kennis in een virtuele wereld

 

Kennis in een virtuele wereld

Een verkenning

Wat is kennis? Als je deze vraag stelt stel je eigenlijk ook meteen de vraag naar het waarheidsgehalte van kennis voor het subject. Wanneer is iets waar voor mij? Wat is ware kennis in deze zin? Het stellen van de waarheidsvraag maakt duidelijk dat kennis niet gelijk hoeft te zijn aan waarheid, maar dat kennis die voor mij belangrijk is wel met waarheid te maken heeft, want anders is kennis als vorm van onwaarheid valse kennis, kennis die mij op het verkeerde been zet of op de verkeerde weg. Onware kennis is kennis die niet waar is, het is kennis gekleurd door fantasie, verbeelding, inbeelding en projectie. Het is een weten dat in de werkelijkheid om het even is omdat het vervangen kan worden door om het even wat voor kennis. Onware kennis is inwisselbare kennis. Ware kennis is niet inwisselbaar voor iets anders zonder de waarheid ervan geweld aan te doen. Niet inwisselbaar en onvervangbaar dus is deze ware kennis. Kennis is zoals boven reeds gezegd kennis voor een subject, kennis die het subject als zodanig kan bezitten, aanwenden en toepassen. Is er ook ware kennis zonder dat er van een subject, een kennend subject sprake is? Dat zou misschien best kunnen maar kennis veronderstelt een kennend en oordelend subject. Zonder dit subject is het onderscheid tussen waar en onwaar illusoir want voor wie of wat geldt dit dan. Voor het subject is waarheid dus een thema gerelateerd aan kennis. Als we het hier over eens zijn kan de volgende vraag gesteld worden: wat is kennis in de virtuele wereld? Daarmee doemt meteen de wereld op die wij de reële niet virtuele wereld noemen. Deze reële wereld is de wereld van het subject die wij boven met ware kennis op het oog hadden. De virtuele wereld maakt ook deel uit van de reële wereld maar heeft toch een eigen karakteristiek binnen de reële wereld. Zij heeft zich als het ware losgezongen van de realiteit van alledag en het alledaagse beleven van de buitenwereld om ons heen, omdat ze qua inhoud een eigen waarheidsdomein heeft. Een waarheidsdomein dat gekenmerkt wordt door eigenschappen die in de reële wereld zo niet gelden omdat de werkelijkheid van internet vooral een computer gerelateerde werkelijkheid is. Hoewel de computer en internet deel uitmaken van onze beleefde en reële werkelijkheid is hier toch iets eigenaardigs aan de gang. De wereld van de virtualiteit biedt weinig of slechts een beetje zekerheid over het waarheidsgehalte van onze kennis omdat zichtbaar wordt dat elke vorm van kennis ook het gevolg kan zijn van manipulatie. Het feit dat wij met iedereen via internet verbonden kunnen zijn, dat wij knooppunt zijn in een netwerk van kennis-doorgave, dat wij kunnen ontvangen en kunnen zenden wat wij willen, geeft ons geen echte garantie dat de ontvangen en gezonden kennis ook waar is. Wij kunnen haar wel voor waar houden, we kunnen zekerheden en toetsmomenten inbouwen maar we hebben geen zekerheid. Nou is dat in de reële wereld ook relatief en is veel kennis gebaseerd op de intersubjectieve uitwisselingen en gezamenlijke en toetsbare controles. Maar er is een grens, een moment waarop wij kennis het waarheidsstempel kunnen opdrukken of onthouden. In de virtuele wereld is dit veel moeilijker omdat de virtualiteit het moeilijk maakt echt van onecht te onderscheiden. Het meest pregnant komt dit ten uitdrukking in de wereld van de film. Deze tovert ons een werkelijkheid voor die wij misschien graag zouden geloven maar die van voren tot achter bestaat uit constructie van beelden met een bepaalde snelheid, met een bepaalde duur, met een inhoud die via de camera of anders is opgenomen en gemonteerd. De montage naast de opname ondergraven de claim dat hier een weergave van de werkelijkheid zoals die wordt aangetroffen weergegeven wordt. Dat is misschien de intentie van de maker, de filmer, de regisseur, maar het eindproduct is een maaksel, een selectie, een keuze uit de werkelijkheid die zich aandient en die gefilmd wordt vanuit een optiek. Hetzelfde is het geval in de wereld van internet. De hoeveelheid informatie is zo overstelpend dat de gebruiker (hij kan niet anders) noodgedwongen moet kiezen. Dat is niet altijd de beste keuze, niet altijd een keuze die ware kennis oplevert die nuttig en bruikbaar is in het dagelijkse leven. En de gebruiker heeft door de enorme hoeveelheid van kennis die hij nooit kan overzien ook geen instrumenten om de waarheid van de opgedane kennis zo te toetsen dat ze aanspraak kan maken op geldigheid en duur. Relativiteit van de waarheid van kennis is het kenmerk van de virtuele werkelijkheid. Misschien drukt dit feit ons ook met de neus op de werkelijkheid buiten de virtualiteit waarin dit eigenlijk ook geldt; maar als subject willen we dit niet waar hebben omdat we nog altijd uitgaan van een zekere mate van autonomie in onze constructie van onze werkelijkheid. Deze autonomie is natuurlijk ingeperkt door onze beperkte waarnemingsvermogens en ons oordeelsvermogen dat relatief is, maar we dekken onze claims op waarheid intersubjectief af en als velen dezelfde mening zijn toegedaan kunnen we ons beroepen op een zekere mate van waarheid. Het herhaalbare experiment is in de exacte wetenschappen een onderbouwing van die claim maar in de menswetenschappen zijn deze experimenten niet zo makkelijk in te voeren of te doen. Hier is de basis voor waarheidsclaims toch het intersubjectief handelen. Binnen gebracht in de virtuele wereld van internet verliest het subject echter vaste grond onder de voeten. Intersubjectiviteit geldt hier nog maar in beperkte mate. Want wie geeft je de garantie dat het subject aan de andere kant van je verbinding dezelfde intenties heeft dan jij. Misschien speelt hij wel een spel en wil hij jou doen geloven dat je ware kennis in handen hebt maar is het puur gefingeerde kennis, pure manipulatie van gegevens om jou te overtuigen. In de virtuele wereld werken onze zintuigen niet zoals wij die kunnen inzetten in de reële wereld. We moeten het doen met ons lees/kijkvermogen, ons verstand en onze rationele overwegingen. We zitten in een soort van kunstmatige situatie, achter een scherm, gekluisterd aan een toetsenbord en muis om de kennis te zoeken en tot ons te nemen. De computeromgeving kleurt de wijze waarop wij met kennis omgaan, hoe wij kennis ontvangen en opslaan, doorgeven en verwerken. Net zoals de auto onze beleving kleurt als wij met een bepaalde snelheid door het landschap scheuren. Die wijkt af ten aanzien van de wijze waarop wij ons voortbewegen als we te voet zouden gaan. De auto en het gebruik maken ervan kleurt dus onze waarneming, zo kleurt ook de computer en het internet onze waarneming van de werkelijkheid die wij virtueel verkennen en tot ons nemen. Maar dat is niet het enige. Virtualiteit wil zeggen dat de wereld van mogelijkheden bijna onbeperkt lijkt en in werkelijkheid nog steeds aangroeit. Kennis in deze virtuele wereld is bijna eindeloos, zo groot dat wij nooit in staat zullen zijn om haar via ons lichaam te bevatten en te combineren. Zij is overweldigend, ons overstijgend, ons achterlatend in een soort van dilemma. Gebruik maken van delen van deze kennis heeft daarom altijd ook iets van manipulatie omdat de geselecteerde delen van die kennis ook willekeurig kunnen zijn zonder bewijsvoering, zonder waarheidsclaim zoals wij die kennen in de reële wereld buiten de virtualiteit. Als kennis in de reële wereld van en voor mij is, in de virtuele wereld is het omgedraaid en worden wij deel van de kennis omdat anderen onze bijdrage oppakken, benutten, verwerken en inzetten voor hun eigen doeleinden. Er vindt een soort van omkering plaats. Wij worden object van kennis voor anderen subjecten die gebruik maken van de mogelijkheden van internet en wij doen het zelfde voor onze eigen doeleinden met andere subjecten en hun bijdrage. Onware kennis die in de reële wereld inwisselbaar is, is in de virtuele wereld een mogelijkheid. In de virtuele wereld is elke kennis inwisselbaar, verwisselbaar, inruilbaar en vervangbaar. Daarmee is de waarheidsclaim van deze kennis ondergraven en kunnen we niet meer spreken van ware kennis. Alle kennis is nu mogelijke kennis geworden, relatief en beperkt, inwisselbaar en vervangbaar door andere en soms betere kennis. Om te kunnen werken met deze kennis kunnen we de waarheidsclaim niet meer zo vast verbinden met deze kennis als wij gewend waren in de reële wereld. Alles wordt zo hypothetisch en is hypothese. Alles krijgt een beperkte geldigheid en houdbaarheid. In feite wordt in de virtuele wereld het einde van het subject aangekondigd omdat alle kennis omtrent dit subject relatief wordt. De claim op waarheid met betrekking tot de kennis van het subject wordt hier niet meer onderbouwd want deze kan niet meer worden onderbouwd door de toevloed van mogelijke kennis. Alle begrippen, elke vorm van taal wordt bevraagd, onze wijze van communiceren via de virtuele mogelijkheden maakt communicatie die uit is op waarheidsvinding heel erg lastig. Er zijn nog geen nieuwe standaards, er zijn nog geen referentiepunten binnen de virtuele wereld die de claim op waarheid in deze virtuele wereld ondersteunen. We vallen nog altijd terug op referenties buiten de virtualiteit, dus terug op steunpunten in de reële wereld. We kunnen momenteel niet anders. Fraude in de wetenschap, ongeoorloofd gebruik van bronnen komen we alleen op het spoor als er in de reële wereld nog levende getuigen zijn in de vorm van papieren boeken die getuigenis afleggen van een eigen waarheid: de waarheid dat de tekst eens op dit papier is gedrukt. Zouden we enkel digitale getuigenissen hebben, dan hebben we geen enkele zekerheid dat deze ook niet gemanipuleerd zouden kunnen zijn door een machtige manipulator die hier belang bij heeft. Het feit dat wij in Nederland nog in het stemhokje stemmen met het rode potlood, dat de formulieren van papier zijn en met de hand worden geteld spreekt boekdelen. De Nederlandse overheid heeft dus te weinig vertrouwen in de veiligheid en het bewaren van gegevens zonder mogelijkheid van manipulatie op internet. Zal die veiligheid en vooral die zekerheid er ooit komen? Zal zekerheid waarheid zijn zoals wij die nog relatief kennen buiten de virtuele wereld? Wie zal het zeggen. De toekomst zal het uitwijzen.

John Hacking
22 okt 2012