Een leven opnieuw geboren worden

In de ogen van de Griekse filosoof Plato is zijn held Socrates een soort van vroedvrouw die de filosofische leerling en toehoorder helpt bij de geboorte van (nieuwe) inzichten. Dit maieutische proces heeft in de geschiedenis van de filosofie naam gemaakt. De mens is waarschijnlijk geen absoluut onbeschreven blad bij de geboorte, maar hij zit ook al niet vol ideeën en gedachten, zijn zelfbeeld is nog niet ontwikkeld en zijn ‘zelf’ is nog in statu nascendi zou je kunnen stellen. Moderne hersenonderzoekers zijn ervan overtuigd dat het menselijke brein de voorwaarde vormt voor het menselijk bewustzijn en dat het zelf niet als een instantie in het lichaam is aan te wijzen (als een soort geest) maar dat het eerder een soort van model is waarmee het bewustzijn aan de oppervlakte komt. Het brein is in staat om via activiteit zoiets als een bewustzijn te ontplooien en in de loop van de ontwikkeling mondt dit uit in een zelfbewustzijn. Het zelf wordt dan opgevat als een soort model waarin een beginstadium, een kernstadium en een reflexief stadium is te onderscheiden, het zogenaamde autobiografische zelf met een verleden, heden en toekomst. Er is wetenschappelijk bewijs geleverd dat de lichamelijke oorsprong van het bewustzijn in het brein bevestigt. Emoties en gevoelens hebben effect en kleuren ons bewustzijn en zelfverstaan. Ze kunnen rechtstreeks inwerken op het brein, en wat belangrijker is, wat daarvan het resultaat is: ons zelfgevoel en zelfverstaan. 

Als het zelf een uitkomst is van de werking van ons brein via het bewustzijn en zelfbewustzijn betekent dat ook dat het zelf voortdurend aan verandering onderhevig is. Het is geen voor eens en altijd gegeven grootheid, het is een dynamisch proces waarin het zelf zich bevindt afhankelijk ook van de context waarin het functioneert. Die context is de wereld. Of beter nog, de werelden, want er is niet zo iets als één wereld. Omdat het lichaam en daarmee het zelf deel uitmaakt van de wereld(en) waarin het zich manifesteert betekent dit dat de wijze waarop die wereld door het lichaam en zelf wordt ervaren niet eenduidig en stabiel is. De wereld(en) verandert voortdurend en daarmee de waarneming ervan en de zelfwaarneming in en door die wereld(en). Onderzoekers stellen dat het brein streeft naar coherentie. Dat betekent dat de ervaring van een veranderende wereld voortdurend in het brein wordt opgevangen en aangepast aan het model zodat het zelf als het ware stabiel blijft en deze schommelingen kan verwerken zonder dat het onderuit geschoffeld wordt door nieuwe ervaringen. Identiteit gebaseerd op zelfwaarneming is dus eigenlijk een construct dat door het zelf in stand wordt gehouden om houvast te hebben in een veranderende wereld. 

De metafoor van de baarmoeder, en de metafoor van het geboren worden van het zelf en zelfbewustzijn kan vruchtbaar zijn in de bespreking van deze relatie tussen zelf en wereld(en). Op het niveau van het denken kunnen nieuwe gedachten en ideeën ontstaan door de onderlinge verbinding en het zichtbaar maken ervan door het herkennen of ontdekken van patronen. Op de rug van filosofische reuzen kun je verder wandelen en zelf kleine stappen zetten om nieuwe ideeën op te doen en nieuwe verbanden te leren zien. Met genoeg overtuigingskracht en argumenten kunnen deze nieuwe verbanden weer de basis vormen voor verdere ontwikkelingen. Zo werkt het in de filosofie en in de wetenschap. Het experiment is dan de toetssteen of dergelijke gedachten stand houden in de werkelijkheid en of je er verder op kunt bouwen. 

Op het niveau van de ontwikkeling van het zelf dat zich voortdurend aanpast door breinactiviteit in een veranderende wereld is de wereld misschien wel een soort van baarmoeder waarin het zelf telkens opnieuw geboren wordt als het nieuwe werelden betreedt, dat wil zeggen, nieuwe ervaringen opdoet in nieuwe contexten. Misschien is dé wereld een verzameling baarmoeders die uit verschillende werelden bestaat, dus uit verschillende baarmoeders die telkens nieuwe zelven geboren kunnen laten worden. Het zelf is dus nooit af omdat de wereld nooit af is. Als het zelf en het zelfbewustzijn afhankelijk is van het contact met andere zelven, dan betekent dit ook dat het zelf gevormd wordt door dit contact en dat het zelfbewustzijn die andere zelven nodig heeft om zichzelf te ontwikkelen en te bereflecteren. Zo is en blijft de mens ook een gemeenschapswezen en geen solipsistisch functionerende monade. In coronatijd met veel mensen in isolatie wordt dit extra zichtbaar: zonder veel sociale contacten verpieteren mensen en ontberen zij de aandacht die normaal wordt gedeeld en die bijdraagt aan het zelfgevoel en de waardering van zichzelf. Eenzaamheid en gevoelens van minderwaardigheid en depressie kunnen het gevolg zijn. Interviews in onderzoeken maken dit duidelijk. 

De metafoor van de baarmoeder en het geboren worden kent in de bijbel ook een pendant in de persoon van Mozes waarover wordt gezegd dat hij door erbarmen bewogen werd, net zoals God hiervan getuigenis aflegt over zijn eigen erbarmen. Erbarmen hebben komt van baarmoeder. God als barende God, God die zich tot in het diepst van zijn baarmoeder(s) het lot aantrekt van het volk van Israël. En Mozes in zijn voetsporen als leider van dit volk wordt ons als model voorgehouden. Zoals terugkeert in het verhaal van de barmhartige Samaritaan. Wat doet deze, hij door erbarming bewogen, neemt de gewonde man mee en zorgt er ook materieel voor dat deze goed kan herstellen. Hij schept de voorwaarden voor dit herstel en hij staat aan het begin ervan. Hij zorgt er als het ware voor dat het slachtoffer van een misdaad opnieuw in dit leven geboren kan worden. Hij is dus door zijn erbarmen letterlijk baarmoeder. Zo zou je God ook als baarmoeder kunnen beschrijven en de theoloog of de pastor een soort van kraamhulp.

Nou werk ik zelf in de Studentenkerk van de Radboud Universiteit te Nijmegen in een gebouw dat door de Zusters onder de Bogen (1966) werd gebouwd als opleidingscentrum voor vroedvrouwen. Als de pastor al een soort maieutisch proces op gang kan brengen bij studenten om in hen zelf iets te ontdekken van een nieuwe geboorte, een zelf dat thuiskomt bij zichzelf, dan zit ik hier wel goed op mijn plaats. Het opschrift op de klok in onze klokkentoren luidt: ‘tempus locusque coalescendi’, tijd en plaats om samen te groeien. Samen groeien, opgroeien en uitgroeien tot mensen zoals we bedoeld zijn. Een zelf dat zichzelf heeft gevonden en ontdekt en dat weet heeft van een bestemming in dit leven, een doel dat het leven zinvol maakt. Of in religieuze termen anders uitgedrukt voor hen die in de religie zoekende zijn: een leven om opnieuw geboren te worden. Zoals dat idee wordt aangeprezen door de Duitse middeleeuwse mysticus Meister Eckhart die oproept om Christus in ieder van ons geboren te laten worden. Misschien en waarschijnlijk, en dat geeft openheid en levensvreugde, is ons leven wel een lange aaneensluiting van nieuwe geboortes. Wie weet waar we uiteindelijk zullen eindigen. Op hoop van zegen.

John Hacking

6 november 2020

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.