en schurende ervaringen aan het overnemen is, is een perfecte voedingsbodem en habitat voor dit narcisme. Je kunt de wereld nu op digitale wijze helemaal naar je hand zetten. Ook virtueel kun je alles in het werk stellen dat de echte mensen jou in de echte wereld gaan zien als bijzonder en buitenproportioneel. Een kleine godheid. Je bent je eigen kosmos. Eigenlijk hoor je thuis op de Olympus tussen al die andere goden, nee eigenlijk zou je de oppergod moeten zijn, sterker en slimmer dan Zeus. Is er een uitweg uit deze zelfgeschapen impasse? Kun je anders? Volgens Freud is narcisme een groot probleem omdat je er een leven door bepaald wordt. Er zijn geen helende therapieën die van een narcist een empathisch en op anderen betrokken persoon kunnen maken, een subject waar niet alles om het eigen ego draait. Het is zoiets als de zwaartekracht, planeten draaien om de zon, daar kun je niet veel aan veranderen. Daarom noemt Byung-Chul Han narcisme geen eigenliefde. Eigenliefde heb je nodig om goed te kunnen functioneren want het is de bodem onder zelfvertrouwen en laten zien wie je bent. Het is een vorm van liefde die kan leren van de liefde tot de ander omdat eigenliefde niet absoluut hoeft te zijn. Eigenliefde en liefde tot de ander staan in een spanningsverhouding en kunnen elkaar kleuren en beïnvloeden. Je leert dat niet alles draait om jou en dat de liefde voor de ander en de liefde van de ander voor jou de echt waardevolle dingen zijn in het leven, dingen die zin geven aan je bestaan. Narcisme is geen liefde, maar narcisme is dwang, geweld, een innerlijke gevangenis, een schreeuw om aandacht en bevestiging. Eerder een vorm van autistisch gedrag gebaseerd op berekening: de ander naar je hand zetten. Als we dus een samenleving met elkaar creëren waarin narcisme wordt bevorderd en gevoed dan zijn we niet op de goede weg. De leegte die er als zal dan alleen maar worden versterkt, net als de leegte in ons heelal die zon en planeten omgeeft. Onleefbaar. Er is geen toekomst voor dit nihilisme.

John Hacking

27 augustus 2019

Vgl. ook nog deze opmerkingen van Byung-Chul Han over depressie als gevolg van narcisme:

Die Depression ist eine narzisstische Erkrankung. Zu ihr führt der überspannte, krankhaft übersteuerte Selbstbezug. Das narzisstisch-depressive Subjekt ist erschöpft und zermürbt von sich selbst. Es ist weltlos und verlassen vom Anderen. Eros und Depression sind einander entgegengesetzt. Der Eros reißt das Subjekt aus sich heraus auf den Anderen hin. Die Depression stürzt es dagegen in sich selbst. Das narzisstische Leistungssubjekt von heute ist vor allem auf den Erfolg aus. Erfolge bringen eine Bestätigung des Einen durch den Anderen mit sich. Dabei degradiert der Andere, seiner Andersheit beraubt, zum Spiegel des Einen, der diesen in seinem Ego bestätigt. Diese Anerkennungslogik verstrickt das narzisstische Leistungssubjekt noch tiefer in sein Ego. Dadurch entwickelt sich eine Erfolgsdepression. Das depressive Leistungssubjekt versinkt und ertrinkt in sich selbst. 

Der Eros macht dagegen eine Erfahrung des Anderen in seiner Andersheit möglich, die den Einen aus seiner narzisstischen Hölle herausführt. Er setzt eine freiwillige Selbstaberkennung, eine freiwillige Selbstentleerung in Gang. Ein besonderes Schwach-Werden erfasst das Subjekt der Liebe, das jedoch gleichzeitig von einem Gefühl der Stärke begleitet wird. Dieses, Gefühl ist allerdings nicht die Eigenleistung des Einen, sondern die Gabe des Anderen. (Byung-Chul Han, Agonie des Eros  Pag. 7-8)

Han, Byung-Chul, Lob der Erde. Eine Reise in den Garten, Berlin 2018 (Ullstein)

Han, Byung-Chul, Duft der Zeit. ein philosophischer Essay zur Kunst des Verweilens, Bielefeld 2009, (Transcript Verlag)

Han, Byung-Chul, Müdigkeitsgesellschaft. Um die Essays Burnoutgesellschaft und Hoch-Zeit, Berlin 2018, (Matthes & Seitz)

Han, Byung-Chul, Vom Verschwinden der Rituale. Eine Topologie der Gegenwart, Berlin 2019, (Ullstein)

Han, Byung-Chul, Tranzparenzgesellschaft, Berlin 2017, (Matthes & Seitz)

Han, Byung-Chul, Agonie des Eros, Berlin 2015, (Matthes & Seitz)

Han, Byung-Chul, Im Schwarm. Ansichten des Digitalen, Berlin 2017, (Matthes & Seitz)

Han, Byung-Chul, Gute Unterhaltung. Eine Dekonstruktion der abendländischen Passionsgeschichte, Berlin 2018, (Matthes & Seitz)

Han, Byung-Chul, Philosophie des Zen-Buddhismus, Stuttgart 2002, (Reclam)

Han, Byung-Chul, Psychopolitics. Neoliberalism and new Technologies of Power, Brooklyn 2017, (Versobooks)

Hacking, J., Narcisme, naastenliefde en zelfliefde. Een onderzoek naar het begrip narcisme bij S. Freud en het bijbelse gebod van de naastenliefde: “uw naaste zult u liefhebben als uzelf, (want) hij is als jij.” Doktoraalscriptie HTP, Heerlen 1984