Idolatrie: idool en leegte…

Overweging 29 mei 2022 Studentenkerk Nijmegen Radboud Universiteit

Objets trouvés

Welkom

Moge de Barmhartige in ons werken, elke dag weer.

Beste mensen welkom in deze viering 3 dagen na Hemelvaart.

Jezus is aan het oog onttrokken, teruggekeerd naar de Vader.  De leerlingen blijven verweesd achter. Zij moeten opnieuw hun weg  in dit leven zoeken, hun plek, hun houvast. En hun roeping ontdekken. Maar ze staan niet met lege handen, ze hebben de herinnering, en zij ontvangen de Geest die hen hierbij zal helpen.  Zich herinneren, terugdenken aan wat is gebeurd en beseffen waar het om draait daar komt het nu op aan en dat blijft niet zonder gevolgen.  Daarom zitten wij nu hier bij elkaar. 2000 jaar later.

Maar het ging natuurlijk niet vanzelf. Toen deze teksten werden opgeschreven zaten we al veel verder in de tijd: ook deze teksten uit het evangelie  zijn vrucht van herinnering. Er liggen heel wat jaren tussen het verdwijnen van Jezus en je zou kunnen zeggen het begin van de christelijke bewegingen.  En er volgen nog veel eeuwen van vervolging, van achterdocht door de overheid. Sommige romeinse keizers beschouwden de christenen als terroristen,  als je de woorden van de kerkvader Tertulianus mag geloven,  omdat ze niet meededen in het Romeins systeem en ook niet de keizer  als een soort God vereerden.

Wie volg je? God of de mammon, God of de Keizer, de Koning, de president?  Dat is een vraag die ook nu nog actueel is.  Inwoners van dictatoriaal bestuurde landen kunnen daarover meepraten. Nog altijd sterven er velen voor hun geloof of rotten soms weg in kerkers. De lijst van martelaren is lang, zeer lang. Titus Brandsma is in onze tijd hieraan toegevoegd, hij stierf zonder de vijand naar de mond te praten.

We lezen vandaag uit Samuel en uit Johannes.  Over de wens van het volk dat een koning wil van vlees en bloed. En over de belofte van Jezus dat hij de via de Vader  de Geest van de waarheid zal schenken.

Overweging

Misschien hebt u zich wel afgevraagd wat dit gekke object  op de voorkant van het boekje moet – die kistjes die hier voor u staan? Ik zal het u verklappen: het is mijn visie op de wereld.  Objets trouvés, gevonden voorwerpen, bij elkaar gebracht in deze kistjes. Een wereld op zich, een wereld vol verwijzingen, tekens, betekenissen. Wat ik vooral hiermee wil uitdrukken is dat de wereld veelduidig is. Als ik zeg: in de wereld, op de wereld, voor de wereld, tegen de wereld, aan de wereld, met de wereld, kan ik het telkens over een andere wereld hebben. Wat is de wereld, wat is mijn wereld, wat is onze wereld?  Wat is de wereld van Jezus en hoe hangt die samen met onze wereld?

Wat is dat eigenlijk wereld? Komen we daar ooit uit?  Vaak gebruiken we metaforen om onze wereld te beschrijven. We kijken vaak met andere brillen naar onszelf en naar de wereld.  Want leven we niet allemaal geestelijk grotendeels in verschillende werelden? We hebben taal om te communiceren, we vermoeden  en hopen dat wij elkaar verstaan. Soms gaat het goed, maar vaak gaat het mis.  Oorlog is daarvan een goed bewijs. Oekraïne en Rusland maken het zichtbaar.

Ook onze lezing uit Samuel is daarvan een goed voorbeeld.  Het volk wil een koning van vlees en bloed. Ze hebben te weinig aan God als hemelse koning. Ze willen iets tastbaars, iets om te zien, om aan te raken. Met alle pracht en praal, alle glitter en glorie. Een koning met macht, gezag. Ze krijgen Saul, Sja-oel, letterlijk afgebeden van God. Dat blijkt geen succes. Saul ontaardt. Hij vliegt uit de bocht en wordt een tragische figuur.  Ik zal u ook vertellen waarom.

Mijn sabbatperiode was er een van brillen opzetten.  Telkens andere brillen, andere auteurs om naar God te kijken. God in de leegte. In het essay dat ik tijdens mijn sabbat schreef citeer ik de theoloog Jean-Luc Marion. Hij maakt onderscheid tussen idool en ikoon. De ikoon verwijst, is transcendent naar een realiteit achter de ikoon. De ikoon openbaart zo iets van Gods glorie. Je ziet wel een buitenkant, maar dat is slechts een opstapje, een verwijzing naar wat er achter schuil gaat. De ikoon kan je dus bij de hand nemen, om verder dan je neus lang is te kijken. Vooral op het religieuze en zingevingssterrein is dat van belang.

Bij het idool, denk bijvoorbeeld aan het gouden kalf, krijg je wat je ziet. Meer is er niet. Er is geen verwijzing, alles wat er is zie je, is tastbaar. Geen transcendente verwijzing, geen realiteit achter het idool.  Ook de koning van vlees en bloed kan zo’n idool zijn of worden. De koning, de keizer, de president: ze openbaren hun status door het bouwen  van paleizen, hoge deuren, veel goud, stijve soldaten aan de deuren. En iedereen mag buigen, mag eerbied betonen. Wat daar zit een machtig iemand. Allemaal buitenkant, allemaal nep, allemaal glitter en kitsch.

Als de koning, de keizer, de president denkt te moeten samenvallen met zijn  uitstraling, zijn macht, zijn status, en dus hierop staat, hierop hamert, dan verdwijnt zijn menselijkheid langzaam achter het masker van zijn ambt. We zagen dat bij Hitler gebeuren, wij zien het nou bij Poetin, Erdogan, Xi Jinpin,  Orban, Trump gebeuren…de vijand is opeens geen mens meer: Oekraïners, Koerden, Oeigoeren, niet-westerse vluchtelingen, Zuid-Amerikanen…

En velen volgen de grote leider, het symbool van macht en status,  de zogenaamde redder van het vaderland, trots van het moederland…. Idolatrie heet dit verschijnsel: het idool aanbidden, gehoorzamen, bevel=bevel. We weten uit de bijbel hoe dit uiteindelijk afloopt. Onze samenleving zit vol met idolatrie: heldenverering, voetbalgoden, filmsterren, influcencers, het grote geld, het snelle geld, gok- en kansspelen, drugsgebruik, het is nooit genoeg, altijd maar meer en meer. Maar de afgrond, de leegte is nabij. Dat laat het lot van koning Saul zien. Verderop in het verhaal.

In het evangelie van Johannes klinkt een totaal ander geluid.  Hier geen aanbidding van de macht, maar een tekst vol metaforen.  Jezus die in zijn leerlingen aanwezig blijft en zij in Hem.  Wat is de betekenis van dit woordje ‘in’?  Het is niet letterlijk te nemen vermoed ik, hoewel we via de eucharistie daar wel een vorm voor hebben gevonden.  Dat ‘in’ is metaforisch bedoeld, en staat gelijk aan liefhebben en  liefhebben staat weer gelijk aan de geboden volgen, zich eraan houden. De geboden zijn een houvast, ze zijn de weg van de liefde, de ikonen  die naar God verwijzen, naar Jezus, naar de Geest van de Waarheid die de wereld, de wereld van de idolatrie niet kent.

Maar wat is een metafoor, waaruit bestaat zijn waarheid?  De filosoof Hans Blumenberg noemt de waarheid van de metafoor een vérité à faire, eenwaarheid om te doen.  Bij het idool krijg je wat je ziet. Meer is er niet. Je ziet de kale macht  en dat is het dan en de confrontatie met die macht is meestal niet prettig. Alle glans en glorie kan dat niet verhullen. Navalny kan erover meepraten.

Bij de ikoon wordt je ondersteund om verder te gaan, om de waarheid  van de metafoor in je eigen leven te ondergaan, door de metafoor  handen en voeten te geven, waar te maken. Dat is waartoe Jezus ons oproept. Niet kletsen over het geloof, over naastenliefde, over trouw aan God. Maar doen, uitvoeren, werken, concreet doen wat nodig is. Vanuit je geloof. Vanuit je vertrouwen, vanuit je persoonlijk zijn en staan in deze wereld. We hebben als leerlingen niks te verliezen, we hebben een wereld te winnen. Het is aan ons om tegen alle idolatrie in de andere weg te kiezen.  Moge het zo zijn.

John Hacking 29 mei 2022


Gelezen- 1 Sam 12, 19-25

De Nieuwe Bijbelvertaling

Ze vroegen Samuel: ‘Bid voor ons, uw dienaren, tot de HEER, uw God, dat we niet hoeven te sterven. Want we hebben al zoveel verkeerd gedaan, en nu hebben we het nog erger gemaakt door om een koning te vragen.’ ‘Ook al hebt u gezondigd,’ antwoordde Samuel, ‘u hoeft niet bang te zijn zolang u de HEER maar trouw blijft en hem met heel uw hart toegedaan bent. Dwaal niet af om achter iets aan te lopen dat niets oplevert en niet bevrijdt, omdat het niets is. 

Ter wille van zijn grote naam zal de HEER zijn volk immers niet in de steek laten, want hij heeft zelf besloten om u tot zijn volk te maken. En hetzelfde geldt voor mij: ook ik moet niet zondigen tegen de HEER en ik moet zeker niet ophouden voor u te bidden en u het goede en rechte pad te wijzen. Dus: heb ontzag voor de HEER en wees hem oprecht, met hart en ziel toegewijd. U hebt immers zelf ervaren welke grootse daden hij voor u heeft verricht. Maar als u volhardt in het kwaad, zal het met u en met uw koning gedaan zijn.’


Gelezen- Johannes 14, 15-26

De Nieuwe Bijbelvertaling

Als je mij liefhebt, houd je dan aan mijn geboden. Dan zal ik de Vader vragen jullie een andere pleitbezorger te geven, die altijd bij je zal zijn: de Geest van de waarheid. De wereld kan hem niet ontvangen, want ze ziet hem niet en kent hem niet. Jullie kennen hem wel, want hij woont in jullie en zal in jullie blijven. Ik laat jullie niet als wezen achter, ik kom bij jullie terug. 

Nog een korte tijd en de wereld zal mij niet meer zien, maar jullie zullen mij wel zien, want ik leef en ook jullie zullen leven. Dan zul je begrijpen dat ik in mijn Vader ben, dat jullie in mij zijn en dat ik in jullie ben. Wie mijn geboden kent en zich eraan houdt, heeft mij lief. Wie mij liefheeft zal de liefde van mijn Vader en mij ontvangen, en ik zal mij aan hem bekendmaken.’ Toen vroeg Judas (niet Judas Iskariot) aan Jezus: ‘Waarom zult u zich wel aan ons, maar niet aan de wereld bekendmaken, Heer?’ Jezus antwoordde: ‘Wanneer iemand mij liefheeft zal hij zich houden aan wat ik zeg, mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen. Maar wie mij niet liefheeft, houdt zich niet aan wat ik zeg, en wat jullie mij horen zeggen, zijn niet mijn woorden, maar de woorden van de Vader door wie ik gezonden ben. Dit alles zeg ik tegen jullie nu ik nog bij jullie ben. Later zal de pleitbezorger, de heilige Geest die de Vader jullie namens mij zal zenden, jullie alles duidelijk maken en alles in herinnering brengen wat ik tegen jullie gezegd heb.


Hans Blumenberg, Paradigmen zu einer Metaphorologie, Frankfurt am Main 1998 (Suhrkamp Verlag)

Die Wahrheit der Metapher ist eine vérité à faire

Was die Welt eigentlich sei – diese am wenigsten entscheidbare Frage ist doch zugleich die nie unentscheidbare und daher immer entschiedene Frage

Das empirische Pathos der neuzeitlichen Erkenntnishaltung täuscht leicht über den strukturellen Sachverhalt hinweg, das die schlichte Frage, wie die Welt aussieht, und ihre Umsetzung in Deskription nur den Vorspann forschender Aktivität, die >Weinlese< in Bacons Sprache, bilden können; die regulierende Frage im Prozess der Forschung ist dann vielmehr die, ob die Welt gerade so aussieht, wie sie im  konstruktiv immer vorgreifenden Akt der forschenden Vernunft entworfen wurde

Die Verwandlung von Phänomenen in Produkte ist die essentielle Prozessstruktur der Technizität des neuzeitlichen Geistes.